Krantenjongens brengen werkloosheidspeil omlaag

De werkloosheid in Nederland lijkt langzaam af te nemen. Die daling komt vooral voor rekening van jongeren...

Volgens de laatste metingen van het Centraal Bureau voor de Statistiek (CBS), zijn er nu ongeveer honderdduizend werkloze jongeren. Dat wil zeggen, mensen tussen de 15 en 24 jaar die actief een baan zoeken van minimaal twaalf uur per week. Vorig jaar waren er in dezelfde periode nog vijftienduizend werkloze jongeren meer.

Over de gehele beroepsbevolking is de werkloosheid iets lager, vierduizend minder dan vorig jaar. In totaal zijn er nu nog 481 duizend mensen op zoek naar werk.

Gisteren nog berichtte de Raad voor Werk en Inkomen (RWI) dat de werkloosheid onder jongeren was gestegen. Die conclusie was eveneens gebaseerd op cijfers van het CBS. Volgens CBS-econoom Michiel Vergeer komt dat doordat de RWI uitging van de cijfers van de maanden juli, augustus en september. De werkloosheidscijfers van die maanden liggen traditioneel hoger. Veel scholieren zijn dan afgestudeerd of op zoek naar een zomerbaantje.

De huidige afname van de jeugdwerkloosheid is met name toe te schrijven aan mannen. De meesten van hen, zo meldt het CBS, hebben een baantje van minder dan twaalf uur, zoals een krantenwijk, en volgen daarnaast een opleiding.

De werkloosheid onder vrouwen van 15 tot 24 jaar is nagenoeg hetzelfde. Dat komt doordat meer vrouwen hun weg naar de arbeidsmarkt vinden en er dus ook meer vrouwen als werkzoekend geregistreerd staan.

Overigens wil de daling van de jeugdwerkloosheid niet zeggen dat er ook daadwerkelijk meer banen zijn gekomen, zegt het CBS. De teruglopende cijfers zijn met name te danken aan de tendens langer onderwijs te volgen, niet aan een toegenomen werkgelegenheid.

Opmerkelijk is dat ouderen nog niet weten te profiteren van het lichte economisch herstel. Het aantal oudere werklozen neemt nog altijd toe. Vergeleken met dezelfde periode vorig jaar zijn er nu twaalfduizend extra werkzoekenden tussen de 45 en 65 jaar.

‘In tijden van economische achteruitgang verliezen jongeren als eerste hun baan, ouderen als laatste. Maar als de economie aantrekt, zie je dat jongeren weer snel werk vinden, terwijl het voor ouderen een stuk lastiger is om ertussen te komen’, verklaart Vergeer.

Meer over