Reportage

In Tilburg mag het: bijstand ontvangen en samenwonen

De gemeente Tilburg is een proef gestart met bijstandsgerechtigden. Zij mogen een halfjaar samenwonen zonder dat het invloed heeft op hun uitkering. Het moet voorkomen dat mensen in de bijstand uit angst voor sancties geen relaties meer aangaan.

Annemarie van Krimpen zit in de bijstand en durft geen relatie meer aan te gaan uit angst dat haar uitkering wordt gekort.  Beeld Harry Cock / de Volkskrant
Annemarie van Krimpen zit in de bijstand en durft geen relatie meer aan te gaan uit angst dat haar uitkering wordt gekort.Beeld Harry Cock / de Volkskrant

De man die Annemarie van Krimpen (54) twee jaar geleden ontmoette tijdens het uitlaten van de hond, was nagenoeg perfect. Hij had dezelfde voorliefde voor viervoeters en was altijd even belangstellend. Toch stond, of eigenlijk sliep, er altijd iets tussen hen in: de gemeente. Van Krimpen wist namelijk maar al te goed wat het zou betekenen als zij als chronisch zieke in de bijstand een serieuze relatie zou aangaan. Zijn inkomen zou invloed hebben op haar uitkering.

De gemeente Tilburg wil zich niet langer zo actief bemoeien met het liefdesleven van haar bijstandsgerechtigden. Als eerste Nederlandse gemeente is zij dit najaar een pilot begonnen waarin bijstandsontvangers een halfjaar mogen proefsamenwonen, zo kondigde ze dinsdag aan in Trouw. De zogeheten kostendelersnorm wordt tijdelijk losgelaten waardoor het inkomen van de partner geen invloed meer heeft op de bijstandsuitkering van 1.050 euro.

De proef volgt op het experiment dat de Tilburgse wethouder van arbeidsparticipatie en bestaanszekerheid Esmah Lahlah afgelopen maart deed. Met de Wijdemeerse boodschappenaffaire nog vers in het geheugen – een vrouw werd gekort op haar bijstand omdat ze wekelijks boodschappen kreeg – leefde de partij-onafhankelijke wethouder afgelopen maart zélf een maand van een bijstandsuitkering. Ze wilde daarmee ervaren hoe haar beleid uitwerkt voor de zevenduizend Tilburgse uitkeringsgerechtigden, en waar de knelpunten zitten.

Duurzaam samenwonen

Een van de eerste vragen die bij aanvang van het experiment opspeelde, was hoe ze moest omgaan met haar relatie. ‘Ik ben getrouwd en mijn partner en ik hebben allebei een eigen woning. Ik vroeg me af: hoe vaak mogen we bij elkaar zijn?’ Volgens de participatiewet hebben bijstandsgerechtigden die ‘duurzaam samenwonen’ ofwel geen recht op een uitkering – als hun partner werkt – of slechts op de gezamenlijke, lagere uitkering van 1.500 euro als hun partner ook in de bijstand zit.

Het probleem is alleen, zo merkte Lahlah, dat niet duidelijk is wanneer sprake is van ‘duurzaam samenwonen’. ‘Ik heb het geprobeerd te googelen maar het valt niet vast te pinnen in een aantal nachten of dagen dat je samen mag zijn. Het is maatwerk.’ Dat maakt bijstandsgerechtigden op hun qui-vive. ‘Ze weten niet wat wel en niet mag en nemen daarom het zekere voor het onzekere: ze kiezen ervoor dan maar geen relatie te hebben.’

Nederland telt ruim 400 duizend bijstandsgerechtigden. Na zwartwerken is samenwonen de meest voorkomende reden om hen van fraude te betichten, zo bleek uit een eerdere rondgang van de Volkskrant. Sociale diensten gaan dan ook niet lichtzinnig om met het opsporen ervan: bijstandsgerechtigden beklaagden zich onder meer over peilbakens onder de auto, camera’s voor de deur, buurtonderzoeken en achtervolgingen die niet zouden misstaan in de nieuwste Bond-film.

Torenhoge vorderingen

Ook de sancties zijn niet mis. Als er volgens de sociale dienst inderdaad sprake is van samenwonen, schenden bijstandsgerechtigden de inlichtingenplicht. Dat heeft gevolgen voor de bijstand en kan leiden tot torenhoge vorderingen, zo ondervond ook Van Krimpen (die niet in Tilburg woont). Vijf jaar geleden werd ze op het matje geroepen omdat een goede vriend, een getrouwde man nota bene, haar dochters voor hun verjaardag telefoons had gegeven. Er moest wel sprake zijn van een relatie waarin hij haar onderhield, vond de rechercheur. Haar uitkering werd tijdelijk stopgezet en ze kreeg een vordering van 27 duizend euro wegens het schenden van de inlichtingenplicht.

Om dergelijke taferelen te voorkomen, besloot wethouder Lahlah tijdens haar maand in de bijstand het contact met haar partner te beperken. Ze at ’s avonds vaak alleen. Dat kwam haar overigens niet altijd slecht uit, want ze had ook te weinig geld om voor meer personen te koken. ‘In de laatste week had ik nog 5 eurocent op mijn rekening staan. Ik deed toen precies wat je niet moet doen: ik maakte de post niet meer openen. Ik durfde niet omdat ik niets meer kon met rekeningen.’

Naast de mogelijkheid tot proefsamenwonen, pleit Lahlah daarom ook voor een verhoging van de bijstand met minimaal 200 euro per maand. Daarin staat ze niet alleen: ook de Vereniging van Nederlandse Gemeenten (VNG) en de Amsterdamse wethouder probeerden dat op de formatietafel te krijgen. In de hoofdstad wordt ook al langer geëxperimenteerd met bijverdienen naast de bijstand.

Nijpende kwesties

De Landelijke Cliëntenraad is blij dat gemeenten proberen ruimte in de wet te zoeken, maar zou ook graag zien dat snel werk wordt gemaakt van andere nijpende kwesties: die van kinderen van bijstandsgerechtigden die noodgedwongen het huis uit moeten bijvoorbeeld. Op het moment dat zij 21 jaar zijn, tellen zij – net als liefdespartners – ook mee voor de kostendelersnorm. Terwijl zij met de oververhitte huizenmarkt vaak moeilijk op zichzelf kunnen gaan wonen. Ook mantelzorgers die bij iemand moeten inwonen om zorg te verlenen, lijden volgens de belangenclub onder diezelfde kostendelersnorm.

Het Tilburgse experiment duurt een jaar. Als het een succes is, is het Rijk volgens Lahlah aan zet. Voor Van Krimpen zal het weinig verschil maken als de pilot landelijke navolging krijgt: de relatie met de hondeneigenaar heeft ze inmiddels verbroken, ze neemt geen enkel risico meer. Ze is niet van plan om ooit nog verliefd te worden. ‘Na al die jaren in de bijstand ben ik niet alleen wantrouwig geworden tegenover de overheid. Ik durf helemaal niemand meer te vertrouwen.’

Meer over