Nat Nederland vraagt fout hardhout

De Megapraxis in Utrecht, afgelopen maandag. ‘Bijna ál ons hout, maar nét niet alles, is duurzaam geproduceerd en heeft een FSC-keurmerk,’ vertelt de afdelingsmanager.

Bij Hornbach zegt de man achter de houtbalie: ‘Waar onze merbau vandaan komt? Geen idee. Daar vraagt niemand naar.’

Karwei: ‘Duurzaam? Als we op dat Greenpeace-gedoe moeten wachten, zitten we nog dertig jaar zonder voordeur in de kou. En het is veel te duur.’

Uit een onderzoek door Milieudefensie onder vijftig bedrijven bleek deze week dat in Nederland nog veel merbau wordt verkocht, een tropische hardhoutsoort die vooral uit Indonesië wordt geïmporteerd. Veel ervan is illegaal gekapt, en Nederland is grootafnemer, stelt Milieudefensie. Veel onderzochte bedrijven – van deurfabrikanten tot vloerenboeren en bouwmarkten – konden niet aantonen dat hun merbau legaal of duurzaam geproduceerd is.

Het is, na vorig jaar, de tweede keer dat het onderzoek is gedaan. Van de 55 bekeken houten vloeren waren er 14 van merbau. Het is de favoriete houtsoort bij de parketspeciaalzaken. De bouwmarkten bieden meer variëteit, met vloeren van laminaat, maar ook vuren, grenen of eiken, soms zelfs met FSC-keurmerk, dat duurzaam beheerde bossen garandeert. Bij de houten buitendeuren is het echter merbau dat de klok slaat. In de bouwmarkten blijkt zo’n 95 procent van de deuren van deze houtsoort gemaakt. Als consument heb je bijna geen duurzame keuze.

Het probleem begint in Indonesië. Dat land verliest jaarlijks 1,87 miljoen hectare tropisch regenwoud, een gebied zo groot als half Nederland. Er wordt gekapt voor de productie van palmolie, maar ook voor hardhout.

Milieudefensie schat dat 80 procent van de merbau in Indonesië en 90 procent in het nabije Papoea Nieuw Guinea illegaal wordt gekapt. Ondanks strengere wetgeving en diverse handhavingsacties lukt het de Indonesische regering niet de illegale houtkap terug te dringen.

Doordat er nog geen Europese wet is die de handel in illegaal hout verbiedt, komt een groot deel van deze merbau hier terecht. Van de Europese import gaat naar schatting 40 tot 50 procent naar Nederland. Daarmee is Nederland een grootverbruiker van merbau uit Indonesië. Jaarlijks wordt ongeveer 50 duizend kubieke meter geïmporteerd. De totale import van tropisch hardhout (industrie, bouw, consument) was vorig jaar volgens de Vereniging van Nederlandse Houthandelaren 941 duizend kubieke meter.

De reden dat veel merbau naar Nederland gaat is dat de houtsoort keihard is en goed bestand tegen ons vochtige klimaat. Maar Britten en Belgen zijn toch ook bekend met het fenomeen regen? We bouwen in Nederland anders dan in de rest van Europa, zegt Milieudefensie. Nederland is het enige Europese land waar eerst de buitendeur wordt neergezet en daarna pas de muren. Dat stelt hogere eisen aan de deuren dan wanneer je, zoals elders, de deuren er later inzet: dan kun je zachter, minder sterk hout gebruiken.

Is er dan geen enkel alternatief voor merbau? Natuurlijk wel, stelt Milieudefensie. Er zijn houtsoorten met dezelfde eigenschappen. Dan kun je het beste kiezen voor (hard)hout met een FSC-certificaat.

Daarnaast komt er steeds meer ‘zacht’ hout als vuren of grenen op de markt, dat op hoge temperaturen is gehard. Toch vind je zulk verantwoord hout nauwelijks in de winkel of groothandel. Waarom niet?

‘Omdat halsoverkop overstappen op FSC een stap te ver is,’ zegt directeur Weijs van Java Deuren. ‘De Nederlandse consument vindt FSC te duur, er is nog vrijwel geen FSC-merbau, de situatie in Indonesië is moeilijk te controleren. Wat er wel is: merbau van de Tropical Forest Trust, TFT. Die eisen gaan minder ver, maar zijn haalbaarder. Bovendien is de prijs minder hoog. Als we nou eens beginnen met TFT te ondersteunen, kunnen we daarna de overstap naar FSC maken.’

Ook de Nederlandse bond voor Timmerfabrikanten beaamt dat een overstap naar duurzaam hout vaak moeilijk is. ‘FSC is erg zwart-wit’, zegt een woordvoerder. ‘Het hout moet wel verkrijgbaar zijn, betaalbaar en geschikt.’

‘Het schokkendst vinden wij dat bedrijven zeggen pas over te gaan op alternatieven als de markt daarom vraagt’, zegt Anne van Schaik, campagneleider globalisering en milieu van Milieudefensie. ‘Dat is een heel cynische houding, als je weet hoeveel illegaal hout er wordt gebruikt en hoe groot de ontbossing is. Bedrijven die met hout werken, horen hun verantwoordelijkheid te nemen. Het is tenslotte ook in hun belang dat er over tien jaar nog bos staat.’

De stichting Probos, die zich inzet voor beter bos, geeft toe dat de houtsector erg traditioneel is. ‘Merbau gebruiken we al heel lang, dat is bekend. Er zijn genoeg alternatieven: maar daar moet de importeur wel wat meer moeite voor doen en ze ook aanbieden aan de klanten.’

Een andere uitkomst van het onderzoek is dat er op grote schaal misleidende of zelfs onjuiste informatie wordt gegeven over de herkomst van de merbau. Zo vertellen medewerkers, folders of websites bijvoorbeeld dat de merbau gegarandeerd legaal is, of afkomstig uit duurzaam beheerde bossen, terwijl dat niet waar of niet te bewijzen is. Volgens Milieudefensie kon niemand van de producenten en importeurs van merbaudeuren precies vertellen waar hun hout vandaan kwam.

Toch is er sinds het eerste onderzoek, in 2007, wel wat veranderd, vindt Van Schaik. ‘Zeven deurenproducenten hebben hun beleid ten opzichte van vorig jaar gewijzigd. Producent Doornenbal bijvoorbeeld gebruikt nu 80 procent FSC-hout en bewijst zo dat duurzaam haalbaar is.’

Ook Steffex, één van de grootste leveranciers (Cando deuren), brengt in 2009 deuren van thermisch gehard en FSC-hout op de markt. Collega Weekamp weert samen met Indonesische partners illegaal gekapte merbau. Vloerenbedrijven als Jeweret, Stiho en Inpa Parket investeren in duurzaam en legaal geproduceerd hout.

Wat de bouwmarkten betreft: Intergamma (Gamma en Karwei) doet weliswaar onderzoek naar thermisch verduurzaamd hout en Praxis en Formido beloven meer duurzaam hout, maar concreet is er nog niets. Andere bouwmarkten, zoals Hornbach en Multimate, hebben geen enkele openheid van zaken gegeven. Imabo, Bouwmaat en de meeste vloerenfabrikanten wachten af hoe de markt zich ontwikkelt.

‘Daarom zijn de consumenten zo belangrijk’, zegt Van Schaik. ‘Vraag naar duurzaam hout. En laat je niets wijsmaken, het is er wel.’

Meer over