columnpeter de waard

Helpen strikte mededingingsregels in de telecom juist sprinkhanen in het zadel?

null Beeld

Vanwege de explosie van het aantal koningscobra’s in de Indiase stad Delhi loofden de Britse kolonisatoren ooit een beloning uit voor iedere gifslang die bij de autoriteiten zou worden ingeleverd. Massaal gingen de bewoners van de stad op slangenjacht.

Op een gegeven moment zagen enkele slimme Indiase ondernemers er handel in. Zij gingen cobra’s fokken in ruil voor de premie. Toen de kolonisatoren dit ontdekten, stopten ze met de campagne. Het gevolg was dat de slangenfokkers de overbodige cobra’s vrijlieten in het wild waardoor het probleem nog groter werd.

Het wordt nu wel het cobra-effect genoemd: een groter probleem creëren in een poging een ander probleem op te lossen. De politiek doet niet anders, wordt soms gekscherend gezegd. Vele belastingmaatregelen die onrechtvaardigheden moeten wegnemen, creëren nieuwe, soms grotere, onrechtvaardigheden. Als gevolg van de desastreuze steunoperatie aan RSV besloot de overheid tien jaar later geen steun aan het innovatieve Fokker te verlenen. Met het gedwongen onteigenen van agrarische bedrijven zou ook zomaar het paard achter de wagen kunnen worden gespannen. De eindeloze kwantitatieve verruiming van de centrale banken kan ooit in een financiële catastrofe eindigen.

Ook de mededingingsregels keren zich soms tegen zichzelf. T-Mobile Nederland is gedoemd in handen van twee sprinkhanen te komen, omdat de twee andere grote telecombedrijven er niet op kunnen bieden. Verwacht mag worden dat de Autoriteit Consument & Markt (ACM), de Europese Commissie of andere waakhonden er een stokje voor steken omdat er te weinig aanbieders overblijven. Maar er is ook geen andere partij in Nederland die vijf miljard in kas heeft om deze mobiele operator te kopen. Buitenlandse belangstelling was er evenmin. In de telecom zit grensoverschrijdend weinig synergie, zodat het niet zo veel voordelen heeft heeft veel geld uit te geven voor een aanbieder over de grens, zeker niet in een relatief kleine markt als Nederland. En als er al buitenlandse belangstelling zou zijn, is die er alleen voor de grootste (KPN) of een na grootste (VodafoneZiggo). De bronzen medaille is in deze bedrijfssector niet echt van strategische waarde.

Sinds T-Mobile in januari door de eigenaren Deutsche Telekom en Tele2 Sverige in de etalage was gezet, was het al onafwendbaar dat de nieuwe eigenaar een opkoopfonds zou zijn. Dat zijn er twee geworden - het Amerikaanse Warburg Pincus en het Britse Apax - die bedrijven kopen omdat op de balans stukjes of stukken vet zitten die zij te gelde kunnen maken.

T-Mobile is met 6,8 miljoen klanten de grootste aanbieder van Nederland. Het is een cashcow omdat de gebruikers hun rekeningen van tevoren betalen. De sprinkhanen kunnen zich er geen buil aan vallen, tenzij ze te grote investeringen gaan doen. En dat laatste wil T-Mobile Nederland juist zo graag doen.

Het cobra-effect is een gemeen gif.

Meer over