Vier vragen

Opeens wordt er gesproken over het gedwongen onteigenen van boeren: wat is er aan de hand?

In Den Haag staat plots toch het gedwongen onteigenen van veehouders om uit de stikstofcrisis te komen op de ambtelijke agenda. Dit bleek maandag uit een rapport van het Planbureau voor de Leefomgeving. Is dit het begin van een radicale ommezwaai in het stikstofdossier?

Koeien op een boerderij in Breda waar agro-ecologisch wordt gewerkt. Beeld Branko de Lang / HH
Koeien op een boerderij in Breda waar agro-ecologisch wordt gewerkt.Beeld Branko de Lang / HH

Waar komt opeens die onrust in Den Haag vandaan?

Kort voor het zomerreces drong in het kabinet het besef door dat de bestaande plannen om uit de stikstofcrisis te komen onvoldoende resultaat gaan opleveren. Vijf miljard euro werd er vorig jaar gereserveerd om tot 2030 veehouders vrijwillig uit te kopen, stallen te verduurzamen en de natuur te herstellen. Door de veehouderij in te krimpen – en door langzamer te rijden op de snelwegen – wordt de stikstofuitstoot beperkt en ontstaat er ruimte voor de bouw van projecten. Althans voor nu.

Want met één miljoen te bouwen huizen en diverse snelweguitbreidingen is de komende jaren veel meer stikstofruimte nodig. En dus vroegen de ambtenaren van de ministeries van Landbouw en Financiën het Planbureau voor de Leefomgeving (PBL) deze zomer om twee scenario’s met aanvullende maatregelen voor de veehouderij door te rekenen. Wat uit de recentelijk gepresenteerde toekomstschetsen blijkt, is dat het gedwongen onteigenen van veehouders geen taboe meer is. Sterker, het lijkt onontkoombaar, met name voor veehouders rond de meest stikstofgevoelige Natura 2000-gebieden. Met als gevolg dat de rekening tot 2030 geen vijf miljard euro is, maar mogelijk kan oplopen 14- of zelfs 32 miljard euro.

Wat betekent dit voor veehouders?

Dat een aantal tegen wil en dank multimiljonair gaat worden in ruil voor hun hectaren grond, dieren en gebouwen. Althans, als het demissionaire of volgende kabinet ook echt kiest voor de botte bijl van onteigening. Tot nu toe was de lijn: duurt lang, maak je in boerenland geen vrienden mee, alleen vrijwillige uitkoop. In die zin is het serieus doorrekenen van ambtelijke bespiegelingen over onteigenen al een ommezwaai van jewelste.

Met voor met name de melkveehouderij – de grootste stikstofproducent in de vorm van ammoniak – aanzienlijke gevolgen. Beide scenario’s zouden een krimp van grofweg eenderde van de melkveestapel betekenen, omdat de productierechten van deze boeren bij uitkoop ook daadwerkelijk uit de markt worden gehaald. In een van de varianten zou ook het aantal kippen en varkens met gemiddeld 50 procent afnemen.

Kan dit onteigenen zomaar?

Eigenlijk wel, ja. Het ligt weliswaar politiek zeer gevoelig, maar er hoeft geen wet voor aangepast te worden en het is een beproefde methode op het moment dat het publieke belang volgens de overheid boven het privébelang gaat. Zoals bij de grote operatie Ruimte voor de Rivier, waarbij veel gebouwen nabij rivieren op grotere afstand werden herbouwd.

Van publiek belang is al sprake als gemeenten en provincies een ruimtelijk besluit nemen waarin staat dat het gebruik van bepaalde landbouwgrond verandert in bijvoorbeeld natuur, zegt Jacques Sluysmans, hoogleraar onteigeningsrecht aan de Radboud Universiteit in Nijmegen. ‘Juridisch zie ik dan ook geen belemmeringen. Uiteraard kan het besluit aangevochten worden bij de Raad van State, maar de kans is groot dat het daar overeind blijft.’

Toch waarschuwt het Planbureau voor de Leefomgeving voor onteigening. Doordat de overheid boeren volledig schadeloos moet stellen, ook boeren die grond van andere eigenaren pachten, wordt doorgaans meer betaald dan bij vrijwillige opkoopprogramma’s. Hierdoor zouden boeren de hakken in het zand kunnen zetten bij opkoopgesprekken. ‘Ze weten immers dat ze bij onteigening een hogere prijs kunnen krijgen’, schrijft het Plabureau. Bovendien is onteigenen een tijdrovende exercitie.

Sluysmans is voor beide niet bang. ‘Er is niks mis mee dit parallel te laten lopen aan vrijwillige opkoop’, zegt Sluysmans, die als advocaat ook betrokken is bij onteigeningszaken. ‘Als onteigening op tafel ligt als optie, dan gaan onderhandelingen vaak vlotter en levert het meer deals op. Want dan weet de ander: als we er niet uitkomen, dan komt de rechter eraan te pas. Dan ga ik liever voor een minnelijke schikking, zullen veel boeren denken.’

Dronefoto van een boerderij met koeien in het Brabantse Someren Beeld Rob Engelaar / ANP
Dronefoto van een boerderij met koeien in het Brabantse SomerenBeeld Rob Engelaar / ANP

Wat vinden de boerenorganisaties ervan?

Het antwoord laat zich raden: die moeten er niets van weten. ‘We zullen juridisch alles uit de kast halen’, reageert LTO Nederland. ‘ Onacceptabel’, schrijft boerenactiegroep Agractie in een verklaring. ‘Het is voor ons onbespreekbaar boeren, die vaak al generaties lang geworteld zijn in de gebieden, gedwongen te onteigenen.’ De protestboeren van Farmers Defence Force, normaal altijd de eerste om trekkeracties af te kondigen, zeggen dat het gaat om plannen die in ontwikkeling zijn. ‘We willen eerst zien wat ervan waar is.’

Het ministerie benadrukt dat het nog slechts gaat om ambtelijke plannen. Niet meer dan scenario’s. En dat het aan het (volgende) kabinet is wat ze ermee doen. Toch leeft daar ook het besef dat, na bijna 2,5 jaar stikstofcrisis, het probleem nu maar beter goed aangepakt kan worden. Door te kiezen voor het dure stikstofscenario van mogelijk 32 miljard euro tot 2030. Omdat dan niet alleen de stikstofdoelen – op de helft van de kwetsbare natuur mag over acht jaar geen overschot aan stikstof meer neerdalen – worden gehaald. Maar ook direct andere landbouwproblemen worden aangepakt. Zoals het teveel aan uitstoot van broeikasgassen en problemen met waterkwaliteit.

Dat boerenorganisaties zich hier hevig tegen verzetten en je met onteigening per definitie geen vrienden maakt, zou volgens hoogleraar Sluysmans niet leidend moeten zijn. ‘Dit geldt voor zoveel politieke keuzen’, zegt hij. Alles hangt volgens hem af van hoe het wordt aangepakt. ‘Boeren hebben recht op volledige schadeloosstelling’, zegt hij. ‘Het is fair als de overheid niet probeert of er toch veehouders zijn die met minder genoegen nemen.’

Meer over