Herboren Groningen heeft tal van toekomstplannen

De basketbalclub Groningen staat weer als een huis, zo’n twee jaar na het faillissement...

Groningen Voor Rob Schuur is de basketbalcompetitie net een tombola. Elk jaar is het afwachten uit hoeveel teams de eredivisie zal bestaan, hoe vaak ze tegen elkaar spelen en of er een A- en een B-poule komt. ‘Een slechte zaak’, meent de voorzitter van het opgeleefde Groningen. Volgens Schuur wordt de kloof tussen de betere en mindere verenigingen steeds groter.

Als impuls voor de clubs die net als Groningen de animo hebben beter te worden en het publiek en sponsors meer willen bieden, stelt hij voor met de top van België één competitie te beginnen. Te denken valt aan eerst een nationale reeks, waarna de sterkste vier of vijf teams uit beide landen tegen elkaar kunnen aantreden.

Leiden en Bergen op Zoom doen zeker mee, weet Schuur. Het bestuur van Den Bosch heeft eerder aangegeven voorstander te zijn. Met Groningen erbij heb je het dan wel gehad wat betreft de clubs met ambities en mogelijkheden.

Er zal nog wel wat moeten gebeuren wil het initiatief van de grond komen, weet hij. ‘Je dient er in ieder geval voor te zorgen dat het niet een exercitie wordt van een of twee jaar. Anders stap je in dezelfde valkuil als nu met de eredivisie.’

Bijna twee jaar geleden trad Schuur aan, kort voordat Groningen failliet ging. ‘Onder dat gesternte zijn we begonnen.’ Hij heeft sindsdien de hand gehad in vele veranderingen. ‘Er wordt niet meer geld uitgegeven dan er binnenkomt. De club wordt bedrijfsmatig geleid. Emoties over besluitvorming blijven buiten de deur. Dat werkt.’

Het gaat Groningen organisatorisch en sportief voor de wind. ‘We zitten in een flow’, noemt Schuur het. ‘Er zijn meer dan 1200 seizoenkaarthouders, we zitten op een gemiddelde van drieduizend toeschouwers per wedstrijd. Je merkt het aan alles, er is een grote betrokkenheid in de regio, ook van het bedrijfsleven.’

Ook de selectie weerspiegelt het nieuwe Groningen. ‘Geen topspelers, louter jongens die weten wat teambasketbal is en een bijdrage willen leveren aan ons imago’, zegt Schuur. ‘Jongens ook met een hbo-opleiding die ingezet worden op projecten rondom sociale cohesie, achterstandswijken en jeugdontwikkeling. Ze gaan voor veertig minuten strijd leveren. De meeste tegenstanders zullen ons een vervelende ploeg vinden om tegen te spelen. Deze spelers geven namelijk nooit op.’

Zaterdagavond kon de koploper in de eredivisie in eigen huis drie kwarten lang niet loskomen van laagvlieger Zwolle. Pas in de laatste fase werd al zwoegend en ploeterend het verschil toch nog gemaakt, 83-75.

Het zou een goede zaak zijn als de eredivisieclubs wat langer over fundamentele zaken praten dan nu tijdens een reguliere vergadering het geval is, meent Schuur. Hij heeft wel een paar onderwerpen. ‘De competitievorm, internationaal spelen, opzet van het bekertoernooi die nu elk jaar anders is, tuchtrechtspraak en de professionele doorgroei van het scheidsrechterskorps.’

Henk Reekers, voorzitter van de Federatie Eredivisie Basketbal (FEB), de belangenorganisatie van de tien eredivisieclubs, voorziet dat de suggestie van Schuur voor een Belgisch-Nederlandse competitie er op korte termijn zeker niet zal komen. ‘Als experiment hebben we dat al een keer gedaan. Het was geen succes.’

In de loop der jaren is er toch weer met de Belgen over gesproken. Met name de Waalse ploegen vonden een gezamenlijke competitie interessant vanwege de deelname van Amsterdam en Den Bosch. Nu Amsterdam als topploeg is weggevallen, is er ineens geen belangstelling meer.

Een ander aspect is, dat de Nederlandse clubs als voorwaarde hadden gesteld dat alle eredivisieteams moesten meedoen. ‘Dat hield in dat wij de Belgische clubs, die internationaal hoger staan aangeschreven, in mooiere zalen spelen en meer publiek trekken, gingen dicteren hoe wij de competitie wilden inrichten. Dat viel niet in goede aarde. ’

Meer over