ColumnPeter Middendorp

Angst voor het virus en angst voor de maatregelen

null Beeld

Op straat liep ik laatst een buurman tegen het lijf, het hoofd laag tussen de hoog opgetrokken schouders. Hoewel het antwoord zich liet raden, vroeg ik: En, hoe is het?

Nou, zei hij, het drukt wel op mijn gemoedstoestand, hoor. Ja?, zei ik. Het virus? Nee, zei hij. De maatregelen. Ze maken me somber, zo langzamerhand. Alles dicht, je kunt nergens naartoe, de kinderen zijn eeuwig thuis, en het duurt allemaal zo afschuwelijk lang. Het gaat allemaal zo tergend traag.

Ja, zei ik, ik kende het. Maar ja, sinds de versoepelingen van vlak voor de verkiezingen rukt het virus weer lelijk op. De derde golf is in de maak. De Rutte-golf. De verkiezingscampagne-golf. De Rutte-wil-de-langstzittende-premier-van-het-land-worden-golf. Als onze naasten dadelijk sterven aan corona kunnen we ze troosten met de woorden: ‘Maar lieverd, jij bent er straks niet meer, maar Rutte nog wel.’

Ben je bang voor het virus, vroeg hij. Ja, zei ik. Best wel. Jij niet? Hij haalde zijn schouders op. Als alle maatregelen werden opgeheven, had laatst iemand berekend, zei hij, zouden er 140 duizend doden vallen. Was dat veel? Tja, dacht ik. Wat is veel? Dat ligt eraan. Als ze in onze provincie Groningen vallen, is het gigantisch. Vallen ze daarentegen in Zuid-Limburg, hoef je er op zichzelf niet veel van te merken.

We weten niet eens zeker of de maatregelen wel werken, zei hij. En er klopt ook lang niet altijd iets van. Zo’n avondklok – juridisch deugde die voor geen kanten, maar dan wordt er toch even snel een spoedwetje doorheen gejast. Ik ben bang dat dit de toekomst is. Dat we nog veel vaker in lockdowns zullen worden opgesloten.

Ben je bang voor de maatregelen, vroeg ik. Ja, zei hij. Best wel. Jij niet? Nu haalde ik mijn schouders op. Wat mij betreft, komt er een veel strengere lockdown, een echte, serieuze. Ja, wat mij betreft lockdownden we het aantal besmettingen kort en krachtig naar nul, met daarna de beloning, vrijheid en controle. Misschien zie ik iets over het hoofd, maar wie zou er in de toekomst nog lockdowns willen? Met welk doel? Welk voordeel? Volgens mij laat de bevolking zich niet veel langer meer binnenhouden. Als de risicogroepen zijn ingeënt, gaan waarschijnlijk zelfs de handhavers op het terras zitten.

Ik weet het niet, Peter, zei hij. Ik weet het ook niet, buurman, zei ik. We kunnen het ook niet weten, want we weten heel weinig, zeker als je het vergelijkt met wat we allemaal niet weten; absoluut weinig, relatief niets. Maar zolang de angst voor het virus en de angst voor maatregelen elkaar in evenwicht houden, blijven we nog wel even hangen in deze halfzachte, laffe lockdown, die alles en iedereen ongelukkig maakt, behalve het virus, en Rutte misschien.

Ik moet die kant op, zei hij. Ik wees de andere kant op. We knikten elkaar somber toe en gingen, weliswaar in angst verenigd, ieder ons weegs.

Meer over