Nederland is zuur

De strijd tegen de luchtvervuiling is een miljardenkwestie. Het jongste VN-verdrag dwingt het Nederlandse bedrijfsleven tot dure maatregelen tegen de verzuring: de stikstof-emissies moeten omlaag....

DE UITSTOOT van veel milieubelastende stoffen is de afgelopen jaren gestaag gedaald, stelde het Rijksinstituut voor Volksgezondheid en Milieu (RIVM) deze week in Milieubalans 99. De afname van de verontreiniging van de laatste jaren mag gerust een prestatie van formaat worden genoemd, want de economische groei bedraagt meer dan 3,5 procent. Tot nog toe rees de milieuvervuiling in een periode van hoogconjunctuur juist steevast de pan uit.

Het RIVM, dat geldt als de waakhond van het Nederlandse milieubeleid, spreekt van een absolute ontkoppeling; dat is jargon voor een afnemende belasting van het milieu bij een toenemende economische groei. Zelfs de groei van de CO2-uitstoot lijkt wat af te vlakken door toenemende energiebesparing.

De daling - dan wel afnemende stijging - van de milieuvervuiling over de gehele linie kan echter niet verhullen dat veel van de doelstellingen van het milieubeleid niet worden gehaald. Het milieu in Nederland is nog altijd flink vervuild en de natuur staat sterk onder druk, blijkt keer op keer. Sinds vijftien jaar worden in tal van protocollen en convenanten concrete afspraken gemaakt om de vervuiling te beteugelen.

En dat gaat niet hard genoeg. Op het gebied van verzuring en vermesting dalen de stikstof-emissies niet snel genoeg om de doelen voor het jaar 2000 te halen, schrijft het RIVM in de Milieubalans 99. Daardoor komt aanzienlijk meer stikstof in het milieu dan de ecosystemen kunnen verdragen. De hoeveelheid zuur bedraagt in 2003 naar verwachting 1,3 keer zoveel als de doelstelling voor het jaar 2000, aldus het RIVM. De industrie zal zich harder moeten inspannen, de transportbranche moet massaal aan schonere motoren en de boeren lijken zich op te maken voor een regelrechte oorlog met de overheid over de milieuwetgeving.

En dat terwijl er veel drastischer maatregelen op stapel staan. Een vorige week afgesloten VN-protocol verordonneert een nog scherper beleid op het gebied van verzuring en vermesting dan de toch al ambitieuze Nederlandse milieupolitiek. De uitstoot van zwaveldioxide moet verder omlaag, het vrijkomen van oplosmiddelen in lijm, inkt en verf moet aan banden worden gelegd, de ammoniak-emissies uit mest moeten teruggebracht, en de stikstofoxiden, die bij verbrandingsprocessen vrijkomen, moeten in het jaar 2010 zelfs worden gehalveerd ten opzichte van 1990.

Het wekt geen verbazing dat de ondernemers bij dit nieuwe naderende milieu-onheil niet staan te juichen, maar opvallend genoeg schreeuwen ze geen moord en brand. 'Vooralsnog stellen wij ons positief op, óók om het nieuwe VN-protocol uit te voeren', zegt Wim Zijlstra, milieusecretaris bij werkgeversorganisatie VNO-NCW. 'Of we alle doelstellingen voor alle branches zullen halen, daarvoor steek ik mijn handen niet in het vuur. Want het gaat niet om niets. En we doen al ons uiterste best om de huidige doelstellingen te halen.'

De voorlopig constructieve opstelling van de werkgeversorganisatie is gebaseerd op de gedachte dat volgens het VN-protocol ook andere Europese landen pittige maatregelen moeten treffen om de luchtverontreiniging terug te dringen. Daardoor vervalt het bezwaar dat de peperdure milieuvoorzieningen de internationale concurrentiepositie van het Nederlandse bedrijfsleven schade berokkenen.

De ene Nederlandse branche is echter de andere niet. De stroomproducenten bijvoorbeeld hebben hun zaakjes redelijk op orde. Mede aangespoord door de actievoerders die in het midden van de jaren tachtig in de schoorstenen van de elektriciteitscentrales klommen, hebben ze de verzurende zwaveldioxiden met maar liefst 90 procent weten terug te brengen. Schonere brandstoffen en ontzwavelingsinstallaties voor rookgassen kostten de branche meer dan 600 miljoen gulden aan investeringen.

De verontreiniging door eveneens verzurende stikstofoxiden is al met 60 procent afgenomen dankzij investeringen van 500 miljoen gulden. Deze milieukosten konden tot nog toe zonder problemen in de energieprijs worden verdisconteerd, maar de vraag is of dat in de geliberaliseerde energiemarkt ook zo vlot zal gaan. 'Nu al is het een last in de concurrentie met buitenlandse producenten', vindt Jan der Kooij, beleidsmedewerker van de federatie van energiebedrijven EnergieNed. Voorlopig vindt hij het wel even welletjes. 'We hebben onze doelstellingen voor het jaar 2000 dik gehaald', constateert Van der Kooij tevreden.

Veel behoefte om de vracht stikstofoxiden nóg eens te halveren heeft hij niet. Van der Kooij, die de onderhandelingen over het VN-protocol al jaren volgt, heeft uitgerekend wat de totale maatregelen tegen de luchtverontreiniging in Nederland gaan kosten. 'Het gaat om 3,1 miljard euro, ofwel 6,8 miljard gulden per jaar', beweert Van der Kooij.

Het ministerie van Milieubeheer wil die gigantische kosten eerlijk verdelen over de sectoren en bovendien de goedkoopste maatregelen eerst treffen. Daartoe wordt een systeem opgezet waarbij bedrijven de kosten mogen verevenen. Een sector die zijn afvalgassen tot een bepaald niveau moet zuiveren, kan dat doen door zelf te investeren. Hij kan ook geld storten in een kas, waarmee in dezelfde branche of zelfs daarbuiten goedkopere maatregelen worden gefinancierd. Het bedrijf krijgt daarvoor de milieucredits.

Omgekeerd kunnen bedrijven die dankzij eertijdse inspanningen al onder de norm zitten emissie-eenheden verkopen. Op die manier worden de koplopers beloond, is de gedachte. Over de exacte invulling van dit systeem van kostenverevening wordt momenteel druk gediscussieerd, maar EnergieNed weet al dat de overheid weer langs zal komen. 'De minister verwacht nu eenmaal meer resultaat van de vrienden van de industrie dan van de boeren of de transportsector', stelt Van der Kooij vast.

Ook de duizenden kleinere industriële bedrijven in Nederland hebben geen goed milieu-imago. De overheid ziet ze als probleemgevallen. En dat is tegen het zere been. 'We hebben genoeg van de beweringen dat het midden- en kleinbedrijf te weinig aan het milieu doet', reageert milieusecretaris Han de Groot van MKB-Nederland. 'Vijfduizend mkb-bedrijven met vijf werknemers scoren beter dan een bedrijf met 25 duizend man in dienst', zegt De Groot. 'Bovendien neemt het totale mkb slechts enkele procenten van de luchtvervuiling voor zijn rekening.'

Dat doet Hoogovens ook. Het staalconcern blaast in zijn eentje bijna 1,5 procent van de Nederlandse hoeveelheid stikstofoxiden de lucht in. Vast staat nu al dat Hoogovens de afspraken voor het jaar 2000 bij lange na niet gaat halen. 'Ja, dat is heel spijtig, want we hebben alles uit de kast gehaald. De maatregelen zijn op. De grenzen van de techniek zijn bereikt. Tant pis', constateert Henk van de Wetering, hoofd milieu bij Hoogovens Staal.

ALLEEN AL in de ertsvoorbereiding heeft Hoogovens in drie jaar tijd 150 miljoen gulden in milieumaatregelen geïnvesteerd. De jaarlijkse milieukosten bedragen 200 miljoen gulden, volgens Hoogovens een veelvoud van wat buitenlandse concurrenten aan maatregelen nemen. 'En dat terwijl 60 procent van de stikstofoxiden in Nederland vanuit het buitenland wordt geïmporteerd', legt Van de Wetering uit.

'De politiek', sombert de milieuman van Hoogovens, 'vindt enkele honderden miljoenen gulden extra per jaar heel gewoon, maar de industriële emissies van stikstofoxiden dragen slechts voor drie procent bij aan de totale verzuring in Nederland. En daar dreigen wij een buitenproportionele rekening voor gepresenteerd te krijgen.'

En zo maakt iedere branche zijn eigen, voordelige rekensom. Ook de chemische industrie is onaangenaam verrast door het streven van Nederland om het braafste jongetje van de klas te zijn. Branchevereniging VNCI ziet de strijd tegen de luchtverontreiniging als een marathonloop met rugzakken. De chemieconcerns zijn er bijna, ook met de zware stenen van de stikstofoxiden in de zak. 'In het zicht van de finish legt de overheid de eindstreep plotseling enkele kilometers verder, en stopt ze nog een paar stenen in de rugzak', zo reageert beleidsmedewerker Erwin von der Meer op de aanstaande verzwaring als gevolg van het VN-protocol.

Het geeft evenwel geen pas om het ministerie van Milieubeheer daarvan de schuld te geven, vinden de chemiebedrijven. 'Veel mensen realiseren zich niet dat nu al meer dan dertig procent van de wetgeving uit Brussel komt, en dat zal aleen maar toenemen', zegt Von der Meer. 'Ons doel is derhalve de marathon gewoon uit te lopen.'

Ook de transportbranche reageert laconiek op de aanstaande verscherping van het milieubeleid. Een groot aandeel in de uitstoot van stikstofoxiden komt voor rekening van de vrachtwagens. Vooral dieselmotoren kunnen nog fors schoner, verwacht branche-organisatie Transport en Logistiek Nederland. 'Wij gaan de uitstoot van stikstofoxiden in 2010 gewoon halveren', voorspelt beleidsmedewerker milieu Paul Poppink zelfverzekerd.

'Onze vervoersprestatie steeg in drie jaar met 6 procent, terwijl tegelijkertijd de uitworp van stikstofoxiden met 8 procent daalde.' Het kost een paar centen, maar dan heb je ook wat. Anderhalf miljard gulden gaat de branche investeren. Behalve schonere motoren, wil Transport en Logistiek met grotere voertuigen gaan rijden, het rijgedrag van de chauffeurs verbeteren en de logistieke efficiëntie verbeteren. 'De vrachtwagen van 2010 is twaalfduizend gulden duurder maar is dan ook 70 procent schoner dan nu.'

Meer over