columnpeter de waard

Zou Philips nog weleens heimwee kunnen krijgen naar de tijd van het conglomeraat?

null Beeld

Dat beurzen nieuwe records breken als olympische atleten in een zwembad, is om twee redenen niet verbazend. Ten eerste is er voor beleggers geen alternatief voor aandelen nu de rente op vastrentende waarden negatief blijft en het bezit van crypto’s steeds onbehaaglijker aanvoelt.

Ten tweede stellen beursfondsen alles in het werk om hun aandeelhouders te paaien. De cijfers over het tweede kwartaal overtreffen de stoutste verwachtingen. Beursgenoteerde bedrijven weten niet wat ze met de superwinsten aanmoeten, omdat ze niet durven investeren. Dus geven ze het maar aan de aandeelhouders, tenslotte de eigenaren.

Maandag maakte zelfs Philips bekend voor 1,5 miljard euro eigen aandelen te gaan inkopen, waardoor de overblijvende aandelen meer waard worden. De in 2005 overleden eeuweling Frits Philips zal zich in zijn graf omdraaien. In de naoorlogse jaren, toen hij de grote baas was, gaf het bedrijf juist nieuwe aandelen uit om de ontwikkeling van nieuwe producten en de bouw van nieuwe fabrieken te financieren. Onder zijn leiding groeide Philips uit tot een conglomeraat dat op alle terreinen van de elektronica actief was. Het was met 400 duizend werknemers niet alleen de grootste werkgever onder de beursgiganten, het was met zijn NatLab ook de innovatiefste. Philips was tegelijkertijd het trekpaard en het paradepaard van de Nederlandse economie.

In de laatste drie decennia is Philips volledig ontmanteld. Het is nu een zorgtechnologiebedrijf. De huidige ceo Frans van Houten heeft daar bewust voor gekozen, omdat zorg in potentie een enorme groeimarkt is. Door de vergrijzing explodeert de vraag naar zorg. Tegelijkertijd stijgt het aantal mogelijkheden voor medisch onderzoek en medische ingrepen. Uiteindelijk streven mensen toch naar het eeuwige leven, al dan niet met eeuwig werk en een eeuwige liefde.

Maar zorg is ook een riskante markt. Miskleunen in de oude markten van Philips – een flop bij Polygram, een mislukte halfgeleider bij de semiconductors, een marketingfout bij de lancering van een nieuw apparaat zoals Video 2000 – hoefden niet fataal uit te pakken omdat andere divisies die tegenvallers konden opvangen. Maar Philips 2.0 is maar van één markt afhankelijk.

En nog wel een markt waar een kleine fout enorme gevolgen kan hebben. Philips is al een half miljard kwijt aan een kleine fout in slaap- en ademhalingsapparatuur, waarin rubberdeeltjes kunnen losraken. Al die apparaten moeten nu worden teruggehaald. Maar als deze fout, of een andere, tot blijvende gezondheidsschade of zelfs slachtoffers leidt, zal het deel van de advocatuur dat zich specialiseert op medische missers daar even gretig op duiken als Peter R. de Vries dat deed op justitiële missers. De schadeclaims – met name in de VS – kunnen enorm zijn.

Nu Philips geen conglomeraat meer is, moet het aandeelhouders op een andere manier te vriend houden.

Meer over