Allochtone kinderen net zo gezond als Nederlandse

Allochtone kinderen in Nederland zijn niet gezonder of ongezonder dan Nederlandse kinderen. Er bestaan wel grote verschillen, maar dat geldt ook voor etnische groepen onderling....

Van onze verslaggeefster

AMSTERDAM

Dit concludeert epidemioloog M. van der Wal. Hij promoveert binnenkort op een onderzoek naar de gezondheid van de jeugd in Amsterdam. Deze stad heeft met 64 procent de meeste allochtone kinderen van Nederland.

Van der Wal onderzocht de gezondheid van Turkse, Marokkaanse, Surinaamse, Antilliaanse en Nederlandse kinderen van nul tot veertien jaar. Ze kampen allemaal af en toe met gezondheidsproblemen, en dat kunnen zeer verschillende klachten zijn. Maar deze ziektes en kwaaltjes zijn bij de ene groep niet erger of minder erg dan bij de ander, stelt de onderzoeker.

Van der Wal rekent in zijn proefschrift af met de veronderstelling dat allochtone kinderen ongezonder zijn omdat hun ouders een minder rooskleurige economische positie zouden hebbben. Volgens de onderzoeker wordt de gezondheid van een kind juist door zijn culturele achtergrond bepaald.

Zo geven Turkse moeders vaker, en Surinaamse moeders juist minder vaak borstvoeding dan Nederlandse moeders. Het geven van borstvoeding is gunstig tegen infectieziekten. En allochtonen zouden over het algemeen gezonder eten dan Nederlanders.

Ook het hogere sterftecijfer onder allochtone kinderen verklaart Van der Wal met een culturele factor. Van de overleden allochtonen die jonger zijn dan veertien jaar, zouden verreweg de meesten zijn gestorven door een ongeluk of een infectie in het land van herkomst.

Op vakantie in het geboorteland zouden sommige allochtonen hun zuigeling te lang in de auto laten liggen. Door de lange reis raakt het kind oververmoeid en uitgedroogd.

Meer over