Recordregen op veiling collectie Rothschilds

De verkoop van de antiek- en kunstcollectie van de broers Nathaniel en Albert von Rothschild, donderdag bij Christie's in Londen, had veel weg van een ongelooflijke recordrace....

Van onze correspondent Bert Wagendorp

De nazaten van beide broers kregen de in de negentiende eeuw opgebouwde collectie, algemeen gezien als een van de rijkste privéverzamelingen in Europa, in november vorig jaar terug van de Oostenrijkse staat. De nazi's hadden de verzameling schilderijen, meubelen, wapens, tapijten, zilverwerk, muziekinstrumenten en andere kostbaarheden in 1938 geconfisqueerd.

Tot de topstukken van de veiling behoorden drie schilderijen van Frans Hals en een uit 1505 daterend in Gent of Brugge gemaakt gebedenboek, met 67 prachtige miniaturen. De fraaiste Hals was het Portret van Tieleman Roosterman, uit 1634, het belangrijkste werk van de oude meester dat sinds jaren op de markt kwam. Het hing tot voor kort in het Kunsthistorisches Museum in Wenen.

Het Frans Hals-museum in Haarlem had grote belangstelling voor het doek. Maar nadat het er niet in was geslaagd een garantie van de gemeente los te krijgen voor tien miljoen gulden, zag het er woensdag met lede ogen van af om mee te bieden. Dat was, zo bleek donderdagnacht, ook zinloos geweest. Verwacht werd dat het portret elf miljoen gulden zou opleveren, het werd uiteindelijk 27,6 miljoen, het hoogste bedrag ooit voor een Hals betaald.

De twee andere Hals-schilderijen, Portret van een Dame en Portret van een Heer, gingen van de hand voor respectievelijk drie en 7,3 miljoen gulden. Ook een landschap van de Hollandse duoschilders Jan Wynants en Adriaen van de Velde steeg ver uit boven de verwachte prijs. Geschat op acht ton, werd het uiteindelijk aan een privéverzamelaar verkocht voor bijna het tienvoudige, 7,7 miljoen.

Een andere privé-collectioneur legde 28,7 miljoen gulden neer voor het Rothschild-gebedenboek. Dat was achttien miljoen meer dan de hoogste schatting vooraf. Het boek werd daarmee in één klap het duurste met tekeningen verluchtigde manuscript ter wereld.

Ook het antiek van de Oostenrijkse tak van de pan-Europese bankiersfamilie (Von) Rothschild, brak alle records. De Fondation Versailles kocht een Louis XVI-ladenkast voor 23,5 miljoen gulden, een prijs die drie keer zo hoog was als verwacht. De kast, nu het duurste Franse meubelstuk aller tijden, zal terugkeren naar de plaats waar het aan het einde van de achttiende eeuw een eerste standplaats vond, het Château de Versailles, en daar voor iedereen zijn te bezichtigen.

Dat geldt niet voor een Louis XVI staande klok. Een privéverzamelaar had er 6,3 miljoen gulden voor over en betaalde daarmee meer voor een klok dan ooit iemand voor hem. Een zestiende-eeuws Perzisch tapijt ligt binnenkort in het huis van iemand die er 5,3 miljoen gulden voor neertelde, meer dan ooit voor een tapijt werd betaald.

Het duurste antieke pistool (519 duizend gulden), de duurste citer (134 duizend), de duurste munt (een gouden Spaanse uit 1504, 740 duizend) en de duurste moskeelamp (2,6 miljoen): het regende wereldrecords in Londen. Nooit eerder bracht de veiling van één privé-collectie zoveel geld op.

Opvallend was dat het overgrote deel van de Von Rothschild-collectie, 73 procent, in Europa zal blijven. En een klein deel daarvan blijft zelfs deel uitmaken van een Rothschild-verzameling. Christies maakte vrijdag bekend dat enkele stukken waren aangekocht door leden van de Britse en Franse tak van de familie.

Meer over