Het einde van de witte werkster

‘Drie jaar geleden zocht ik een betrouwbare werkster’, zegt Sjaak Aalten (42), aan de keukentafel van zijn huis in Amsterdam-West....

Die ‘witte werkster’ Thea van Meerten (50) poetst nu al een paar jaar naar volle tevredenheid iedere week het huis. ‘Bij het inhuren van een legale schoonmaakster via een schoonmaakbedrijf weet je wie je in huis haalt, het is geen vreemde uit een advertentie’, zegt Aalten ‘Het schoonmaakbedrijf selecteert de werksters en zit ertussen als extra schakel.’

Aalten vindt het ook prettig dat het schoonmaakbedrijf financiële verantwoordelijkheden voor Thea draagt. ‘Bij ziekte betaalt het bedrijf door. Dat is fijn.’ De witte werkster is in dienst van het schoonmaakbedrijf, dat dankzij een subsidie van het ministerie van Sociale Zaken de prijs laag kan houden. Voor drie uur schoonmaken betaalt Aalten 40 euro.

Of Thea na 1 januari nog wit kan werken in het huis van Aalten, is onzeker. Dan wordt de regeling voor witte werksters beëindigd en is het de vraag of het schoonmaakbedrijf Home Works kan blijven bestaan.

De witte-werkster-regeling werd in 1998 in het leven geroepen om langdurig werklozen als schoonmaakhulp aan de slag te helpen. In 2004 besloot het ministerie de regeling een langzame dood te laten sterven. Nieuwe deelnemers werden niet meer toegelaten. Tot die tijd werd jaarlijks bijna 8 miljoen subsidie verstrekt.

Sociale Zaken stopt ermee omdat de doelstellingen niet zijn gehaald.

‘Het was de bedoeling werkplekken te creëren voor langdurig werklozen, en zwartwerken tegen te gaan. Dat is onvoldoende gelukt’, zegt een woordvoerster. Hoeveel mensen er aan werk zijn geholpen, kan ze niet zeggen. Het aantal mensen was vooraf niet exact geformuleerd.

Er maken nog ongeveer 450 mensen gebruik van de witte-werkster-regeling. Volgens het ministerie bewijst het grote aantal zwarte werksters dat er weinig belangstelling voor witte is. In 2005 berekende het Centraal Plan Bureau dat er 285 duizend zwarte werksters in Nederland zijn.

De schoonmaakbedrijven die witte werksters in dienst hebben, zijn juist van mening dat er genoeg vraag is naar legale schoonmaaksters. Jan Visser, eigenaar van schoonmaakbedrijf Home Works en bestuurslid van de branchevereniging dienstverleners particulieren VDAP: ‘We hebben een wachtlijst voor nieuwe medewerkers en voor nieuwe klanten.’ Home Works heeft 158 witte werksters in dienst, verspreid over het land. Ook bij de stichting Te Plak in Leeuwarden, die ook witte werksters in dienst heeft, bestaat een wachtlijst voor potentiële klanten en werknemers. ‘Plattelandsvrouwen die anders niet aan werk kunnen komen, hebben dankzij dit project toch betaald werk’, zegt Peter van de Werff van Te Plak.

De toekomst van de witte werksters is nog onduidelijk. In samenwerking met gemeenten zoekt de VDAP naar een oplossing. ‘Mogelijk kunnen schoonmaakbedrijven aanspraak maken op lokale subsidies voor het verschaffen van werk aan langdurig werklozen’, zegt een woordvoerster van het ministerie. Visser van de VDAP ziet het somber in: ‘Het zal erg moeilijk worden voor de schoonmaakbedrijven om zonder subsidie voort te bestaan.’

Witte werkster Thea weet nog niet wat de toekomst brengt. ‘Ik heb een kind en kan daarom niet in de avond bij een schoonmaakbedrijf werken.’ Zwart werken ziet ze niet zitten. ‘Dat is veel te onzeker. Je bent niet verzekerd tegen ziekte of een ongeluk op je werk.’

Meer over