ColumnFrank Kalshoven

Mikken op een hoger doel: terugredeneren helpt het klimaatbeleid

null Beeld

De mens veroorzaakt de opwarming van de aarde. Het nieuwste rapport van het internationale klimaatpanel IPCC, deze week gepubliceerd, laat er geen misverstanden over bestaan. Wetenschappelijke twijfel moet altijd blijven bestaan, onzekerheidsmarges dienen in acht te worden genomen. En als dat netjes is gedaan is de conclusie: wij zijn het, de mensen. We hadden al zo’n vermoeden natuurlijk.

Wat we gewend zijn, is om van hieruit dóór te redeneren. Ik leg het zo uit. Maar het is minstens zo belangrijk om ook terug te redeneren. Idem.

Doorredeneren? Dat gaat ongeveer zo. De mens veroorzaakt opwarming. Opwarming heeft effecten op het klimaat. Deze effecten zijn negatief. Om de negatieve effecten tegen te gaan moet de opwarming worden beperkt. Om opwarming te beperken moet de mens (als soort) zich anders gedragen, minder broeikasgassen uitstoten. Hoe? In antwoord op de hoe-vraag komen we terecht in de techniek. Elektrische auto’s, CO2-uitstootrechten, vleesconsumptie, biomassa, zonne-energie et cetera. En over deze techniek kun je nogal stevig discussiëren, wat ook gebeurt.

Bij doorredeneren is het ‘tegengaan van opwarming’ het hoogste doel.

Bij terugredeneren is het ‘tegengaan van opwarming’ juist een lager gelegen doel. De vraag is: hoezo? Hoezo is het tegengaan van opwarming eigenlijk een doel? Dit lijkt misschien een analytisch spelletje met weinig praktische betekenis. Maar dat is allerminst het geval. Kijk maar.

Een veelgehoord bovenliggend doel is: de planeet aarde redden. De redenering is dan: mensen moeten de opwarming van de aarde tegengaan teneinde de planeet te redden. Of, in de correcte hiërarchische volgorde: Mensen moeten de planeet aarde redden en dus moeten mensen de opwarming tegengaan.

Nu verder terugredeneren. Hoezo? Hoezo moeten mensen de planeet aarde redden? Kauw hier gerust even op.

Analytisch juist maar verder zonder betekenis zou het antwoord zijn: mensen moeten (alle) planeten redden.

Beter oogt: mensen moeten het leven op de planeet aarde beschermen. Nu hebben we een trits: leven beschermen, dus: aarde redden, dus: opwarming tegengaan.

Hoezo? Hoezo moeten mensen het leven op aarde beschermen?

Hier leiden minstens twee denkwegen in de richting van een hoger doel. De ene weg is de religieuze. Aan het eind van deze terugredenering staat een externe opdrachtgever (een god) die zegt dat de mensheid een opdracht heeft om het leven te beschermen.

Op de tweede denkweg staan we geen externe opdrachtgever toe. Er is dan een afslag die koerst richting de intrinsieke waarde van al het leven. Dit is zonder twijfel een nobel hoofddoel. Als we hierop uitkomen dan is dus (alle tussenstappen eliminerend) de terugredenering: mensen moeten de opwarming van de aarde tegengaan om de intrinsieke waarde van het leven te beschermen.

De andere afslag is naar mijn vermoeden de sterkste. Deze koerst naar het eigenbelang van de mens als hoogste doel. Mensen moeten het leven op aarde beschermen teneinde zichzelf te beschermen. De terugredenering (zonder tussenstappen) is dan: mensen moeten de opwarming tegengaan om de mensheid te beschermen.

Beschouw dit vooral als een uitnodiging zelf een doelenladder te maken. ‘Hoezo?’ Dit is de hulpvraag die helpt bovenliggende doelen te achterhalen, laddertje op. ‘Dus?’ Deze vraag leidt laddertje af.

Het is, los van de denkhygiëne zelf, nogal belangrijk dat we hier dieper over nadenken, óók voor het draagvlak voor klimaatbeleid. Als het van God moet, zullen velen niet thuis geven. De intrinsieke waarde van het leven? Zullen we dat maar overlaten aan de boomknuffelaars? Onszelf beschermen? Klinkt verstandig.

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? frank@argumentenfabriek.nl.

Meer over