De KwestiePeter de Waard

Werkt guerrillastrategie in de valutaoorlog?

Centrale banken zijn de guerrillastrijders in de valutaoorlog. Ze verschuilen zich net zo snel als ze opduiken en hoeven aan geen generaal verantwoording af te leggen.

Het hoofdkwartier van de Federal Reserve, het overkoepelend orgaan van de Amerikaanse centrale banken, in Washington DC oogt ook als een guerrillabasis. Terwijl het bij het Witte Huis, het Capitool, het ministerie van Financiën en het Pentagon een komen en gaan is van allerlei mensen met attachékoffertjes, is het plein voor het klassieke gebouw van de Fed meestal helemaal leeg. Wat zich achter de gevel van dit spookkasteel afspeelt, lijkt ook tamelijk duister. Niet voor niets zijn er zoveel samenzweringstheorieën over de macht van de Fed.

Onlangs maakte Fed-voorzitter Jay Powell bekend dat de inflatiecijfers er niet meer toe doen in het rentebeleid, hetgeen betekent dat de rente voor nog heel lange tijd 0 procent kan blijven. Monetaire redenen voor dit besluit – econoom Willem Buiter noemde het zelfs ‘potentieel zeer schadelijk’ – zijn er niet.

Maar de Fed werkt met een verborgen agenda. President Trump vindt de dollar veel te duur en ziet dat als reden dat het Amerikaanse bedrijfsleven onder zijn bewind niet concurrerender is geworden. Integendeel, het handelstekort is alleen maar toegenomen.

Omdat hij de conventionele oorlog niet kan winnen, worden nu guerrilla-acties gehouden. En niet zonder resultaat. Sinds het begin van de zomer is de dollar in vergelijking met de euro een dubbeltje minder waard geworden. 1 euro kost nu 1,18 dollar tegen 1,08 twee maanden geleden. En dat is een aardverschuiving. Geen bedrijf in Europa kan dit compenseren door kostenbesparingen – zeker niet nu er door de lockdown al zoveel andere problemen zijn.

Powell zet daarmee Christine Lagarde voor het blok. De president van de Europese Centrale Bank heeft haar eigen hoofdkwartier in Frankfurt. Maar haar guerrilla’s die morgen weer bijeenkomen, bestaan uit een hele reeks van eigenzinnige bankpresidenten die allemaal een eigen nationale agenda hebben.

Ze moet omzichtig handelen zonder dat ze zich door de Fed laat ringeloren. De koersstijging van de euro maakt het met name voor de bedrijven in Spanje, Italië en Griekenland moeilijk om uit het diepe coronadal te kruipen.

Veel mogelijkheden om er iets tegen te doen heeft Lagarde niet. De officiële rente is al nul en er worden als een gek obligaties opgekocht om te zorgen dat de marktrente ook niet oploopt. Uiteraard kan zij net als Powell proberen met een strategieverandering – ‘ook in de eurozone houden we niet langer rekening meer met de inflatiedreiging van meer dan 2 procent’ – de stijging van de eurokoers te keren.

Als er valutaoorlogen in het verleden uitbraken, werden die meestal in G7-verband beëindigd met een vredesverdrag (Plaza-akkoord, Louvre-akkoord) maar in een guerrilla-oorlog is vredesoverleg een stuk moeilijker.

Meer over