Als vleesch

Is het toeval dat het Nederlands Visbureau juist nu aandacht vraagt voor de mossel (en de garnaal)? Immers, de R is in de maand en in de volksmond betekende dat vroeger dat het nu veilig mosselen eten is....

Zo'n campagne is niet nieuw. Citaat: 'Eet nú mosselen! Waarom? Omdat het zoo'n kostelijk voedsel is, dat in de Zeeuwsche wateren gewonnen wordt en bij aanvoer zoo goedkoop te verkrijgen is. Mosselen zijn rijk aan kalk, phosphor- en ijzerzouten en vitaminen, stoffen, die ons lichaam niet kan missen. Zij bevatten daarenboven zooveel eiwit, dat 1/2 kg mosselen (d.i. 110 g mosselvleesch) gelijk te stellen is met 75 g rundvleesch, iets wat men in dezen tijd niet vergeten mag.' Aldus het Voorlichtingsbureau van den Voedingsraad, in een foldertje uit 1940.

Het bureau: 'Men staat misschien wat vreemd tegenover een voedingsmiddel, dat men nog niet kent en dat er zoo anders uitziet, dan wat men tot nu toe gewend was. Het gebruik van mosselen zal velen echter meevallen, want mosselen zijn geheel als vleesch of in gerechten, die anders grootendeels uit vleesch bestaan, te verwerken (. . ).' Dus: in groentesoep, hutspot, bij koolraap, bieten, bij aardappelen en groente, in koolbladeren. En salade van gekookte mosselen, biet, zure appelen, andijvie, gekookte aardappelen, uitjes en augurkjes.

Een oorlog eerder schreef K.M.J. Catenius-van der Meyden Vischkookboek, Onze voornaamste Zoetwater- en Zeevisschen (1916), 'niet alleen ter aanmoediging van het vischverbruik, maar, vooral, ter bevordering van de Nederlandsche nijverheid'. Over mosselen: 'Een goedkoop voedsel, vooral in den duren oorlogstijd. Er worden veel mosselen uit Zeeland aangevoerd en deze, van regeerings- en van stadswege overal zeer goedkoop verkrijgbaar gesteld.'

Over mosselen koken: 'Eer men ze gaat koken, moet men ze in een emmer vol koud water werpen en ze goed omroeren, om ze te reinigen, daarna de schelpen met een mes afschrappen en ze vervolgens verscheidene malen in versch water afwasschen. Men zet ze in ruim water te vuur. Om te zien of de mosselen goed zijn, voegt men er een ui bij, die bij 't koken blank moet blijven. (. . .) Bij 't wasschen en in koud water laten staan van de nog niet gekookte mosselen, doet men zekerheidshalve, goed, ze lang (7 à 8 uren) in dat water te laten, dat men dikwijls moet ververschen.'

Uit Goede voeding in slechte tijden! van M.P. van der Knoop en W. Zeldenrust-de Jongh (1940), nog een mosselensla: 'De gaargekookte mosselen in hun geheel of fijngehakt vermengen met fijngesneden uitjes, augurken, stukjes hard gekookt ei, olie, azijn, peper en zoo noodig zout.'

Meer over