Verse saucijzen van de 'Superbuur'

Nog twaalf dagen en het is, na een bescheiden borreltje tegen sluitingstijd, gedaan. Het kruidenierswinkeltje van Joop en Reina van Leliveld, tevens buurthuis annex oppascentrale, verdwijnt na 37 jaar....

TEKST MICHIEL HAIGHTON

Toen Joop en Reina van Leliveld 37 jaar geleden vanuit Dordrecht naar de Utrechtse binnenstad trokken om aan de Lange Smeestraat een kruidenierszaak te beginnen, telde de straat 28 middenstanders. Uit de hele binnenstad kwamen er klanten naar het bedrijvige dwarsstraatje tussen de Oudegracht en de Catharijnesingel. Hier een zaak te beginnen - het leek een goede investering in de toekomst.

Inmiddels is de Troefmarkt, zoals het supermarktje van de Van Lelivelds heet, als enige winkel overgebleven aan de Lange Smeestraat. De bakker, de groenteman, de opticien, de schoenlapper en al die andere winkeliers hielden het in de loop der jaren een voor een voor gezien. En nu valt ook voor de Troefmarkt het doek: over twaalf dagen gaat de buurtsuper dicht. Op 30 december wordt met een borreltje tegen sluitingstijd een punt gezet achter al die jaren van hard werken: zes dagen in de week, twaalf uur per dag. Een bescheiden afscheid moet het worden, aldus Reina (60). 'Mijn man en ik staan niet graag in het middelpunt van de belangstelling.'

Terwijl Reina babyfoto's bekijkt van een klant ('Ik ben net oma geworden'), informeert iemand of er nog Danone Actief is. Joop (65) pendelt behendig heen en weer tussen de kassa aan het begin van de winkel en het broodafdelinkje aan het eind van het gangpad. Aan weerszijden wachten klanten. Een mevrouw, zelf ook niet meer een van de jongsten, zegt: 'Waarom zou u op uw leeftijd nog actief willen zijn?'

Aan de schappen van de winkel is al weken te zien dat de Troefmarkt een aflopende zaak is. De onderste vakken van de stellages zijn helemaal leeg. Alleen producten waar veel vraag naar is, worden nog bijbesteld. Zoals koffie, limonade, bier, vleeswaren, groenten, fruit, sigaretten en brood. Nog iedere morgen bakt Joop van Leliveld in een oventje in zijn winkel verse saucijzen, gevulde koeken, croissantjes en harde broodjes. Eén klant in het bijzonder zal die saucijzen gaan missen, denkt Joop van Leliveld. 'Een dametje van de overkant komt er iedere dag één, twee of soms wel vier tegelijk halen.'

De buurt draagt Joop en Reina van Leliveld op handen. En zeker nu hun pensionering nadert, wordt elke gelegenheid aangegrepen vooor een blijk van waardering. Toen het echtpaar afgelopen mei bijvoorbeeld veertig jaar getrouwd was en om acht uur 's morgens de dag als iedere andere werkdag wilden beginnen, werd het paar door vaste klanten buiten opgewacht. Die brachten hen onder begeleiding van een trompet een aubade; kinderen strooiden met confetti.

Vier maanden later volgde nog een verassing. Tijdens het buurtfeest dook tot verbazing van Joop en Reina kardinaal Simonis op. Hij riep het echtpaar uit tot 'Superbuur' van het jaar; de buurt had hen voor de prijs genomineerd.

Voor de grote wekelijkse of dagelijkse inkopen bezoekt vrijwel niemand de Troefmarkt meer. 'Dat is al jaren niet meer zo', zegt Joop van Leliveld berustend. De boodschappenmandjes (karretjes zijn er niet) worden doorgaans gevuld met één tot maximaal tien producten. Mensen komen voor een 'vergeten' pak koffie, een pak koekjes voor onverwacht bezoek of een warm croissantje voor het ontbijt.

Alleen een hoogbejaard echtpaar uit de Brigittenstraat - beiden zijn de 90 ruim gepasseerd - rijdt nog elke zaterdag met de auto voor om de boodschappen op te halen die ze daags ervoor telefonisch hebben besteld. 'Ze doen nergens anders hun boodschappen dan bij ons', zegt Reina van Leliveld. Pas is ze er op de koffie geweest. 'Toen ze hoorden dat we stopten, wilden ze persoonlijk afscheid nemen.'

Voor de vaste klanten van de Troefmarkt verdwijnt er meer dan dat winkeltje waar je van acht uur 's ochtens tot half zeven 's avonds terecht kunt. De Troefmarkt fungeert ook als buurthuis, buurtpsychiater en oppascentrale. Studenten, eenzame bejaarden of praatgrage Utrechters, voor iedereen is er een gewillig oor en tijd voor een praatje. Vooral kleine kinderen zijn graag geziene gasten. Het komt regelmatig voor dat ouders hun kroost even bij Reina stallen. 'Je kunt me geen groter plezier doen', aldus Reina.

De sluiting van de winkel komt eerder dan verwacht. 'Het liefst waren we nog een paar jaar doorgegaan', zegt Joop. Maar het kan niet, de rek is eruit. 'De prijzenoorlog heeft ons genekt.' Om enigszins te kunnen concurreren met de lage prijzen van de grote supermarkten hebben de Van Lelivelds de afgelopen jaren met verlies genoegen genomen. 'In de hoop dat de prijzen wel weer zouden aantrekken', zegt Joop. Maar die tactiek heeft verkeerd uitgepakt: de financiële reserves zijn vrijwel geheel verdampt.

Aan pensioenopbouw is het echtpaar nauwelijks toegekomen. Het pand waarin de winkel is gevestigd, is nog steeds ten dele van de bank. Geen winkelier die hier nog een zaak zal beginnen. Meer dan de AOW hebben ze niet; Reina had zich haar oude dag anders voorgesteld. 'We zijn met niets begonnen en eindigen met niets. Ik heb het daar best moeilijk mee.'

Wat straks rest, zijn zeeën van vrije tijd. Hoe ze die gaan vullen, dat weten de middenstanders nog niet. Ze willen in elk geval hun zoon bijstaan die een eigen bedrijf heeft in computeronderhoud en reparaties. Wat ze nu ook al doen in de avonduren, als het werk er bij de Troefmarkt opzit. Reina: 'Ik doe de administratie, Joop houdt de boel er een beetje schoon.'

Met hun zoon en dochter, allebei gevorderde dertigers, blijven ze boven de winkel wonen. Het liefst willen ze gaan verbouwen, zodat ze later, als ze echt oud worden, gelijkvloers kunnen gaan wonen. 'Maar dat is toekomstmuziek.'

Meer over