Thuis etenweekendrecept

Zelf je peren bestuiven – daar heb je geen bijen voor nodig. Het is wel een hoop gedoe

null Beeld Oof Verschuren
Beeld Oof Verschuren

Kookboekenmaker Yvette van Boven maakt een seizoensrecept en geeft suggesties om iets met de restjes te doen.

In het vroege voorjaar, toen de perenbloesem net bloeide, wachtte ik met smart op de bijen. Elke dag maakte ik een rondje door de tuin, maar het bleef doodstil. Het was gewoon niet warm genoeg; ze hadden nog totaal geen zin om te komen bestuiven.

Ik besloot toen zelf hun taak maar op me te nemen en depte dagelijks met een kwastje alle stuifmeel van mijn ene perenbloesem op de andere.

Intussen bleek mijn job als interimbij zijn vruchten af te werpen; langzaam verschenen er heel veel kleine peren aan mijn bomen. De zon scheen vrolijk, toen de tuin verder ook tot bloei kwam en ik goddank weer veel bijen zag ronddarren op mijn blije borders.

Lang dacht ik dat alle bijen in korven of bijenkasten woonden, waar imkers honing haalden in hun mooie beschermpakken en gieters vol rook, zodat ze bij de raten kunnen. Dat is maar deels zo; er bestaat ook nog zoiets als de wilde bij.

Laatst ging ik serieus peren plukken op een grote eco-boomgaard en zag ik steeds aan het begin van de paden een kratje vol riet- en andere gedroogde holle plantenstengels. Veel uiteindes waren dichtgemetseld met grijs cement, er hing nog net geen deurbel naast. Hier woonde de wilde bij, in dit geval: de metselbij.

De metselbij is de Bob de Bouwer onder de bijen: ze geeft niet om honing, ze bouwt: in de holle stengels laat ze haar kroost achter die ze met stuifmeel voedt. Ze sluit de stengels af met een beetje cement dat ze zelf met modder maakt.

De eigenaresse van de boomgaard verzamelt die metselbijencoconnen (goed scrabblewoord) aan het eind van het seizoen en bewaart ze veilig binnen tijdens de winter. In het voorjaar warmt ze haar bijenvolk op, zodat ze fris ontwaken en uitgebroed aan het werk kunnen als de perenbloesem er is. Scheelt een hoop gedoe met die kwastjes, zeker als het om zo véél bomen gaat.

U kunt dit overigens ook zelf doen: insectenhotels zijn overal te koop, maar u maakt ze makkelijk zelf door holle stengels (droge bramentakken, bamboe etcetera) in een kistje te stapelen en tegen de schutting te timmeren. Span er wijd gaas voor, want rovers (eksters en zo) lusten de bijenbaby’s ook graag. Zo helpt u de bestuivers (en dus uzelf) een handje.

Thuisgekomen van het peren plukken had ik wel direct zin in honing, dat komt van al die bijeninformatie. Met de peren ga ik binnenkort aan de slag, maar met honing weet ik meteen wel raat.

Maiskolven van de grill met geslagen feta en hete honing

Voor de hot honey

150 ml vloeibare honing

1 ruime theelepel chilivlokken (of meer naar smaak)

1 eetlepel appelazijn

Voor de geslagen feta

75 gram feta

50 gram dikke yoghurt (volle of Griekse)

Zwarte peper

en verder

4 maiskolven

2 eetlepels olijfolie

15 gram verse koriander, gehakt

Maak de hete honing.

Breng de honing met de chilivlokken in een kleine pan tot tegen de kook aan. Haal van het vuur en roer er de azijn door. Zet opzij.

Maal de feta in een keukenmachine helemaal glad. Pulseer de yoghurt in een paar slagen er door tot een gladde crème, maal er royaal peper boven. Bewaar op een bord.

Verwarm een grillpan of barbecue. Bestrijk de maiskolven met een lik olijfolie en gril ze op de hete grill mooi goudbruin en gaar.

Haal de kolven door de geklopte feta en druppel er meteen de pikante honingsaus over, bestrooi met koriander en kluif. Lekker hè, had u nou maar meer gemaakt.

Opmaaktip

De hete honing die overblijft is goddelijk op alles: giet hem maar eens over uw pizza met chorizo, nduja of salami, maar ook over eentje met kaas is-ie goed. Lekker op eigenlijk alles wat zout en hartig is. Heel verslavend. Bewaar in een schone pot buiten de koelkast.

Instagram: @yvettevanboven

Meer over