Trillend achter het stuur

Ruim een miljoen Nederlanders die een rijbewijs bezitten, durven niet te rijden. Vooral vrouwen lijden aan auto-angst. Terwijl de deskundigen naar de diepere oorzaken zoeken ('vaak zit er een heel verhaal achter'), dubben de gedupeerden over het nut van de anti-rijangsttherapie: 'Als ik een weg zie met heel veel dingen...

BEKEND BEELD: man en vrouw verlaten receptie (etentje, verjaardagsfeestje), man zwalkt naar auto, vrouw loopt er met gebogen hoofd naast. Man stapt links in, vrouw rechts. 'Gut Ria, waarom rijd jij niet naar huis?', roept een vriend het echtpaar ongerust achterna. 'Je hebt toch een rijbewijs?' Vrouw krimpt ineen, man veert op en bralt vriend lodderig na: 'Ja Ria, wrom rij jíj eigenlijk niet naa huis? Je hebt toch een rijwijs Ria?' Man draait sleutel om en schalt, voor hij wegslingert, nog gauw het antwoord door de koele avondlucht: 'Omdat Ria niet durft jongens! Ria is bang!'

Er zijn veel Ria's. Van de miljoenen mensen in Nederland met een rijbewijs durft bijna één miljoen, voornamelijk vrouwen, niet te rijden. Voor hen is een auto geen nuttig vervoermiddel met vier wielen en een achteruitkijkspiegel. Voor hen is de auto een monster. Een onvoorspelbaar apparaat, volgestopt met ontplofbare slangen en bouten, dat langs ondoorgrondelijke wegen voert. Liever riskeren ze hun leven op de passagiersstoel dan zelf plaats te nemen achter het stuur.

Ze hebben een rijbewijs, dat wel. Gehaald toen ze 20 waren, op kosten van hun ouders. Nu zijn die ouders oud en behoeftig, zo oud en behoeftig dat ze dolgraag door hun dochter op zondagochtend met de auto uit huize Zonnegloren zouden worden opgehaald om er 's avonds weer netjes te worden afgeleverd. Maar de Ria's durven niet. Beschaamd verwijzen ze hun ouders naar de trein, toch ook heel snel en veilig.

Petra Storm haalde haar rijbewijs in Tilburg. Het was een aanbieding en ze slaagde in één keer. Opgewekt stapte ze in de auto van haar vader, een 'groot log ding zonder stuurbekrachtiging'. Twee geheimzinnige krassen later gaf vader de auto niet meer mee. Petra reed af en toe in auto's van een vriendje en huurde er weleens een als ze met vakantie was. Ze ziet zich nog rijden in Ronda, 'een doolhofstadje' in Zuid-Spanje met straatjes zo smal dat je er eigenlijk geen auto doorheen kon krijgen.

Ze moest een heel steil heuveltje op.

Terwijl ze haar Honda Civic met trillende handen omhoog dreef, zag ze ineens een tegenligger. Van schrik schakelde ze de auto in z'n vrij in plaats van in z'n één. Elke keer dat ze gas gaf, zakte hij een stukje verder omlaag.

Een half uur later, toen Petra - 'vraag niet hoe' - alweer veilig op een andere berg zat, zag ze ineens hoe elke auto die haar tegemoet reed, merkwaardige lichtsignalen gaf. 'Wat nu weer!', schreeuwde ze in blinde wanhoop naar haar vriend. 'Zeg me wat ik verkeerd doe!' Een paar honderd meter verder ontdekte ze de politiecontrole waarvoor haar medeweggebruikers haar zo vriendelijk hadden gewaarschuwd.

De laatste keer dat Petra achter het stuur zat, was in Nederland. Het regende heel hard, de ruiten besloegen, de blower draaide dol. 'Ik moest in Hilversum zijn, maar ik wist totaal niet welke afslag ik moest nemen en ik zag niks. Op een gegeven moment ben ik zomaar ergens naar rechts gegaan. Het was een onverhard pad. Ik zat op de hei.'

Petra droomt geregeld haar enge auto-droom: dat ze maar rijdt en rijdt en niet kan remmen. 'Het stomme is: ik weet dat ik het kan. Maar van mijn vriend Harry mag ik niet meer. Nou ja, het mag wel: maar hij zit er panisch naast. Hij sist bij elke bocht.'

Er zijn veel Harry's.

Josine Arondeus, als psycholoog verbonden aan de stichting Valk in Leiden, heeft ze geregeld op bezoek, ook al houdt haar stichting zich vooral bezig met vliegangst. 'Vliegangst en auto-angst gaan vaak samen. Mensen met vliegangst durven de controle over een toestel niet uit handen te geven, dus ook niet in een auto. Die angst leeft bij mannen meer dan bij vrouwen.'

Waarom vrouwen op hun beurt meer last hebben van rijangst, weet Arondeus niet. 'Wel kun je stellen dat rijangst niet op zichzelf staat. Mensen die perfectionistisch in het leven staan, ontwikkelen een dergelijke angst eerder dan mensen die gemakkelijker voor zichzelf zijn.'

Voor mannen zijn vrouwen en auto's een dankbaar gespreksonderwerp. Dat vrouwen voorzichtiger en dus betere chauffeurs zijn dan mannen, wordt daarbij in de regel genegeerd. Liever vertellen ze glimlachend over hun Jessica die, om te verbloemen dat ze bang was, zó hard ging rijden dat ze geflitst werd - waarop het schatje onnozel riep dat ze bliksem zag.

Ze verwijderen liefdevol de stickers die hun Marijke op de bumper heeft geplakt en die medeweggebruikers wijzen op het feit dat er een baby dan wel moeder aan boord is en dat er voor dieren wordt geremd. Ze verzinnen oneliners als 'Vrouw achter het stuur? Bloed aan de muur!'. En ze zijn nooit te beroerd een vrouw op haar fouten te wijzen als ze per ongeluk toch naast haar in de auto belanden.

De problematiek wat vrouwen en het autowezen betreft lijkt in vier stellingen te kunnen worden samengevat.

Stelling 1: Vrouwen kunnen niet autorijden.

Stelling 2: Vrouwen die geen auto durven rijden, hebben groot gelijk (zie stelling 1).

Stelling 3: Dat vrouwen geen auto kunnen rijden is meestal de schuld van een man.

Stelling 4: Sommige vrouwen kunnen wel autorijden.

Onzin, zegt Jan Voerman uit Maurik. Hij begeleidt sinds tien jaar mensen met rijangst. Riaggs, de Fobieclub, het Bureau Slachtofferhulp, huisartsen en psychotherapeuten verwijzen hun cliënten regelmatig naar hem door. Een kwart van de mensen die hij heeft begeleid, leed aan rijangst als gevolg van een ongeluk of door een fobie; de overige driekwart waren vooral vrouwen die geen duidelijke redenen voor hun rijangst konden noemen.

Voerman lacht ze niet uit. Hij weet hoe angst voelt: zelf leed hij tussen zijn 15de en 25ste aan diverse fobieën. 'Mijn beroep is rij-instructeur. Dat ik me speciaal op rijangst heb toegelegd, heeft met mijn persoonlijke interesse in de menselijke psyche te maken.'

In principe kan iedereen autorijden, vindt Voerman. Dat vooral vrouwen het niet durven, is volgens hem in de eerste plaats een generatiekwestie: 'Mijn praktijk telt relatief veel vrouwen boven de 40 die vroeger weinig gereden hebben omdat ze er domweg geen kans voor kregen. Mannen hebben van oudsher eerder die drang achter het stuur te gaan zitten dan vrouwen. Als hun vrouw dan eens reed, kreeg ze zoveel commentaar dat ze zich een volgende keer wel bedacht. 'Rij jij maar', zeiden ze dan.

Coby van den Berg in Amsterdam durft juist alleen te rijden met een man naast zich. 'Maar liever rij ik gewoon niet. Ik heb het gevoel dat de auto er met mij vandoor gaat in plaats van ik met de auto. Als ik een weg zie met heel veel dingen erop, raak ik in paniek. Een vriendin van mij heeft vorige week een mooie baan geweigerd omdat ze dan auto zou moeten rijden.'

Dat rijangst ook onder zelfstandige vrouwen voorkomt, heeft volgens Voerman alles te maken met de rijopleiding. Die deugt niet. 'De gemiddelde rij-instructeur stopt het merendeel van zijn tijd in het leren bedienen van een auto: schakelen, sturen, gas geven. Maar dat is niet het belangrijkste aspect van autorijden. Het belangrijkste aspect is wat ik het ''visuele informatie-management'' noem: overzien wat er in het verkeer gebeurt, hoe een weg loopt, op welke manier je je auto op koers houdt. 90 Procent van de kunst van het autorijden hangt samen met het visueel verwerken van alles wat je ziet. Iemand die dat niet beheerst, kan misschien best met een auto omgaan, maar durft niet te rijden omdat het verkeer als één grote onoverzichtelijke chaos op haar afkomt. Zo iemand kijkt tijdens het rijden niet naar de horizon, maar naar de stoeprand of de vangrail. En wordt bang.'

Op die angst reageren mannen en vrouwen vervolgens verschillend, meent Voerman: 'Mannen verzetten zich ertegen, vrouwen geven zich eraan over. Mannen hebben meer lef en raken ook niet zo snel geïmponeerd door de techniek van de auto. Uit de mond van een man zul je nooit horen dat de auto een vijand is. Mannen hebben gewoon meer zelfvertrouwen.' In zijn cursus legt Voerman alsnog de nadruk op het visuele informatiemanagement. Ook probeert hij via gesprekken te achterhalen of de rijangst diepere oorzaken heeft: 'Vaak zit er toch een verhaal achter, zijn de vrouwen in hun jeugd of door hun man klein gehouden.'

Jan Voerman is niet de enige die dergelijke cursussen geeft. Veel verkeersscholen in Nederland hebben een apart programma voor mensen die lang niet gereden hebben. De Bovag heeft adressen van gespecialiseerde instructeurs in heel Nederland.

En soms lukt het ook zonder cursussen of therapie van rijangst af te komen. Carina Meijdam uit Amsterdam durfde jaren geen auto te rijden; dat deed haar man. Toen ze van hem scheidde, besloot ze dat ze niet anders kon: 'Ik ging in de Bijlmer wonen en moest mijn kind naar school kunnen brengen, die in het centrum ligt.' De eerste honderd meter waren een ramp: haar benen trilden zo erg dat ze de pedalen nauwelijks kon bedienen. Inmiddels levert het vertrouwde stukje van huis naar school geen problemen meer op, behalve als het stormt of heel hard regent.

'En de snelweg durf ik nog niet op, maar verder gaat het redelijk. Ik kan alle vrouwen met rijangst, voor zover ze getrouwd zijn, van harte een echtscheiding aanbevelen.'

Meer over