Aphrodite en Eros

HET IS EEN fabel dat de meeste mannen in het oude Griekenland een voorkeur hadden voor 'de Griekse beginselen' (om met Gerard Kornelis van het Reve te spreken), en dat ze met vrouwen van lichte zeden een inniger emotionele band hadden dan met hun wettige echtgenotes....

Dit soort praatjes is in het verleden ontstaan door eenzijdig en selectief gebruik van het beschikbare bronnenmateriaal. In specialistische literatuur over liefde en seksualiteit in de Oudheid treft men deze achterhaalde opvattingen tegenwoordig nauwelijks meer aan, maar in populair-wetenschappelijke en algemene werken duiken ze nog regelmatig op. Dat is de reden waarom Bruce S. Thornton er in zijn Eros - The Myth of Ancient Greek Sexuality nog weer eens tegen ten strijde trekt: hij wil óók voor een algemeen publiek schrijven, maar dan wel met kennis van zaken.

Thornton, als classicus verbonden aan de vakgroep vreemde talen van de California State University, heeft een meeslepend boek geschreven over een controversieel onderwerp. Hij schuwt het debat niet. In de eigenlijke tekst baseert hij zich weliswaar vrijwel uitsluitend op antieke literaire bronnen - hij schenkt in dat deel van zijn Eros slechts beperkte aandacht aan moderne theorieën en preoccupaties, die het zicht zouden kunnen belemmeren op wat de Grieken zelf dachten en zeiden. Maar in een beredeneerde bibliografie van zo'n 25 bladzijden geeft hij een kritisch overzicht van wat er de laatste jaren op het vakgebied is verschenen. En daarin wordt menige theorie als onhoudbaar verworpen of als een mythe ontmaskerd.

Zo keert Thornton zich tegen de door de Brit K.J. Dover in zijn invloedrijke Greek Homosexuality (1978) uiteengezette these over 'de Griekse beginselen'. Dover verkondigde de stelling dat de Grieken onverschillig stonden tegenover seksuele relaties tussen personen van hetzelfde geslacht, ja, zulke verhoudingen zelfs als volkomen normaal beschouwden, zolang als de betrokkenen bepaalde rituele conventies in acht namen - de jongere partner moest bijvoorbeeld door zijn oudere minnaar uitgebreid het hof worden gemaakt, de reputatie van de knaap diende te worden beschermd en hij mocht geen geld ontvangen voor de door hem bewezen diensten.

Dit is slechts een deel ven het verhaal, aldus Thornton. Het mag zo zijn dat in bepaalde kringen en in bepaalde perioden de door Dover beschreven situatie in de mode was, dat wil nog niet zeggen dat ze algemeen werd aanvaard en dat er geen tegengeluiden waren te horen. De meeste Grieken (inclusief apologeten van pederastie als Plato) gruwden bijvoorbeeld bij de gedachte aan anale penetratie van de ene man door de ander.

Thornton heeft overigens niet de pretentie gehad een geschiedenis te schrijven van de seksualiteit in Griekenland. Hij acht de daarvoor benodigde bronnen veel te gering in aantal en te verschillend van kwaliteit. Zijn Eros gaat niet over wat de doorsnee Griek 'werkelijk' deed, dacht en voelde op het gebied van liefde en seks, maar wat de (vaak fragmentarisch tot ons gekomen en door de elite geschreven) Griekse literatuur daarover zegt. Deze aanpak impliceert dat Thornton welbewust schilderingen op vazen, inscripties op steen en ander niet-literair bronnenmateriaal buiten beschouwing heeft gelaten. Sommigen zullen dat betreuren, maar, zo voert Thornton ter rechtvaardiging aan, niet dit soort bronnen, maar de Griekse literatuur heeft grote invloed gehad op de latere westerse cultuur. En om dat laatste is het hem onder andere begonnen.

De voortdurende vergelijking tussen heden en verleden vormt een van de aantrekkelijke facetten van Thorntons Eros, waarin we, behalve Aphrodite, Medea, Sappho, Plato e tutti quanti, ook Madonna, Marilyn Monroe en Buddy Holly ontmoeten. In tal van opzichten staan de Grieken van de Oudheid mijlen ver af van de door Verlichting en Romantiek beïnvloede moderne mens.

Het is dan ook volkomen terecht dat Thornton hierop sterk de nadruk legt, al chargeert hij, kennelijk vanwege het contrast, de verschillen soms te veel: alsof in de (literatuur van de) moderne wereld iedereen uitsluitend het ideaal van de romantische liefde nastreeft en er niet ook seks omwille van de seks bedreven wordt. Op dit punt maakt Thornton zich schuldig aan wat hij anderen verwijt: een te eenzijdige voorstelling van zaken.

Dit laatste neemt niet weg dat Eros - The Myth of Ancient Greek Sexuality een prachtig boek is geworden, niet het minst door de fraaie stijl waarin het is geschreven. Ook de opbouw, in de vorm van een tweeluik, is zeer geslaagd. In het eerste deel maakt de lezer kennis met de destructieve krachten die de godin Aphrodite en haar goddelijke metgezel Eros wisten te ontketenen - en passant raakt hij of zij vertrouwd met de vele grote en een aantal minder bekende namen waarop de geschiedenis van de Griekse literatuur in de periode van circa 700 tot 100 voor Christus kan bogen.

In het tweede deel laat Thornton zien hoe gepoogd werd, al dan niet met succes, Aphrodite en Eros te temmen. Een concreet voorbeeld om zijn aanpak verduidelijken. Wie de schone Helena alleen maar kent als de lichtzinnige vrouw van de Spartaanse koning Menelaos, een seksbom die maar al te graag inging op de avances van de Trojaanse prins Paris en daardoor de Trojaanse Oorlog op haar geweten had, kent haar maar half. Behalve de van Homeros en Aeschylos bekende femme fatale die vele mannen in het verderf stortte - háár ontmoeten we in het eerste deel van Thorntons boek - kende de Griekse literatuur nog andere Helena's, goddelijke - in Sparta werd zij, een dochter van de oppergod Zeus, vereerd als godin - en menselijke.

De Helena van de zesde-eeuwse dichter Stesichoros was sterfelijk. Toch had niet zij, maar haar schim de Trojaanse Oorlog veroorzaakt - de traditie wil dat Stesichoros zich aanvankelijk kritisch over Helena had uitgelaten, maar dat hij, door blindheid geslagen, later zijn woorden terugnam (en het licht in zijn ogen terugkreeg). De Helena van Isokrates en van Gorgias was evenmin als die van Stesichoros' herroeping slecht en verdorven - hoe kon dat ook? Iemand die mooi was, kon toch niet tegelijk slecht zijn? Leerde Plato niet dat het goede schoon is, en het schone goed? En de Helena van Euripides' gelijknamige toneelstuk was bijna even rechtschapen als de trouwe Penelope, die twintig jaar op de thuiskomst van Odysseus uit Troje had gewacht.

In Thorntons Eros komen zowel de lichte als de donkere kanten van liefde en seks in de Griekse literatuur aan bod. Het is een fascinerend boek.

Hans Teitler

Bruce S. Thornton: Eros - The Myth of Ancient Greek Sexuality.

Westview Press, import Nilsson & Lamm; 282 pagina's; ¿ 65,80.

ISBN 0 8133 3225 7.

Meer over