Zo werkt quantitative easing - de geldpers dus

De Europese Centrale Bank kondigt naar verwachting vanmiddag aan te beginnen met kwantitatieve verruiming (quantitative easing, QE). Zo werkt QE, oftewel de geldpers.

Yvonne Hofs
null Beeld de Volkskrant
Beeld de Volkskrant

Kwantitatieve verruiming (quantitative easing, QE) is een eufemisme voor het uitstorten van enorme hoeveelheden gratis geld over de economie. Omdat centrale banken dit geld 'uit het niets' creëren (dat wil zeggen: door gewoon nieuwe geldbedragen in de computer in te voeren), wordt er vaak gesproken over 'het aanzetten van de bankbiljettenpers'. Een centrale bank kan deze geldpomp in principe eindeloos aan laten staan, want er is geen limiet aan de hoeveelheid geld die een centrale bank mag scheppen.

Vervolgens moet de centrale bank dit verse geld in de economie injecteren. De ECB kan dat doen door een paar duizend euro over te maken op de bankrekening van elke inwoner en elk bedrijf in de eurozone. In de praktijk kiezen centrale banken eigenlijk nooit voor deze optie. Ze brengen het nieuwe geld liever in omloop door bestaande, langlopende leningen op te kopen van financiële instellingen, zoals banken, en van grote beleggers. Door zich als koper met zeer diepe zakken op de markt te begeven, beïnvloedt de centrale bank de rente (= de prijs) van dit soort langetermijnleningen. Die daalt.

Overheden, bedrijven en huizenbezitters kunnen dan goedkoper lenen. Dat stimuleert de vraag naar krediet. Door nieuwe schulden aan te gaan, kunnen ze hun uitgaven verhogen en dat helpt de economie.

QE werkt ook aan de aanbodzijde. Door leningen als staatsobligaties, bedrijfsobligaties en hypotheken op te kopen, wordt de centrale bank feitelijk de kredietverstrekker. Degene die de lening in eerste instantie heeft verstrekt (meestal een bank) draagt het risico op wanbetaling over op de koper, de centrale bank. Door risico's af te stoten krijgt een bank weer 'lucht' op de balans en ruimte voor nieuwe kredietverlening.

Als banken een groot deel van hun kredieten doorverkopen aan de centrale bank, krijgen ze daarvoor bovendien met 'nieuw' geld betaald. Dat nieuwe geld kunnen ze vervolgens weer uitlenen aan bedrijven, overheden en huishoudens. De geldpers bevordert dus kredietverstrekking door banken.

Zeker de laatste decennia was een groot deel van de economische groei in de westerse landen gebaseerd op een groei van de krediethoeveelheid, ofwel het aantal schulden. Het stimuleren van de kredietverlening is dus een krachtige brandstof voor de economie.

Meer over