Milieu-inspecteurs krijgen moeilijk greep op chemiereus

Duizend hectare industrieterrein, 54 chemische fabrieken binnen de hekken, een eigen spoorwegennet, energiecentrale en bedrijfshaven. Het DSM-complex in Geleen is omvangrijk....

Vrijdag werd bekend dat justitie een strafrechtelijk onderzoek heeft ingesteld naar het ontsnappen van een grote wolk blauwzuurgas op het DSM-terrein. De wolk ontsnapte oktober 1999 in de buurt van een Geleense woonwijk.

Behalve het dodelijke blauwzuurgas lekte er ook vierduizend liter van het zeer brandbare acrylnitriel weg. Het justitieel onderzoek richt zich op de vraag of DSM het ongeval had kunnen voorkomen.

De provincie Limburg blijkt justitie te hebben aangespoord tot het onderzoek. Zij stelt allemilieuvoorschriften op voor het chemieconcern, maar heeft al vaker moeten constateren bij DSM voortdurend achter de feiten aan te lopen. Na een incident kan er slechts een evaluatie volgen en worden zo nodig aangescherpte voorschriften toegevoegd. Voor de ACN-installatie waar het blauwzuurgas weglekte, lijkt dat nu ook te gaan gebeuren.

Voor het verstrekken van de vergunning zijn de milieuambtenaren voor het belangrijkste deel aangewezen op informatie van DSM. De technische en chemische expertise zit immers bij het bedrijf zelf. Of een pijpleiding moet worden vervangen - het blauwzuurlek werd veroorzaakt door een lekke leiding - bepaalt dientengevolge DSM. Datzelfde geldt voor grote revisiebeurten van bepaalde fabrieken.

De werkwijze bevalt burgemeester H. Lurvink van Geleen allerminst. 'De provincie en Geleen zijn volledig aangewezen op de informatie van DSM. We zijn afhankelijk van de man die achter de knoppen staat en meldt of het goed of fout gaat. Die afhankelijkheid blijft een zwakke schakel in het verhaal. Ik weet niet hoe je dat probleem zou moeten oplossen.'

Dat de ambtelijke inspectie maar moeilijk greep krijgt op de chemiereus (jaaromzet 1999: 14 miljard gulden), is al vaker gebleken. Om de zoveel jaar komt DSM in Geleen in het nieuws met voorvallen waarbij grote hoeveelheden giftige stoffen in het milieu terechtkomen. Zo veroorzaakte DSM in 1987 een forse bodemverontreining met het giftige nafta, ontplofte in 1988 een polyetheenfabriek, ontsnapte twee jaar later een enorme wolk salpeterzuur en waren er in 1993 drie grote gaslekkages waaronder een met zwavelzuur. Vorig jaar turfde DSM 377 'ongebruikelijke voorvallen'. Dat zijn de wat 'kleinere' ongelukken met giftige stoffen, waartoe DSM overigens ook de blauwzuurlekkage rekent.

In Geleen ligt de benzeenlekkage uit 1996 nog vers in het geheugen. DSM liet de gemeente toen volledig in het ongewisse over het weglekken van 690 duizend liter van het kankerverwekkende benzeen. Het grondwater onder het DSM-terrein raakte daardoor zwaar verontreinigd. Justitie in Maastricht heeft ook naar dat voorval een strafrechtelijk onderzoek lopen, dat naar verwachting binnenkort wordt afgerond.

Geleen dringt al jaren bij DSM aan op het instellen van een gasdetectiesysteem op het bedrijfsterrein. Lekkages van vluchtige schadelijke stoffen zouden daardoor meteen kunnen worden gesignaleerd. De onderhandelingen tussen Geleen en DSM duren al zes jaar.

Meer over