Bono bij de kinderrechter

Bono (16) staat voor de kinderrechter, omdat hij wordt verdacht van onder meer straatroof. Er staat echter ook nog een voorwaardelijke straf open....

De zitting tegen Bono is 40 minuten onderweg, als de sfeer in de rechtszaal verandert. Bono (16) is een tiener met twee gezichten. Het ene gezicht is dat van een aardige, intelligente, sociale en energieke gozer, tegen wie de drie kinderrechters gewoon ‘jij’ zeggen.

Het andere gezicht is dat van een leugenachtige, egocentrische, gesloten, gevoelloze tiener, die zo overtuigd is van zijn eigen gelijk dat de oudste rechter behoorlijk kribbig wordt: ‘Denkt u niet dat de waarheid een beetje dichter bij uzelf ligt’, bromt hij.

U?

Bij de kinderrechter wordt de jeugdige verdachte getutoyeerd. Dat is een ongeschreven regel met een duidelijk psychologische achtergrond. Door te ‘jij-en’ maken kinderrechters de zitting minder formeel en dus minder zwaarwichtig. Maar belangrijker, ‘jij-en’ is persoonlijker, directer. Het is een signaal dat niet het delict centraal staat, zoals bij het volwassenenstrafrecht, maar de ontwikkeling van de jongen of het meisje zelf.

Bono’s toekomst zou er florissant uit moeten zien. Hij is de eerste in zijn familie die naar het havo is gegaan. Een slimme knul, zeggen de psycholoog en de jeugdpsychiater die hem onderzochten. Thuis is het rustig, na een periode waarin zijn vader vaak op reis was. Bono ziet er goed uit. Is sportief, heeft smaak voor hippe kleren. Al met al een mooie jongen.

Maar wel een met een strafblad wegens berovingen. En er is nog iets. Twee jaar geleden deed Bono, toen veertien, mee aan een groepsverkrachting in een kelderbox. De rechtbank veroordeelde hem destijds tot twaalf maanden jeugddetentie.

Bono ging in hoger beroep. Het gerechtshof veroordeelde hem daarop tot acht maanden jeugddetentie en legde een forse voorwaardelijke straf op: als Bono binnen twee jaar opnieuw in de fout zou gaan, moest hij ermee rekening houden dat de PIJ-maatregel (plaatsing in een jeugdinrichting) zou worden opgelegd. Ook hiertegen ging Bono in beroep. Het dossier ligt nu bij de Hoge Raad.

Vanmiddag moet Bono zich voor vijf zaken verantwoorden: (1) straatroof, (2) mishandeling, (3) vernieling bij een restaurant (4) maandenlang spijbelen, en (5) het niet kunnen tonen van een identiteitsbewijs.

Voor al die feiten zit hij nu 205 dagen in voorarrest. In die tijd zijn er vier rapporten over hem opgemaakt. Duidelijk is dat Bono in zijn opvoeding een vaderfiguur heeft gemist, schrijft de deskundige in het ene rapport. En hij heeft een gedragsstoornis die mede verklaart waarom hij flink agressief kan zijn, schrijft de ander. Z’n geweten is niet goed genoeg ontwikkeld, schrijft nummer drie. Hij moet leren meer verantwoordelijkheid te nemen voor zijn daden, schrijft nummer vier. Kortom, Bono is licht verminderd toerekeningsvatbaar, en er is een hoge kans dat hij zonder behandeling terugvalt in slecht gedrag. Wat te doen?

De psycholoog zegt: de PIJ-maatregel opleggen, een soort jeugd-tbs. De jeugdpsychiater zegt: PIJ, maar omdat het nu thuis goed gaat, is PIJ eigenlijk ook weer niet goed, dus dan wellicht intensieve gezinstherapie. De officier van justitie zegt: tot voor kort dacht ik PIJ, maar het is de vraag of je daar wel beter uitkomt. Bono’s advocate zegt: we hebben vier rapporten en die spreken elkaar op belangrijke punten tegen, waarna ze aan een vergelijking begint. Dit tot ergernis van de oudste rechter.

Bono zelf krijgt het laatste woord: ‘Van binnen weet ik wat ik allemaal mis.’

(Het vonnis, twee weken later: het opleggen van de PIJ-maatregel vinden de rechters een te zwaar middel. Bono krijgt twaalf maanden jeugddetentie, waarvan vijf voorwaardelijk. En hij moet in therapie bij een instelling voor forensische psychiatrie.)

Peter de Greef

Meer over