Hoogstamfeest

In de jaren tachtig leek het einde te naderen voor de hoogstamboomgaarden. Maar Caspar Janssen en fotograaf Marcel van den Bergh zien dat er weer volop hoogstamfruitbomen worden geplant....

En dan sta je opeens op de Eikelsweg, een zandweg met links en rechts peren- en kersenbomen die vol in de bloesem staan. Ah, de Betuwe zeker? Nee: Zuid-Limburg. De wandeling voert van het dorpje Mesch, dat nog net in Nederland aan de rand van de Voerstreek ligt, langs de hoogstamboomgaarden op de heuvels en de plateaus in de buurt en dan weer terug naar het dal. Fris, fruitig Limburgs lentelandschap. Nog een week of drie kleuren de heuvels wit of roze. Na de pruimen en kersen volgen de peren en appels. Zelfs in het Savelsbos, in de verte, is het voorjaarsgroen gemengd met het wit van wilde kers.

De fruitbomen in Zuid-Limburg staan, vanwege een minimaal temperatuurverschil, altijd iets eerder in bloei dan in de Betuwe. Vroeger, toen de omgeving van Eijsden nog de kersentuin van Limburg was, maakten de Limburgers dankbaar gebruik van die paar weken voorsprong; de vroeg geoogste kersen uit Eijsden vonden in binnen- en buitenland gretig aftrek.

Tot 1950 bloeide in Limburg, net als in de Betuwe, de hoogstamcultuur. Hele dorpen gingen in het voorjaar schuil achter bloesem. ‘Je moest je oriënteren op de kerktoren’, zegt Gertjan van Elk van de Stichting Instandhouding Kleine Landschapselementen (IKL). Niet alleen boeren, ook particulieren hadden fruitbomen rond hun huis. Als bijverdienste en als luxe aanvulling op eenvoudige winterkost. Dat het fruit hoog hing was handig, onder de bomen kon dan vee grazen. Door de huisboomgaardjes was er een grote variatie in rassen. En aanwendingsmogelijkheden: als vulling op de vlaai, voor de sappen, jams en stroop.

Maar toen kwam de laagstamboom, efficiënt en praktisch. Boeren kregen premies om hun oude boomgaarden te rooien. En met de welvaart en de uitbreiding van dorpen, wegen en industrieterreinen verdwenen veel huisboomgaardjes. In 1987 was van het areaal van 15 duizend hectare in 1950 nog slechts 1900 hectare over. Het Limburgs cultuurlandschap veranderde er ingrijpend door.

Nu loopt Gertjan van Elk door het Limburgse land en wijst her en der op hoogstamboomgaarden. Kersenbomen (‘bolvorm’), perenbomen (‘pyramidevorm’) pruimenbomen (‘blokvorm’) en appelbomen (‘bolvorm’). En op boomgaardjes van particulieren die het plezier, de charme en de schoonheid van de fruitcultuur hebben herontdekt.

De stichting IKL probeert al jaren om iedere verdwijnende hoogstamboomgaard te vervangen door een nieuwe. Sinds 1987 zijn er 37 duizend nieuwe fruitbomen geplant. IKL snoeit de boomgaarden (met vrijwilligers) en stimuleert eigenaren om dat zelf ook te doen. De stichting geeft cursussen over snoei en onderhoud en propageert de fruitcultuur.

Met enig resultaat. Het aantal hectaren hoogstamboomgaarden is sinds 1987 gelijk gebleven. En het onderwerp leeft onder Limburgers. Van Elk: ‘Ouderen spreken met grote liefde over die bomen en hun vruchten. Er zijn er die in de jaren vijftig en zestig hun oude boomgaarden vol variatie hebben vervangen door mono-cultuur: één soort en één type. Op verzoek van fruitverwerkers. En dan ging die fabriek opeens failliet.’

Volgens Van Elk is voorkomen dat de kennis over fruit in Limburg verloren is gegaan. ‘Veel ouderen dragen hun kennis graag over. Er zijn ook mensen die hun oude boomgaarden na hun pensioen, weer opknappen. En steeds meer particulieren zetten een paar fruitbomen bij hun huis.’

Her en der in Limburg worden kleine boomgaardjes aangelegd met bijna verdwenen fruitrassen. Het aantal aan fruit gerelateerde ambachten, zoals een ambachtelijke stroopstokerij, bloeit weer op.

Het IKL heeft een groot aantal hoogstamroutes uitgezet voor wandelaars en fietsers. Om Eijsden kun je dan bijna niet heen. Vanaf een terrasje aan de Maas, door de Diepstraat lopen en rechtsaf naar kasteel Eijsden, waar al enkele eeuwen grote boomgaarden in stervorm liggen.

Later loop ik boven Mesch langs het vrij toegankelijke ‘plukbos’ en verder langs de akkers met uitzicht op de Maas in de verte. Bovenaan de Heiweg staan twee boerderijen die zijn omringd met kersen- en perenbomen, ver uit elkaar, zoals het hoort. Perfect gesnoeid zijn ze, de bomen, en iedere boom in een iets ander model. Je zou de eigenaren gaan verdenken van kunstzinnige aspiraties.

Meer over