ColumnPeter de Waard

Moet er een minimumspaarrente worden ingevoerd?

null Beeld

In Dickens’ David Copperfield zegt Mr. Wilkins Micawber: ‘Jaarlijks inkomen: 20 pond. Jaarlijkse uitgaven: 19 pond en 97,5 pence. Resultaat: geluk. Jaarlijks inkomen: 20 pond. Jaarlijkse uitgaven: 20 pond en 2,5 pence. Resultaat: ellende.’

In de economie wordt tegenwoordig gesproken van het Micawber Principe. Sparen moet worden gezien als een deugd, zodat ellende wordt voorkomen. Iemand die iets opzij zet voor slechte tijden, moet worden geprezen. Hij of zij wentelt zijn problemen later niet af op de maatschappij.

Dat Nederlanders er niet meer goed in zijn, is logisch. Spaarders worden al tien jaar bestraft. Zij krijgen minder vergoed dan de inflatie. En het is al helemaal een schip van bijleg als over het spaargeld ook nog eens belasting moet worden betaald: de vermaledijde vermogensrendementsheffing. Omdat de spaarrente zo laag is, steken mensen hun geld in risicovolle aandelen of in andere financiële gekkigheid zoals bitcoins.

ABN Amro en ING hebben hun spaarrente op vrij opneembare rekeningen al teruggebracht naar 0,03 procent. Iemand die tienduizend euro heeft gespaard voor de aankoop van een huis krijgt per jaar nu 3 euro rente.

De banken wassen als Pontius Pilatus hun handen in onschuld. Zij roepen dat ze moeten betalen voor overbodige liquiditeiten die ze uitzetten bij de Europese Centrale Bank, zodat ze op spaartegoeden nog geld toeleggen. Maar ze verlenen natuurlijk ook bedrijfskredieten en hypotheken waarop ze wel flinke marges maken. Wie rood staat, betaalt zo 14 procent.

De winsten van de banken zijn de laatste jaren fors gestegen. In 2017 steeg de winst van de Rabobank naar 2,7 miljard, ABN Amro naar 2,8 miljard en ING naar 5 miljard euro. Dat is alleen alleen ruim 10 miljard euro voor de grote drie. Blijkbaar is de argeloze spaarder niet zo hinderlijk.

De Britse financiële waakhond Financial Conduct Authority (FCA) pleitte onlangs voor een basisrente voor alle spaarders.

Zij wil daarmee voorkomen dat spaarders die hun geld rustig ergens laten staan, worden afgeknepen. Eind 2017 hadden Nederlanders 339 miljard euro spaargeld op hun rekeningen staan, waarvan 289 miljard (85 procent) op vrij opneembare rekeningen, zoals internetspaarrekeningen. Als de banken daar Nederlandse spaarders een fatsoenlijke rente van 2 procent op geven, kost ze dat 5,8 miljard euro.

Nederlanders voelen zich dan niet langer een dief van hun portemonnee en sparen wordt weer een deugd. De banken houden genoeg over voor hun aandeelhouders en ellende wordt voorkomen.

Of spaarders moeten hun lot willen ondergaan als Wilkins Micawber. Die kon in oneindig optimisme tegenslagen omarmen: ‘Welkom armoede! Welkom ellende, welkom dakloosheid, welkom honger, lompen, storm en de bedelstaf!’

Nederlanders zijn geen Britten, laat staan Mr. Micawber.

Meer over