InterviewLucas Waagmeester

Buitenlandcorrespondent Lucas Waagmeester: ‘Ik heb de mazzel dat ik niet snel van mijn stuk ben’

Lucas Waagmeester: ‘Als journalist in Turkije moet je soms naar het gevaar toe.’Beeld Frank Ruiter

Wat zijn dit voor vragen? Naar aanleiding van zijn boek over zijn tijd als Turkije-correspondent, zeven dilemma’s voor journalist Lucas Waagmeester. 

Schrijven of filmen?

‘Filmen. Als journalist wil je dat je werk niet alleen gesnapt wordt, maar ook gevoeld. En met één raak shot kun je zo veel overbrengen: sfeer, kleur, emotie, informatie.

‘Voor Nieuwsuur maakte ik een reportage bij de grensrivier tussen Turkije en Griekenland, waar veel migranten oversteken. Velen komen daarbij om het leven, want de rivier stroomt snel en de bootjes zijn gaar. Ik ontmoette een patholoog-anatoom die probeerde de identiteit van die mensen vast te stellen. Hij deed een deurtje open van een vrieskist en daar rolde een brancard uit. Daarop lag een zak die hij wilde openritsen. Doe maar niet, zei ik - op tv kun je geen half vergaan lichaam laten zien.

‘Dat shot sneed vervolgens naar een wijd beeld van die rivier. Het was zeikend weer, je zag de beregende oevers. Het waren maar een paar beelden, maar je voelde meteen: dit is helemaal mis. 

‘Volgens mij is de scène in mijn boek, Op drift, ook goed gelukt, maar daar had ik toch best veel woorden voor nodig. Waarom ik desondanks een boek heb geschreven? Ten eerste omdat ik dit in mijn eentje kon doen. Ik had ook een documentaireserie willen maken, maar dat is een kostbare onderneming waar je anderen bij nodig hebt.

‘Ten tweede omdat de afgelopen periode in Turkije, waar ik correspondent ben voor de NOS, zo heftig was. Turken van tachtig zeiden tegen me: ‘De laatste zes jaar waren absurd.’ Bomaanslagen, de vluchtelingencrisis, de gevolgen van de oorlog in Syrië, de mislukte coup, de ontmanteling van de democratie. Die verhalen wilde ik vertellen.’

Heroïsch of onbezonnen?

‘Je hebt journalisten die een lijk zien en daarvan drie maanden moeten bijkomen. Ik heb de mazzel dat ik niet snel van mijn stuk ben. Maar ik voel me zeker niet heroïsch.

‘Onbezonnen ben ik ook niet. Zoals mijn vroegere baas bij de NOS zei: ‘De meest nutteloze verslaggever is een dode verslaggever.’ Mijn gezondheid gaat altijd voor het verhaal.

‘Maar als journalist in Turkije moet je soms naar het gevaar toe, dat is waar. In het begin van mijn boek schrijf ik dat ik met mijn vrouw bij een diner in Istanbul was, toen we een immense dreun hoorden. Ik rende naar het balkon, zag mensen wegrennen en hoorde daarna schoten, veel schoten. Vlak daarna hoorde ik een tweede bom en wist ik: dit is een aanslag.

‘Je journalistieke instinct zegt dan: kijken. Mijn vrouw vindt dat niet altijd leuk. Ze toetst dan of ik er goed over heb nagedacht. Niet door vragen te stellen, maar door op een bepaalde manier naar me te kijken. In dit geval ben ik wel gegaan. Zoiets beslis je op gevoel, je hebt geen tijd om een checklist met voors en tegens af te vinken.

‘Dichtbij het gevaar zie je informatie waardoor je later betere beslissingen kunt nemen. Zo zag ik dat de slachtoffers van de aanslagen vooral politieagenten waren, een vast doelwit van de PKK. En omdat de PKK altijd geïsoleerde aanslagen pleegt, wist ik dat mijn vrouw en ik later op de avond rustig naar huis konden lopen.’ 

PKK: militanten of terroristen?

‘Ze zijn het allebei. De PKK, die in Turkije strijdt tegen de onderdrukking van de Koerden, pleegt aanslagen, waarbij de afgelopen vier decennia zo’n 30 duizend doden zijn gevallen, onder wie burgers. In die zin zijn het terroristen. Maar het is ook een gewapende, niet-statelijke groep. En dat noem je een militie.

‘De keuze tussen deze twee woorden is in Turkije onder Erdoğan een verzengend woordenspel geworden. Debat is niet meer mogelijk. Wie de PKK een militie noemt, is ze volgens de staat aan het vergoelijken en kan om vijf uur ‘s ochtends van zijn bed worden gelicht. Mede om deze reden zijn duizenden journalisten opgepakt.

‘Ook buitenlandse verslaggevers lopen gevaar. De correspondent van The Wall Street Journal was drie dagen zoek en is vervolgens het land uitgezet. Ik had het gevoel dat ze ook actie tegen mij konden ondernemen. In de grootste regeringskrant werd ik met naam en toenaam genoemd als iemand die propaganda maakt voor de PKK - ik had een PKK-militant in het Journaal aan het woord gelaten. Daarop nam ik thuis voorzorgsmaatregelen: informatie die naar mijn bronnen kon leiden, heb ik vernietigd.

‘Hier op de Turkse ambassade in Nederland zat iemand mee te tikken met de kruisgesprekken die ik voerde op het NOS Journaal. Ik vertelde eens dat de Turkse rechtsstaat dood was, omdat rechters die de lijn van de regering niet volgden, werden overgeplaatst of ontslagen. Direct daarna belde het Turkse ministerie van Binnenlandse Zaken. Ik kreeg een ongenadige uitbrander. ‘Wie denk je wel niet dat je bent? Wij geven jou een perskaart en jij verkondigt vervolgens leugens over ons?’’

Journalist in een ontwikkelingsland of ontwikkeld land? 

‘Ontwikkelingslanden. Omdat daar beduidend minder camera’s op gericht staan dan op de ontwikkelde landen. Toen ik vanuit Oost-Turkije of Pakistan verslag deed, dacht ik vaak: als ik hier niet ben, bereikt dit verhaal de Journaal-kijker niet.

‘In andere culturen voel ik me senang. India, waar ik correspondent ben geweest, is een parallel universum. De grootste Indiase politici, filmhelden, sporters; we hebben nog nooit van ze gehoord. Er zijn zo weinig raakvlakken dat het helemaal geen zin heeft om te zoeken naar een houvast. Dat geeft rust. Op een markt in Mumbai doe ik mijn handen in mijn zakken en laat ik alles over me heen komen.

‘Nu ik volgende maand correspondent in Amerika word, voel ik me een beetje een deserteur die zijn camera bij de Turken weghaalt om die neer te zetten bij de tienduizend camera’s die al op Washington gericht staan. Ik doe het toch omdat ik professioneel wil doorgroeien. In Turkije en India ging ik vooral op pad om reportages te maken. In Amerika zal ik vaak de politiek duiden.’

‘In andere culturen voel ik me senang.’Beeld Frank Ruiter

Joe Biden of Donald Trump?

‘Biden vind ik journalistiek niet zo interessant. Hij behoort tot het ingesleten deel van de Democratische Partij, is een exponent van de politiek van Bill Clinton en Barack Obama. Die tijd is even geweest. Twee andere stromingen zijn nu interessanter: de socialistische van Bernie Sanders en de nationalistische van Trump. Voor journalisten, en ook ramptoeristen trouwens, is het daarom interessanter als Trump wordt herkozen.

‘Ik volg Arjen van der Horst op en ga verslag doen met Marieke de Vries en producer Ryan Hermelijn. Vanwege Amerikaanse coronamaatregelen moeten mijn vrouw en ik twee weken buiten Schengengebied zijn geweest voordat we het land in mogen. Als dat in mei nog steeds zo is, gaan we daarvoor naar Londen. We moeten nog een huis zoeken in Washington en mijn spullen zijn al onderweg met de boot.’

Volksmuziek uit de Balkan of jazz uit New Orleans?

‘Volksmuziek uit de Balkan, het eerste gebied buiten West-Europa waar ik me in verdiepte, vind ik prachtig. Dat zijn oude vertellingen of melodieën die generaties lang overleven en steeds opnieuw worden uitgevonden. Afhankelijk van de veranderende instrumenten of sociaal-economische omstandigheden worden de nummers verdrietiger of opzwepender.

‘Maar ik kies nu voor jazz uit New Orleans. Toen ik me laatst met mijn vrouw zat te verkneukelen over het avontuur dat ons te wachten staat, zeiden we dat we de meeste zin hadden in de Amerikaanse muziekcultuur.

‘Een paar jaar geleden hebben we een muziekreis gemaakt, zijn we met een gehuurd autootje gereden van Washington D.C. naar Virginia, Tennessee, Mississippi en Louisiana. Dan zaten we in een oude stationsrestauratie in Nashville met lange tafels en een laag podium, waarop dagelijks een geniaal bandje stond. Ik kon wel janken van geluk.

‘Ik hou ook van bluegrass, vrolijk stuiterende countrymuziek met jazzy invloeden - banjo’s, een contrabas, altijd een viooltje. Weet je wie laatst een bluegrassalbum heeft uitgebracht? Tim Knol! Dat vind ik nou een topper en een sympathieke muzikant.’

Beeld Frank Ruiter

Gehecht of onthecht?

‘Zo, dit is een pittige. (Stilte.) Misschien vormt dit dilemma wel een van de grote tegenstrijdigheden in mij, al klinkt dit heel onbescheiden.

‘Ik hecht me zeker. Kijk maar naar de muziekstijlen waar ik van hou, die zijn geworteld in bepaalde culturen. Ik kan me ook niet voorstellen dat mensen een andere partner willen, al komt dat misschien omdat ik een heel leuke vrouw heb ontmoet.

‘Maar kijk je naar mijn leven, dan zou je ook kunnen denken dat ik onthecht ben. Als je dit werk doet, weet je: de meeste mensen die ik ontmoet, zal ik ooit weer moeten laten gaan. Dat vind ik ergens fijn: ik probeer voor de verveling uit te reizen, me te vermaken met nieuwe vriendschappen, nieuwe plekken, nieuwe indrukken.

‘Toch hoeven relaties niet te verwateren als je tienduizend kilometer bij elkaar vandaan woont. Mijn ouders komen soms een week langs. Ze slapen in ons huis, spelen met ons dochtertje. De relatie is daardoor misschien nog wel sterker dan als ik ze in Nederland eens in de maand een middagje had gezien.’

Lucas Waagmeester: Op drift - De ontwrichting van Turkije.

De Arbeiderspers, € 22,50. Verschijnt 21/4.

 Lucas Waagmeester

1978 Geboren in Alphen aan den Rijn

1998 School voor Journalistiek in Utrecht

2004 Redacteur Buitenland bij de NOS

2009 NOS-correspondent Zuid-Afrika

2011 NOS-correspondent India

2014 NOS-correspondent Turkije

2020 Boek Op drift - De ontwrichting van Turkije

2020 NOS-correspondent Verenigde Staten

Lucas Waagmeester woont vanaf volgende maand in Washington. Hij is getrouwd en heeft een dochter.

Meer over