columnpeter de waard

Partytime in de IJmond, waar 9.000 Tata-werknemers een bonus kregen van een kwart van hun jaarsalaris

null Beeld
Peter de Waard

Het lijkt op een laatste zucht van de socialistische heilsstaat. Niet de top, maar de werknemers op de vloer krijgen een winstafhankelijke ‘superbonus’.

Het door milieuzorgen geplaagde Tata Steel – het voormalige Hoogovens – geeft zijn 9.000 werknemers deze zomer een kwart jaarsalaris boven op hun vakantiegeld. Dat gaat om bedragen van 10 duizend tot meer dan 20 duizend euro per werknemer – een totaalbedrag van ongeveer 150 miljoen euro. Autodealers in de IJmond, installateurs van zonnepanelen en ondernemers op de fameuze woonboulevard van Beverwijk wrijven zich in de handen.

Omdat alleen het personeel dat onder de cao valt hier recht op heeft, grijpen de topbestuurders ernaast. Dat is de omgekeerde wereld in het hedendaagse neoliberale kapitalisme. Op de terrassen en in de cafés van de IJmond-gemeenten was het afgelopen weekeinde partytime. Er werd ook gegromd. Milieuactivisten vinden dat het bedrijf al zijn geld moet steken in het beperken van de uitstoot van viezigheid. En daarnaast staat deze gulle geste nogal haaks op de opgehouden hand bij de overheid voor de vergroening van het concern.

Het is echter niet zo maar een presentje van de Indiase eigenaar. Tata kon er niet omheen. Het was al 27 jaar geleden afgesproken in een cao: voor elke 45 miljoen euro meer winst krijgen de mensen er 1,2 procent bij. Vorig jaar explodeerde de winst dankzij de torenhoge staalprijzen tot 970 miljoen euro. En daardoor liep het op tot een kwart. Het is een resultaatsafhankelijke uitkering (rau) en beslist geen bonus, zo roept Tata, die het gemis van een dertiende maand in de afgelopen jaren moet compenseren.

De cao-afspraak uit voorbije tijden is een geniaal ‘tussenschaakje’ van de bonden dat op het bord van het jaarlijkse Tata-toernooi in Wijk aan Zee niet zou misstaan. En hiermee doet het voormalige Hoogovens zijn reputatie als sociaal paradijs weer eens alle eer aan. Het bedrijf gold in het verleden dankzij hoge toeslagen en gunstige werktijden als een warm bad voor de eigen werknemers. In plaats van bij reorganisaties mensen gedwongen buiten de poort te zetten, vloeide het grootste deel af via allerlei riante regelingen zoals de SOP voor 55-plussers. Alleen begin jaren negentig moesten mensen gedwongen afscheid nemen. Voor de rest is de afslanking van 27 duizend naar 9 duizend mensen via natuurlijk verloop gegaan. Geen bedrijf staat zo model voor het poldermodel als Hoogovens. Alleen bij het staalbedrijf in IJmuiden konden directeuren, die namens de werkgever met de bonden over de cao’s moesten onderhandelen, zelf lid zijn van FNV en PvdA.

Het bedrijf is gezien de cyclische staalmarkt het ene jaar een patiënt met rollator en het volgende jaar een topatleet. Verschillende malen heeft het op het sterfbed gebivakkeerd. Maar elke keer was er een wonderdokter, soms de markt, soms de overheid. Twee jaar geleden zette de Indiase eigenaar het nog voor een appel en een ei te koop. Nu is het in de armen gesloten als de verloren zoon.

Misschien lukt dat het socialisme ook een keer.