Philips schikt oud geschil met beleggers

Philips moet tien miljoen gulden betalen voor het ongerechtvaardigde optimisme, tien jaar geleden, van zijn toenmalige topman Cor van der Klugt....

De VEB is zeer blij met de schikking. 'Dit was het maximaal haalbare onderhandelingsresultaat', glundert directeur Peter Paul de Vries. 'Ik denk dat we in een proces minder zouden hebben gekregen.' En bovendien: 'Het is in principieel opzicht een grote overwinning. Ik denk dat deze zaak onze positie in soortgelijke zaken zal versterken.'

Op 10 april 1990 zei Van der Klugt in de aandeelhoudersvergadering: 'U ziet een ietsje verbetering. Wij garanderen u dat die verbetering dit jaar zal doorzetten. Wij zijn ervan overtuigd dat de kwaliteit van de winst dit jaar sterk zal verbeteren.'

Nog geen maand later, op 3 mei 1990, maakte Philips bekend dat het eerste kwartaal zeer teleurstellend was verlopen. De beurskoers, hoog gehouden door Van der Klugts optimisme, zeeg met 14 procent ineen. De affaire betekende het einde van Van der Klugt. Jan Timmer volgde hem op en gaf op 2 juli van datzelfde jaar het startschot voor operatie-Centurion, een operatie die nodig werd omdat Philips maar liefst 2 miljard verlies zou gaan lijden.

Amerikaanse beleggers sloegen de handen onmiddellijk ineen voor een class-action en kregen al in oktober 1990 9,25 miljoen dollar los. Enkele maanden later begon de VEB haar procedure.

In november 1997 oordeelde de Hoge Raad dat Philips interne documenten moest vrijgeven die met de zaak te maken hadden. Kort daarop begonnen partijen met onderhandelen. Details daarover geven ze niet. 'Beiden waren eraan toe', zegt Philips. Volgens de concernwoordvoerder is de schikking niet getroffen om de publicatie van geheime stukken te voorkomen. 'Het was omdat we allebei het gevoel hadden dat een proces nog jaren kon duren', zegt hij. Philips houdt vol dat de betaling geen schuldbekentenis inhoudt.

VEB'er De Vries vindt vooral fantastisch dat nu voor eens en altijd is vastgesteld dat beursgenoteerde bedrijven zorgvuldig moeten zijn met hun informatie aan beleggers. 'Het kan ze immers veel geld kosten.' De VEB bestudeert nog een paar gevallen van onzorgvuldigheid met koersgevoelige informatie, met name rond NBM Amstelland en Reed Elsevier. 'Na deze schikking is duidelijk dat de rol van de VEB als belangenbehartiger is erkend.'

De tien miljoen, die volgens De Vries 'het overgrote deel van de schade' compenseert, is niet voor alle gedupeerde Philips-beleggers. Slechts de 485 mensen die zich hebben aangemeld als lid van de vereniging VEB Actie 1989-1990 krijgen geld. Voorwaarde is dat tenminste 75 procent van deze groep instemt met het onderhandelingsresultaat. Philips wil daarmee de kans minimaliseren dat een groep aandeelhouders toch weer verder procedeert. Als zich minder deelnemers melden, is het aan Philips om te bepalen of het de overeenkomst nakomt.

Ook de VEB stelt dat gedupeerden die geen lid waren van VEB Actie 1989-1990, geen rechten kunnen ontlenen aan de overeenkomst. 'Dat is ook voor ons van belang. Als wij zulke acties voeren, moeten aandeelhouders wél meedoen. We hebben dan niets aan free riders. Deze 485 mensen hebben een risico genomen door de juridische actie te steunen, en krijgen daarvoor betaald.'

De 485 aandeelhouders krijgen gemiddeld 20 duizend gulden per persoon. Enkele grote aandeelhouders krijgen samen anderhalve ton. Mensen die hun aandeel Philips kochten vóór 3 mei (publicatie rampcijfers), krijgen 10,80 gulden per aandeel. Wie tussen 4 mei en 2 juli (bekendmaking van operatie-Centurion) aandelen Philips kocht, krijgt 3 gulden per aandeel.

Meer over