Reportage

Heerlen woest over Maastrichts ‘verraad’: hoofdkantoor DSM verhuist na 120 jaar naar Maastricht

Alle ingewijden wisten het al, Heerlen zelf hoorde het als laatste. Het hoofdkantoor van DSM gaat weg. Een hard gelag voor de oude mijnwerkersstad. ‘Heerlenaren hebben onder zeer zware omstandigheden jarenlang de handen uit de mouwen gestoken voor het bedrijf.’

DSM-bestuurder Joris de Beer bij  het huidige hoofdkantoor in Heerlen. Naast hem een Heerlenaar die het niet eens is met het vertrek van DSM (erfgenaam van de Staatsmijnen) uit de voormalige mijnwerkersstad. Beeld Raymond Rutting/VK
DSM-bestuurder Joris de Beer bij het huidige hoofdkantoor in Heerlen. Naast hem een Heerlenaar die het niet eens is met het vertrek van DSM (erfgenaam van de Staatsmijnen) uit de voormalige mijnwerkersstad.Beeld Raymond Rutting/VK

In Heerlen hadden ze vorige week net de watersnood achter de kiezen toen zich donderdagochtend nieuwe rampspoed aankondigde. Koninklijke DSM zegt de oude mijnwerkersstad na bijna 120 jaar vaarwel. De maker van onder meer vitamines, visvoer en vezels voor onverwoestbare wielerbroeken maakte bekend een nieuw hoofdkantoor te gaan bouwen in Maastricht, 25 kilometer verderop. Eind 2023, als de nieuwe hoofdzetel klaar moet zijn, trekt DSM definitief de voordeur dicht in de streek waar het in 1902 allemaal begon.

‘120 jaor ereschuld’, viel er woensdagmiddag te lezen op een spandoek van demonstranten voor het huidige DSM-hoofdkantoor in de Heerlense binnenstad. ‘Al meer dan een eeuw is DSM (Dutch State Mines) een baken van vertrouwen voor onze stad en de hele mijnstreek’, had de Heerlense burgemeester Roel Wever het sentiment vorige week al verwoord in een emotionele verklaring. ‘Het bedrijf, waarvoor Heerlenaren onder zeer zware omstandigheden járenlang de handen uit de mouwen hebben gestoken, bleef Heerlen als standplaats altijd trouw en dat was iets om trots op te zijn. Dat deze band nu wordt verbroken vinden wij eerlijk gezegd zéér teleurstellend.’

Geen kans

Wat de Heerlenaren misschien nog het meeste steekt is het ‘verraad’ van Maastricht, zegt Ron Meyer, voormalig SP-partijvoorzitter en fractieleider in de Heerlense gemeenteraad, waarin de SP de grootste partij is. Al op 7 juli was er een besloten vergadering van de Maastrichtse gemeenteraad, waarin burgemeester Annemarie Penn-te Strake mededeelde dat DSM zijn hoofdkantoor zou willen maken van een voormalige ambachtsschool en bioscoop in Maastricht. Dat was ruim een week voordat de Heerlense gemeenteraadsleden op de hoogte werden gebracht. De jubelstemming tijdens de Maastrichtse raadsvergadering, waarin de burgemeester zich in de handen wreef dat de verhuizing van DSM ‘een springplank voor de branding’ van de stad betekent, viel ook niet bij alle Heerlenaren in goede aarde.

Penn-te Strake had bovendien al in maart een telefoontje gekregen van DSM-topvrouw Edith Schippers dat haar bedrijf Heerlen gaat verlaten, meer dan een maand voordat DSM haar Heerlense ambtsgenoot Roel Wever, op voorwaarde van strikte geheimhouding, besloot in te lichten. ‘Heerlen heeft nooit een kans gehad’, zegt Meyer. ‘Wij zijn gewoon voor een voldongen feit geplaatst’.

Daarin moet DSM-bestuurder Joris de Beer Meyer gelijk geven. ‘Wij waren bij DSM toen inderdaad al heel ver in het proces – het besluit om naar Maastricht te verhuizen stond eigenlijk al vast toen wij contact met Heerlen hebben gezocht, dus daar hebben ze wel een punt.’

Vertrouwelijk

De Maastrichtse burgemeester zegt naar eer en geweten te hebben gehandeld. Maastricht heeft het hoofdkantoor niet voor de neus van Heerlen weggekaapt, het was juist DSM dat Maastricht benaderde. ‘De burgemeester is in maart vertrouwelijk geïnformeerd door DSM over het besluit om Heerlen te verlaten. Dat besluit was onomkeerbaar, liet DSM weten.’ Het Maastrichtse college van B&W zegt na de zomer eerst in gesprek te gaan met hun Heerlense collega’s over de DSM-kwestie.

Extra zout in de wonde voor de Heerlense gemeenteraad, bleek woensdagavond tijdens een speciaal ingelaste raadsvergadering, is dat de gemeente Heerlen min of meer meebetaalt aan de verhuizing van DSM naar de ‘moderne, inspirerende en clubhuisachtige hybride werkplek’ in Maastricht, zoals Edith Schippers het verwoordde in een verklaring op LinkedIn. De provincie Limburg betaalt namelijk net als de gemeente Maastricht 1,75 miljoen euro mee aan het nieuwe hoofdkantoor. Die provinciale bijdrage is goed voor 5 procent van de bouwkosten, liet gedeputeerde Stephan Satijn (VVD) het Limburgs Parlement weten. Het is alsof je zelf de spades moet leveren waarmee je eigen graf gegraven wordt, zegt Meyer.

Het nieuwe hoofdkantoor van DSM in Maastricht, dat eind 2023 wordt opgeleverd. Een duurzaam gebouw dat volgens DSM geheel ‘Paris-Proof’ is.	 Beeld DSM
Het nieuwe hoofdkantoor van DSM in Maastricht, dat eind 2023 wordt opgeleverd. Een duurzaam gebouw dat volgens DSM geheel ‘Paris-Proof’ is.Beeld DSM

‘Maastricht heeft dat hoofdkantoor ook helemaal niet nodig, het centrum van die stad is al aan alle kanten een trekpleister’, zegt Meyer. ‘Veel gewone Maastrichtenaren ergeren zich er al aan dat de huizen onbetaalbaar zijn geworden door alle expats, en dan komt er nog eens een hoofdkantoor bij.’

Kompels

Ton Ancion (67) keek als kind in hartje Heerlen vanuit zijn slaapkamerraam uit op de witgepleisterde muren van ‘De Boerderij’, tot de sloop in 1985 van het markante hoofdkantoor van DSM en daarvoor van de Staatsmijnen. Zelf werkte Ancion 38 jaar voor DSM, onder meer als kunstmestverkoper, bedrijfsverpleegkundige en medewerker personeelszaken. ‘Ik vind het heel jammer dat DSM nu voor een andere stad in Limburg kiest. Ook omdat er historisch gezien helemaal geen relatie is tussen Maastricht en DSM.’

De klap komt hard aan in Heerlen, dat blijkens onderzoek van de Erasmus Universiteit tot de vijf kansarmste steden van Nederland behoort, maar tegelijkertijd hard bezig is om zichzelf opnieuw uit te vinden. Bijvoorbeeld met een ‘prachtig nieuw station’, zoals Ancion vertelt, plus de bejubelde wijk het Maankwartier, die met haar loggia’s, arcades en cipressen een soort Limbo-Toscaanse allure heeft. ‘Er wordt van alles aan gedaan om deze stad na het mijnverleden letterlijk en figuurlijk weer van de grond te laten komen. Daar staat deze keuze van DSM natuurlijk helemaal haaks op.’

DSM-bestuurder De Beer snapt het sentiment onder veel Heerlenaren, dat DSM een ereschuld heeft als nazaat van de Staatsmijnen, groot geworden dankzij de noeste arbeid van Limburgse kompels. ‘Aan de andere kant: we zijn als bedrijf 120 jaar oud, en daarvan hebben we de volle 120 jaar in Heerlen gezeten. Dan is het een beetje raar om te zeggen dat we niet loyaal jegens Heerlen zijn geweest. Uiteindelijk verplaatsen we ons kantoor maar 25 kilometer.’

Want voor hetzelfde geld – ‘of misschien zelfs voor minder geld’ – was de keuze op een locatie buiten Limburg gevallen, zegt De Beer. Ook Amsterdam en het Zwitserse Kaiseraugst, waar DSM onder meer vitaminepillen en dieetsupplementen produceert, waren serieuze kandidaten om het nieuwe hoofdkantoor te huisvesten.

Flexplekken

Maar als de Limburgse wortels zo belangrijk zijn voor DSM, waarom dan niet gewoon in Heerlen gebleven? Dat ging niet, zegt De Beer, onder meer omdat het huidige hoofdkantoor, waar met gemak duizend werknemers in passen, veel te groot is voor het ‘clubhuis’ van 400 flexplekken voor ruim 700 personeelsleden dat DSM beoogt. Om het 35 jaar oude hoofdkantoor aan te passen aan de tijd van ‘hybride’ werken – half thuis, half op kantoor – ‘bleek aanzienlijk meer te kosten dan we ooit hadden verwacht’, zegt De Beer.

Dan maar een ander kantoor neerzetten in Heerlen had niet de voorkeur, omdat DSM Maastricht beter vond passen in het profiel van een centraal gelegen hoofdzetel in een internationaal georiënteerde stad, als knooppunt voor een bedrijf dat inmiddels nog maar eenderde van de omzet uit Europa haalt, en de rest, voor elk eenderde, uit Azië en Amerika, vertelt De Beer.

Ron Meyer houdt er een zure smaak aan over. ‘Voor mijn gevoel zijn de praatjes over flexplekken en ecologische voetafdrukken allemaal maar gewauwel. DSM lijkt te hebben gekozen voor allure: ze wilden gewoon liever chic lunchen in Maastricht.’

De Beer ontkent dit. ‘Wij zijn er juist heel blij mee dat DSM de guts heeft gehad om zich aan Limburg te committeren, ook al waren Amsterdam of Zwitserland misschien veel logischere keuzes geweest. Onze werknemerspopulatie bestaat voor bijna 80 procent uit niet-Nederlanders, en 90 procent van onze omzet halen we buiten Nederland. In die zin is het best wel moedig dat we dit gedaan hebben. Ik denk dat Nederland ontzettend blij moet zijn dat DSM in Nederland blijft, en dat vooral Zuid-Limburg ontzettend trots mag zijn. Wij kiezen voor onze wortels, dat is supernieuws voor de regio en voor Nederland.’

Meer over