columnpeter de waard

Is de echte elektrische hype bij de tweewielers in plaats van de auto’s?

null Beeld

Wie denkt dat de vraag naar elektrische auto’s explodeert, heeft het mis. In totaal rijden er in Nederland 190 duizend rond ­– 3,5 procent van het totaal aantal auto’s. Het aantal elektrische fietsen bedraagt daarentegen al 2,4 miljoen, bijna 12 procent van het totaal aantal gebruikte en ook ongebruikte fietsen in Nederland, dat wordt geschat op 22 miljoen. Verder rijden er in Nederland nog 363 duizend andere elektrische tweewielers, waarvan 167 duizend elektrische steps, die verboden zijn maar waar de politie geen vat op heeft.

Over de voordelen van al dat elektrische ­geweld op het Nederlandse asfalt valt te twisten. De snelle toename van het aantal e-bikes en andere elektrische tweewielers heeft geleid tot toenemende irritatie op de fietspaden, waar nu meer wordt gebeld dan er wordt getoeterd in een Romeinse binnenstadswijk. Ook het aantal ongelukken neemt toe, niet ­alleen door roekeloos scheuren van jongeren op een e-bike maar ook door onhandig ­manoeuvreren van ouderen. In dat opzicht is er tenminste geen generatieconflict. En als e-bikes worden gebruikt als alternatief voor de gewone trapfiets, zijn ze eerder schadelijk dan goed voor het milieu.

Maar overheden staren zich graag blind op de voordelen. Driekwart van de broeikasgassen die in de transportsector vrijkomen, wordt veroorzaakt door stedelijk vervoer. Dat zijn meestal afstanden die probleemloos met de fiets zijn te overbruggen. Steden worden daarom snel fietsvriendelijker gemaakt. Parkeerplaatsen worden verkleind en wegen vervangen door fietspaden, of gedeelde fiets- en busbanen.

De aanschaf van e-bikes wordt in veel landen gesubsidieerd, niet alleen vanwege de duurzaamheid maar ook vanwege de vergrijzing, de bewegingshype en de ruimtebesparing ten opzichte van auto’s. In 2015 werden in Europa 1 miljoen e-bikes verkocht, vorig jaar waren dat er 4 miljoen. En in 2025 zal de markt zijn gegroeid tot 12 miljoen e-bikes. In Nederland mogen e-bikes al goed zijn voor 50 procent van de markt, in andere landen van Europa is dat veel lager (van 10 procent in Portugal tot 30 procent in Duitsland) en buiten Europa is zelfs niet meer dan 1 of 2 procent.

Wie wil beleggen in duurzaam transport zou beter voor e-bikefabrikanten kunnen ­kiezen dan voor elektrische autofabrikanten. De koers van Tesla is de afgelopen twee jaar ­verzeventienvoudigd, terwijl die van het Nederlandse Accell in die periode is verdubbeld en die van het Taiwanese Giant­ – de grootste e-bikefabrikant ter wereld – met 50 procent is gestegen. Na zo’n groeispurt is de kans groot dat de koers van elektrische auto’s stilvalt, ­terwijl er bij e-bikes nog ruimte zit.

De markt voor e-bikes is gefragmenteerd met talrijke spelers als Pon, het Duitse Riese & Müller, het Amerikaanse Trek en vele Aziaten. Misschien kan daarom het beste worden belegd in de fabrikanten van e-bike-onder­delen als aandrijvingen, remmen en batterijcellen. Dan is de belegger altijd winnaar.

Meer over