'KPMG en Moret willen fuseren'

Niets is vervelender dan het afvinken van journaalposten en het tellen van de bedrijfsinventaris. Daarom gaf Jacob Kraayenhof al veertig jaar geleden een nieuwe definitie van zijn beroep, om de meer dynamische accountant te onderscheiden van een morsige boekhouder: 'Ik ben een koopman in handtekeningen.'..

Met een gouden vulpen als enige afschrijvingspost en een kladblok van Ahrend als enig werkkapitaal stroomde het geld binnen. Veerig jaar later is het kantoor Klynveld Kraayenhof uitgegroeid tot KPMG. Een Big One met 150 duizend werknemers en wereldmarktleider op het gebied van accountancy, consultancy en fiscale adviezen. Zoals een goed Nederlands koopman betaamt.

Maar de expansiehonger is daarmee nog niet gestild. Onder koopman Ruud Koedijk is KPMG ook bezig de grootste jurist te worden. Daarnaast wil het de grootste automatiseerder worden. En misschien in de toekomst ook de grootste bank, verzekeraar en gloeilampenfabriek.

In dat kader worden niet alleen alle concurrerende kantoren opgegeten. Ook hebben de organisatie-adviseurs van KPMG vrijwel alle grote concerns herschapen in een wereldwijd labyrinth van vennootschappen. Alleen de eigen accountants van KPMG kunnen hierin later nog een beetje fatsoenlijk de weg vinden.

Het wekt nauwelijks verbazing dat de grote multinationals zich nu verzamelen aan de Zuidas van Amsterdam: ze zijn volledig uitgeleverd aan het multidisciplinaire KPMG-kantoor in Amstelveen.

Willen Cor Boonstra, Aad Jacobs of Jan Kalff investeren, reorganiseren, overnemen of fuseren? Ze zullen altijd eerst vijf kilometer verderop bij Ruud Koedijk aan de rijksweg bij Amstelveen te rade moeten gaan. Soms is het advies positief (reorganisaties en saneringen), soms is het negatief (fusies en overnames).

Soms lijkt het er verdacht veel op dat KPMG de mooiste stukjes gesaneerd bedrijfsleven voor zichzelf wil bewaren. De opvolger van koopman Koedijk kan KPMG dan laten uitgroeien tot de VOC van de 21ste eeuw.

Naast de replica van de Batavia zou een replica van de gouden vulpen niet misstaan.

W. van Praag Segaar

Meer over