Spanje getroffen door drie plagen

amsterdam De Spaanse regering worstelt om het vertrouwen van investeerders te behouden. De rente op Spaanse staatsobligaties liep gisteren opnieuw op tot het hoogste punt van dit jaar....

De Spaanse spaarbanken hebben het nog moeilijker. Niemand lijkt hun nog kapitaal te willen verstrekken, waardoor ze steeds zwaarder leunen op leningen van de Europese Centrale Bank. De onrust wordt verder versterkt door voortdurende geruchten dat de Europese Unie zou werken aan een reddingsplan voor Spanje, wat door de Spaanse regering zelf met klem wordt ontkend.

Spanje staat er financieel veel beter voor dan Griekenland en Portugal, maar wordt nu getroffen door drie plagen tegelijk. De overheid is aan het bezuinigen en probeert de arbeidsmarkt te hervormen. De Spaanse spaarbanken moeten tegelijkertijd het ineenstorten van de vastgoedmarkt verwerken. En ondertussen kampt het land met een hoge werkloosheid (ruim 20 procent) en een economie die zich trager herstelt dan de economieën elders in Europa.

De problemen versterken elkaar, zegt Martin van Vliet, econoom bij ING. ‘Als de Spaanse overheid een hogere rente moet betalen, moeten de banken dat ook, waardoor ze verder worden verzwakt.’

Als de banken dreigen om te vallen, moet de overheid bijspringen, net zoals in 2008 in andere Europese landen is gebeurd. ‘Maar als de overheid zelf zwak is, is dat lastig’, zegt Van Vliet. ‘Overheid en banken dreigen zo in een neerwaartse spiraal terecht te komen.’

De Spaanse banken zijn de crisis tot nu toe ongeschonden doorgekomen. De Spaanse centrale bank stelde de afgelopen jaren hoge eisen aan de banken, waardoor ze grotere buffers hadden dan hun Europese concurrenten.

De problemen zitten nu bij de 45 Spaanse spaarbanken die ongeveer de helft van de Spaanse markt in handen hebben. Deze kleinere banken hebben relatief veel leningen verstrekt aan de Spaanse vastgoedsector. De spaarbanken worden daarom nu hard getroffen door het ineenstorten van de huizen- en kantorenmarkt.

De problemen bij de spaarbanken werden lang genegeerd in de hoop dat de vastgoedmarkt zich zou herstellen. Die reflex werd nog versterkt doordat het bestuur van de spaarbanken wordt bevolkt door lokale politici die niet alleen met een financieel-economische bril naar de banken kijken.

Nu is er echter geen ontkomen meer aan. De overheid heeft al één spaarbank van de ondergang moeten redden. Maandag gaf een groep spaarbanken aan dat ze ook een beroep willen doen op steun van de overheid. De Spaanse centrale bank wil dat de spaarbanken fuseren. Alleen dan kunnen ze een beroep doen op een noodfonds dat de regering eerder heeft ingesteld.

Andere financieringsbronnen zijn er niet. De geldstroom tussen banken is, net als tijdens het hoogtepunt van de kredietcrisis, opgedroogd. Europese banken stallen hun overtollig geld liever bij de ECB dan het aan elkaar te lenen. De Spaanse banken hebben voorlopig geen andere keuze dan zich tot de ECB te wenden, die nog steeds onbeperkt en tegen een lage rente geld ter beschikking stelt. Inmiddels hebben de Spaanse banken daar 85 miljard euro geleend.

De vraag naar de ECB-leningen neemt snel toe.

Dinsdag werd er 126 miljard euro uitgeleend voor een week en nog eens 31 miljard euro voor een maand.

De ECB verstrekt echter alleen kort geld, leningen met een looptijd van maximaal een half jaar. De spaarbanken hebben het geld voor een langere tijd uitgezet. Hierdoor ontstaat een riskante mismatch. Als de korte rente in de toekomst snel stijgt, kunnen de banken in financiële problemen komen.

Voor de Spaanse overheid volgt donderdag een belangrijke test. Dan gaat het land proberen 16,2 miljard op te halen op de kapitaalmarkt door de uitgifte van 10- en 30-jaarsobligaties. De grote vraag is met welke rente investeerders genoegen zullen nemen.

De ECB blijft voorlopig ook staatsobligaties opkopen van Zuid-Europese landen om te voorkomen dat de handel hierin opdroogt en de rente omhoog schiet. De bank heeft hier tot nu toe 47 miljard euro aan besteed. Het leek erop alsof dit langzaamaan overbodig werd – de ECB kocht iedere week minder obligaties –, maar de afgelopen week moest de bank toch weer steviger interveniëren dan de week ervoor.

Meer over