Het hoeft nietper se netjes

Nederlandse architecten en stedenbouwers ontdekken Brazilië als één groot ruimtelijk laboratorium, en ze trachten er groepsgewijs wat te leren. De koortsachtige dynamiek van het Braziliaanse pragmatisme, afgezet tegen de vaderlandse terreur van de ordelijkheid....

Lang leve de muur. Architect Teun Koolhaas, de man die mede het gezicht bepaalt van Almere en van de Kop van Zuid in Rotterdam, heeft in Brazilië rondgelopen en is geïnspireerd geraakt. Een muur hoeft niet lelijk te zijn. Het licht kan er mooi op vallen en hij schenkt je vrijheid. Dat is wat er in het Nederland van rooilijnen, bestemmingsplannen en welstandscommissies ontbreekt. Weg met de eenheidsworst. Koolhaas: 'Geef mensen een kavel, zet er een muur omheen en laat ze erachter zelf vrij bouwen.'

Koolhaas behoort tot het veertigtal architecten en stedenbouwers dat deze maand op uitnodiging van de Nederlandse Cementindustrie een aantal Braziliaanse steden bezocht. Japan en Hongkong waren lange tijd de grote inspiratiebron voor Nederlandse architecten, maar de aandacht is inmiddels verlegd naar Seoul, Singapore en Brazilië. Behalve de cementindustrie organiseerde recentelijk ook een half dozijn instellingen studiereizen voor architecten naar Brazilië. En de Technische Universiteit Delft had vorig jaar een grote tentoonstelling over Braziliaanse architecten.

Wat kan Nederland van Brazilië leren? 'Het is een groot uitgevallen laboratorium voor stedenbouw', zegt Paul Meurs, architect en Brazilië-specialist. 'Alle ontwikkelingen zie je er versneld en in extreme uitvoering. Het geeft het debat over ruimtelijke ordening dat in Nederland vaag is handen en voeten.' Meurs, die samen met het Nederlands Instituut voor Ruimtelijke Ordening en Volkshuisvesting (NIROV) vier studiereizen uitwerkte, voerde de architecten deze maand langs Rio de Janeiro, Sao Paulo, Salvador en Brasilia.

In Nederland wordt voorzichtig gesproken over een nieuwe rol voor de overheid. Die zou minder moeten reguleren en organiseren, en projectontwikkelaars meer vrijheid en taken moeten gunnen. In Brazilië kun je beide modellen zien. Groot-Sao Paulo, een metropool met zestien miljoen inwoners en de motor van Brazilië, is een stad die koortsachtig groeit. Het centrum veranderde de afgelopen tachtig jaar vier keer van plaats.

In Sao Paulo bepaalt de wet van vraag en aanbod waar en hoe gebouwd wordt. De overheid kijkt toe. De hoofdstad Brasilia is een voorbeeld van het andere uiterste. De stad is ontworpen op de tekentafel en staat op de Unesco-lijst van Erfgoed der Beschaving. Er mag alleen volgens originele tekeningen en onder zeer strikte voorwaarden worden gebouwd.

Een ander probleem in Nederland is het plaatsgebrek. De gezinnen worden kleiner, maar de huizen groter. Huizen, want Nederlanders houden niet van flats. Die associëren ze met benauwde hoogbouw. In Brazilië wonen ook rijken, vanwege de veiligheid of de centrale ligging, in flats. In Sao Paulo bezochten de architecten zo'n appartementengebouw. Iedere woning ervan is achthonderd vierkante meter groot, telt vier slaapkamers met eigen badkamer, zitkamers, een sauna, terrassen en een eigen verwarmd zwembad. Prijs: 1,6 miljoen dollar, plus drieduizend dollar per maand aan servicekosten.

Is het een oplossing voor Nederland? Koolhaas gelooft van niet. 'Nederlanders willen niet opvallen en als ze dat geld hebben, kopen ze toch liever een villa in Blaricum.' Projectontwikkelaar Adriaan Kuyvenhoven, die in Amsterdam de Rapenburgerstraat een nieuw aanzien geeft, ziet er wel iets in. 'Flats tot 800 duizend gulden kun je kwijtraken.' Maar het zal Nederlands ruimteprobleem niet oplossen, zegt hij, want het gaat altijd om een klein aantal.

De eye-opener voor veel architecten was de rol van het landschap in de Braziliaanse stedenbouw. In Rio de Janeiro, gebouwd op de uitlopers van een bergketen, dicteren hellingen het stratenpatroon. Middenin de stad ligt een bos maar ook een binnenmeer. Er is tevens een baai. De wijken die eraan liggen, zijn van het water gescheiden door een brede groenzone, waardoor het zicht op de baai ruim is.

Brasilia is gebouwd op een lege hoogvlakte. Door op strategische plaatsen niet te bouwen, zijn er in het centrum nog steeds doorkijkjes naar buiten. 'In Nederland merk je in de stad niets van de natuur. Breda bijvoorbeeld is gebouwd op de kruising van riviertjes, maar die zie je nergens meer', zegt Rein van Wylick, die met de verbouwing van de oude gloeilampenfabriek van Philips het centrum van Eindhoven een nieuwe impuls wil geven. De enige stad die zich wel meer begint te richten naar de omgeving is Rotterdam met de bebouwing langs de Maas.

Brazilianen gaan ook minder verkrampt om met natuur. 'Wij zetten er meteen een hek om, je mag er niet meer aankomen', meent Jaap Modder van het NIROV. De discussie over IJburg vindt hij tekenend voor het Nederlandse purisme. In Rio de Janeiro bouwde een projectontwikkelaar in de jaren veertig zes flats in een kasteelpark. Dankzij de woningbouw verloederde het park niet en nog steeds geldt deze oase midden in de stad als een van de chicste adressen. Waarom zouden we op afgeschreven Nederlandse landbouwgronden geen stadsvilla's bouwen en er moderne kasteelparken van maken, oppert Modder.

De prijs voor het beste voorbeeld van de wisselwerking tussen natuur en stedenbouw ging voor veel van de deelnemers aan de Braziliaanse studiereis naar het ziekenhuis Sarah Kubitschek in Salvador. Het is een zeer geavanceerd staatshospitaal waar orthopedie-patiënten gratis revalideren. Het ligt aan de rand van de stad op iets dat oogt als een verlaten, glooiend industrieterrein. Ontwerpers omringden het gebouw met Japans aandoende tuinen.

Vanuit veel kamers kun je rechtstreeks de tuin in lopen of ten minste inkijken. Het geeft het ziekenhuis het air van een buitenverblijf. Zonlicht en zeewind worden volop gebruikt. In plaats van airconditioning heeft het ziekenhuis natuurlijke luchtverversing. De zeewind wordt door buizen onder het gebouw door gevoerd, komt in de (hoge) kamers en gaat via brede slurven in het golvende dak weer naar buiten.

'Een goed voorbeeld voor Zonnestraal', vindt Fons Asselbergs, directeur van Monumentenzorg. Het vermaarde Hilversumse sanatorium van de architect Duiker staat ook in de natuur, is eveneens laagbouw en wordt heringericht als revalidatiekliniek. Bas Molenaar, die de academische ziekenhuizen in Leiden, Amsterdam en Nijmegen ontwierp, wil nog dit jaar met drie ziekenhuisdirecties uit Nederland terug naar Salvador. In het Nederlandse klimaat gaat het zeewindverhaal niet op, geeft Molenaar toe. 'Maar het totaalconcept is zo goed doordacht.'

Salvador is ook de stad waar het verloederde bouwvallige stadshart op onconventionele wijze is gerenoveerd. Honderden panden uit de zeventiende en achttiende eeuw zijn onteigend en opgeknapt. Ze kregen vaak betonnen vloeren en wanden, en kleuren met synthetische verf omdat er weinig geld en tijd was. Om de buurt te verlevendigen werden veel panden toegewezen aan winkeliers en culturele instellingen. Het resultaat is een eigentijdse interpretatie van de geschiedenis en een levendig, sfeervol stadshart.

Wie in Nederland een monument bewoont, krijgt meteen een brandbrief van Monumentenzorg als zijn deur niet de juiste kleur heeft of 3 centimeter te breed is. Moeten we zo rigide zijn? Of moeten we iets van het Braziliaanse pragmatisme overnemen? De meningen in de delegatie van de architecten en stedenbouwers zijn verdeeld.

Jaap Modder ziet wat in de Braziliaanse methode. Niet alleen omdat zij goedkoper is, maar ook omdat de scheiding tussen monument en niet-monument niet zo strikt is. De hele straat wordt verbeterd. Voor Jan Asselbergs van Monumentenzorg is de restauratie van Salvadors centrum niets anders dan stadsherstel. De Brazilianen lijden niet aan wat hij 'de terreur van de netheid' noemt. Maar in Nederland kan hij zich de Braziliaanse aanpak niet goed voorstellen. Restauratie is uiteindelijk ook iets van smaak. 'Onze aanpak correspondeert met wat de Nederlandse middenklasse verwacht en mooi vindt.'

Ashok Bhalotra voelde zich geïnspireerd door de chaotische vrolijkheid in Salvador. Bhalotra, die faam verwierf met de wijk Kattenbroek in Amersfoort, werkt nu aan de herinrichting van de Bijlmer. De straat in Brazilië, en met name in Salvador, is 'een multi- en transcultureel podium' zoals hij zich dat in de Bijlmer wenst. Daar moet een straat met 'honderd culturen' komen. Bouwstijlen, plattegronden, alles wil hij mixen. Diversiteit als keurmerk. 'We hebben in Nederland de neiging alles uit elkaar te halen, te ordenen. De kracht van cultuur is nu net de complexiteit.'

Maar Brazilië illustreert ook wat we niet willen, zegt Bhalotra. Want als 'de markt' zijn gang gaat, veranderen delen van de stad in privé-terreinen met slagbomen ervoor. De bewaakte winkelcentra en de afgesloten wijken in Brazilië zijn het duidelijkste voorbeeld. In Sao Paulo bezochten de architecten een door een projectontwikkelaar gebouwd en ontworpen dorp met dertigduizend inwoners. De rijken 'kopen' hun veiligheid en trekken zich terug achter een soort Checkpoint Charlie. 'Als de overheid niet wat meer gaat doen aan veiligheid', voorspelt projectontwikkelaar Kuyvenhoven, 'dan hebben we in het Nederland van 2030 precies zulke enclaves.'

Meer over