Hurry, hurry, hozen met die dozen

In de kantines van de havens van Rotterdam en Amsterdam is Karl Marx nog springlevend. Manifest, de krant van de Nieuwe Communistische Partij, verkondigt de klassenstrijd alsof de vakbeweging nog moet worden uitgevonden....

DE TOEKOMST van de Amsterdamse haven ziet er rooskleurig uit. Maar de werknemers zijn te duur, moeten flexibeler werken en er kunnen slechts honderd van de driehonderd blijven.'

Het rapport van Hans Kamps, voorzitter van de Amsterdamse arbeidsbureaus, over de Amsterdamse havenpool moet nog verschijnen, maar de ontslagen or-voorzitter Ab de Wild van de failliete Amsterdamse Arbeidspool weet de uitkomst al. 'Zijn wij te duur? Werkgevers vinden alle werknemers te duur. Ons salaris hebben wij niet voor niets gekregen. Daar hebben we jarenlang voor gestreden', zegt de Wild strijdbaar.

In het gebouw van de failliete arbeidspool, in een verre uithoek van het westelijk havengebied, heeft de de tijd stilgestaan. Op tafel ligt Manifest, de krant van de Nieuwe Communistische Partij. De opening gaat over de actualiteit van het socialisme. 'Het kapitalistische systeem produceert structureel massale en langdurige werkloosheid, permanente bestaansonzekerheid, wereldwijde armoede, honger en epidemische ziekten . . .' Karl Marx is springlevend.

Toch zitten er barsten in het arbeidersfront. Nu door het faillissement van de Amsterdamse pool 315 havenwerkers op straat staan, nog nooit vertoond in de Nederlandse havens, hebben de poolwerknemers de steun nodig van hun collega's. Die komt echter maar moeizaam van de grond. De akties en het jargon van de klassenstrijd lijken steeds meer een echo van het verleden, toen op elke ontslagdreiging massale akties volgden.

De arbeidsverhoudingen in de haven zijn vanouds ruw. De bazen waren echte bazen, havenbaronnen. De arbeiders konden aan de poort komen vragen naar werk. In de haven werken vrijwel uitsluitend mannen, liefst met vuistdikke, getatoeëerde bovenarmen en weldoordrenkte bierbuiken. Vechten tegen de arbeiders van de bierkaai is een staande uitdrukking.

Havenwerk is zwaar. De havenpoolers doen het vieste en vuilste werk. Zij moeten tremmen. Ze vegen de scheepsruimen en maken dáár schoon waar machines niet bij kunnen. 'Vast personeel tremt niet', zegt De Wild.

Een flink deel van de arbeidspool bestaat uit elleboogstomers, de mannen die uitsluitend zwaar fysiek werk doen. 'Is het gek dat het ziekteverzuim ruim 15 procent is. Wij werken altijd, weer of geen weer.'

Het enorme ziekteverzuim, de leegloop van 15 procent, de tijd dat de poolwerknemer niet werkt maar wel krijgt doorbetaald, zijn de voornaamste argumenten van de werkgevers tegen de pool. Bovendien zijn de werkers maar vijf dagen op vaste uren inzetbaar. Buiten die uren krijgen ze toeslagen. De werkgevers vinden de pool daardoor veel te duur, want nu gaan de werkgevers opdraaien voor de kosten. Tot nu toe kon op Haags geld worden geteerd.

Bovendien vinden de werkgevers de pool te groot. In de Amsterdamse haven hebben vierhonderd mensen een vaste baan, en nog eens 315 zitten in de pool. Zelfs werkgevers die solidair zijn met de arbeidspool, vinden dit te gortig. 'Er is altijd een pool nodig, maar over de omvang zijn de meningen verdeeld. Sommigen zeggen zestig. Ik houd het op ongeveer 150 man', zegt adjunct-directeur Hans van der Velde van overslagbedrijf Ceres, voorheen CTA.

Or-voorzitter De Wild blijft echter eisen dat niemand gedwongen ontslagen wordt. 'De gemiddelde leeftijd is 48 jaar. Niemand komt meer aan de slag. Ze zijn straks allemaal aangewezen op de sociale uitkeringen. Waarom kan de overheid niet bijspringen voor de doorstart?'

Conflicten met de bazen zijn steevast op het scherpst van de snede uitgevochten. Jarenlang waren de havens het bolwerk van de communistische vakbeweging. Zo organiseerde de Eenheids Vakcentrale in 1947 in Rotterdam de langste havenstaking. De invloed van de EVC taande maar rudimenten als het Onafhankelijk Verbond van Bedrijfsorganisaties OVB en De Rode Morgen hebben tot in de jaren tachtig het optreden van de reguliere vervoersbonden van FNV en CNV gefrustreerd.

Vaak nam de haven het voortouw bij het afdwingen van landelijke loonrondes. In 1970 zorgde de havenstaking onder het motto 'geen procenten maar centen' voor een nationale loonsverhoging van 400 gulden. In de haven stond tornen aan arbeidsvoorwaarden decennialang gelijk aan spelen met vuur.

De arbeiderssolidariteit legde de havenwerknemers geen windeieren. Een arbeider verdient tussen de 3800 en 4600 gulden bruto per maand, maar vrijwel iedereen ontvangt daar bovenop 30 procent aan toeslagen.

Het havenwerk is echter niet meer wat het was. 'Het is een procesindustrie geworden', zegt Ludo Jansen. Hij onderhandelde de afgelopen tien jaar namens de werkgeversvereniging Scheepvaart Vereniging Zuid met de bonden. De Amsterdamse Scheepvaart Vereniging Noord volgde steevast de Rotterdamse afspraken.

Tot ver in de jaren zeventig waren Rotterdam en Amsterdam stukgoedhavens. De vracht moest handmatig, hooguit met hulp van kranen en takels worden geladen en gelost. In 1970 waren er in Rotterdam nog 15 duizend geregistreerde havenarbeiders, in Amsterdam ruim vijfduizend. De arbeidsvoorwaarden voor het stukgoed waren de norm voor het werk in de haven.

In de jaren zestig werden de pallets en de eerste containers geïntroduceerd. Roll-on-roll-off boten, waar de lading in en uit wordt gereden, deden hun intrede.

De nieuwe technieken dringen nu zelfs door in de cacao, jarenlang het stukgoed bij uitstek en de kurk van de Amsterdamse haven. 'De zakken worden nu vervangen door bulkladingen die zonder verpakking in schepen is gestort of door big bags die met slings in en uit het ruim getakeld worden', zegt Jan Schermer, directeur van de Rotterdamse havenpool. Deze pool met duizend werknemers kampt met dezelfde problemen als de Amsterdamse, al is er nog voor ruim een jaar Haags geld in kas.

De druk om de nieuwe technieken te accepteren, was groot. Tot eind jaren zeventig kon Rotterdam de schepen rustig dagen voor de Hoek laten wachten als er geen ruimte was aan de kaden. Nu zijn de reders de baas. Als er geen ligplaats is, varen ze door. Het laden-lossen moet snel. 'In hooguit twintig uur moet de boot weer weg kunnen zijn. Dan is het echt hurry, hurry, hozen met die dozen. De haven moet daar flexibel op inspelen', zegt Schermer.

Tijd is geld en 'bulk' lost veel sneller dan stukgoed. 'Per uur legen we ongeveer 480 ton, terwijl een ploeg slechts 250 ton per dag doet als de cacao in balen zit', zegt Hans van de Velde.

Werkgevers en werknemers keken eerst vreemd aan tegen de nieuwe ladingen. In 1967 richtten zes bedrijven, waaronder de twee grote stukgoedbedrijven Muller Thompson en Quick Dispatch, het containerbedrijf ECT op. 'Zoals een echte revolutie betaamt, at ECT de moeder op: Muller en Quick zijn verdwenen', zegt C. van der Knaap. Hij behartigde tot 1993 namens de Vervoersbond CNV de werknemersbelangen.

Door de opkomst van de nieuwe laad- en lostechnieken is het stukgoed is nog slechts een randverschijnsel in de haven. In Rotterdam werken nu nog maar vijfduizend werknemers in de 'procesindustrie'. Hun aantal zal naar verwachting over vijf jaar zijn gehalveerd.

Het werk blijft veranderen. Ceres wil schepen met robots gaan lossen, zoals ook ECT een geautomatiseerde terminal heeft. 'Dan hebben we mensen nodig op MTS-niveau, die naast het werk ook zelf kleine reparaties kunnen verrichten', zegt Van de Velde. De vraag naar naar mensen voor simpel en licht werk groeit eveneens. Ceres leegt veel autoboten. 'Dat kun je iemand in een uur leren', zegt Van de Velde.

De sanering in de haven is niet pijnloos of geruisloos gegaan. 'Geen man gedwongen de poort uit', de leus van FNV'er K. Marges, had grote wervingskracht als antwoord op de bedreigingen voor de werkgelegenheid. En, het moet gezegd, gedwongen ontslagen vielen er niet. Wel is op grote schaal de WW gebruikt. Vijftien jaar lang zijn met behulp hiervan vrijwel alle werknemers vanaf 57 jaar ontslagen.

De 57-jarigen kregen WW en de vervolguitkering IOAW, aangevuld tot meestal 80 procent van het brutosalaris. Dit heeft de gemeenschap ruim twee miljard gulden gekost. De aanvullingen werden betaald uit de winsten van het pensioenfonds. Zo is een miljard gulden uit het fonds besteed. In 1993 is de laatste ouderenregeling voor ruim 1700 werknemers afgesproken. Eind dit jaar vertrekt de laatste 57-jarige van deze regeling.

'De regeling was volstrekt legaal. Heel Nederland deed het zo. Is door de regering zelfs gestimuleerd. In 1993 was het politieke tij omgeslagen. Op de valreep is het laatste plan vastgesteld', zegt Jansen.

Terwijl de ouderen op een verzorgde manier werden weggesaneerd, ging de strijd om de arbeidsvoorwaarden verder. De bonden wilden de stukgoed-cao als norm voor de haven handhaven, de werkgevers wilden aparte regelingen. Dit leidde in 1991 tot stakingen die echter verliepen. Vooral de werknemers bij ECT, die door extra bedrijfsregelingen toch al fors beter verdienden, verbraken de solidariteit.

In de nasleep richtte de frustratie zich op het CNV. Dat sloot een aparte cao af voor de sjorders, de mannen die op de boten de ladingen vastzetten. 'Na bemiddeling van FNV-voorzitter Stekelenburg en cosmetiche aanpassing van de cao, ging ook de FNV akkoord met die aparte cao', zegt Jansen.

De solidariteitsbreuk van 1991 werkt nu nog scherp door. De havenpoolers in Amsterdam rekenen op de steun van hun collega's. De Vervoersbond FNV houdt nog staande dat een 'echte oproep de haven plat kan krijgen'. Maar tot nu toe blijft het vrij stil.

Meer over