Kabinet zegt verdrag op om schadeclaims te ontlopen

Het kabinet heeft een belangrijk onderdeel van de Europese Code inzake sociale zekerheid opgezegd. Het betreft deel VI, dat de uitkeringen en medische zorg bij arbeidsongevallen en beroepsziekten regelt....

Van onze verslaggeefster

Jet Bruinsma

DEN HAAG

Directe aanleiding is een uitspraak van de Centrale Raad van Beroep. Die oordeelde op 29 mei 1996 dat de overheid geen eigen bijdrage mag vragen voor kraamzorg bij een ziekenhuisbevalling op medische indicatie. Dat gebeurde op grond van een artikel uit de Ziekenfondswet al sinds 1980. Kort voor de uitspraak had minister Borst van Volksgezondheid het artikel overigens al ingetrokken.

Na de uitspraak van de rechter hebben honderden benadeelde vrouwen met steun van Stichting De Ombudsman in Hilversum bezwaarschriften ingediend bij hun ziekenfonds om de ten onrechte betaalde eigen bijdragen, die kunnen variëren van enkele tientallen tot honderden guldens, terug te krijgen. Tot dusver zijn die verzoeken op formele gronden doorgaans afgewezen, na overleg tussen minister Borst, Zorgverzekeraars Nederland en de Ziekenfondsraad.

Het aantal aanvragen is echter zo sterk gestegen dat de ziekenfondsen vorige week aan minister Borst hebben gevraagd de eigen bijdragen toch te mogen terugbetalen.

Borst heeft echter al eerder stappen ondernomen om mogelijke schade als gevolg van de rechterlijke uitspraak van mei 1996 te beperken. Op 14 maart van dit jaar zegden zij en haar collega Melkert van Sociale Zaken namens het kabinet onderdeel VI van de Europese Code inzake de sociale zekerheid op. Vanaf maart 1998 is Nederland niet meer aan dit deel van de code gebonden.

Het opzeggen van de code is opmerkelijk, omdat de rechter de overheid had berispt wegens het schenden van een andere internationale regel, het ILO-verdrag. Een snelle opzegging daarvan bleek echter onmogelijk: dat kan maar eens in de tien jaar.

Daarom besloten Borst en haar collega Melkert van Sociale zaken om in plaats van het ILO-verdrag de Europese Code op te zeggen. De code regelt voor de landen van de Raad van Europa dezelfde zaken als het ILO-verdrag, maar dat laatste geldt voor meer landen. De code kan eens per vijf jaar worden opgezegd. De laatste kans om dat te doen was op 14 maart 1997. Vanwege de haast werd de Kamer achteraf, per brief ingelicht. De formele opzeggingswet volgde op 10 september.

De Tilburgse hoofddocent sociaal recht dr. F. Pennings veegt in het Nederlands Juristenblad van vorige week de vloer aan met het kabinetsbesluit. De opzegging is volgens hem bedoeld om de weg vrij te maken voor verdere bezuinigingen op de sociale zekerheid. Pennings noemt met name de omstreden Algemene Nabestaandenwet (ANW) die in 1998 van kracht wordt. Die wet is strijdig met de code en kan dus voor de rechter worden aangevochten.

Is de code voor Nederland vervallen, dan kan dat niet meer, denkt Pennings. 'De huidige verdragen beperken de mogelijkheden om verder te bezuinigen en wellicht zelfs om bezuinigingen waartoe reeds besloten is, door te voeren.

De vakcentrale FNV deelt Pennings' opvatting. Zij noemt het gedeeltelijk opzeggen van de code onbeschaafd. De FNV heeft brieven geschreven aan minister Borst van Volksgezondheid - de eerste ondertekenaar van de opzeggingswet - en aan de Tweede Kamer met het verzoek om van opzegging af te zien.

Tot dusver is de indiening van de opzeggingswet aan de meeste fracties ongemerkt voorbijgegaan. Van de regeringsfracties heeft, op 2 oktober, alleen D66 om opheldering gevraagd, van de oppositie deden dat alleen Groen Links en de RPF.

Meer over