Analyse

Grootste uitdaging Taliban wordt het overwinnen van diepe economische crisis

De Taliban hebben een land overgenomen in diepe economische nood. Nu de geldstromen vanuit het Westen bevroren zijn, staan ze voor een enorme uitdaging. Welke mogelijkheden hebben ze en wat voor invloed heeft dat op de geopolitiek? ‘Door hun slimme en sluwe omgang met de Taliban hebben de Chinezen plots een voet tussen de deur naar de Afghaanse bodemschatten.’

Een man met een kruiwagen vol plastic pijpen in juli in Kabul. Het is in twintig jaar tijd niet gelukt om een robuuste Afghaanse middenklasse te creëren. Beeld AFP
Een man met een kruiwagen vol plastic pijpen in juli in Kabul. Het is in twintig jaar tijd niet gelukt om een robuuste Afghaanse middenklasse te creëren.Beeld AFP

De Taliban zwaaien na hun machtsovername in Afghanistan de scepter over een van buitenlandse hulp afhankelijke economie. Het bbp (bruto binnenlands product) van Afghanistan bedroeg vorig jaar naar schatting 17 miljard euro, 6 miljard euro minder dan de economische omvang van Twente, dat 632 duizend inwoners telt, tegenover 38 miljoen Afghanen.

‘Het overwinnen van de diepe economische crisis in Afghanistan zal de grootste uitdaging zijn voor de Taliban’, denkt Moonis Ahmar, Afghanistan-kenner en hoogleraar internationale betrekkingen aan de universiteit van Karachi. De economische nood in het al jaren van crisis naar crisis zwalkende land is des te acuter doordat westerse regeringen en het IMF na de machtsgreep van de Taliban in allerijl de geldkraan dichtdraaien. Dit terwijl de Afghaanse economie volgens cijfers van de Wereldbank voor 43 procent teert op buitenlands hulpgeld.

Bovendien bevroor de Amerikaanse regering dinsdag voor 9 miljard dollar aan tegoeden van de Afghaanse centrale bank, om te voorkomen dat het geld in handen van de Taliban valt. Volgens de inmiddels gevluchte president van de centrale bank, Ajmal Ahmady, komt de 9 miljard dollar (7,6 miljard euro) neer op vrijwel de totale internationale reserves van Afghanistan.

Corruptie en nepotisme

Om te overleven zullen de Taliban economisch afhankelijk worden van buurlanden Iran en Pakistan, verwacht Ahmar. ‘Ze moeten hopen dat deze landen, als de Taliban zich goed gedragen, bereid zijn de helpende hand toe te steken en een normale economische relatie willen aanknopen.’

Helemaal onwelwillend zullen de buurlanden niet tegenover de Taliban staan, vermoedt Ahmar, simpelweg omdat de vorige Afghaanse regeringen zulk wanbeleid voerden. ‘Door alle corruptie en nepotisme in de hoogste kringen, is twintig jaar aan buitenlands hulpgeld niet terechtgekomen bij het Afghaanse volk, maar grotendeels verdwenen in de zakken van de machthebbers.

‘Dat is ook een van de redenen waarom de Taliban zo makkelijk konden oprukken. Veel van het buitenlandse geld dat bedoeld was om de salarissen van het Afghaanse nationale leger te betalen is weggesluisd door de elite, terwijl de militairen het soms maanden zonder soldij moesten doen. Die waren volstrekt gedemoraliseerd.’

Geologische schatkamer

Hoe klein de Afghaanse economie ook is, het potentieel is groot. De Afghaanse bodem is een geologische schatkamer vol koper, kobalt, ijzererts, goud, zilver en lapis lazuli. Een Pentagon-memo typeerde Afghanistan bovendien ooit watertandend als een potentieel ‘Saoedi-Arabië van het lithium’, vanwege het enorme reservoir aan lithium waarover het land zou beschikken. Het zilverachtige metaal is een cruciaal ingrediënt van de oplaadbare batterijen in telefoons, laptops en elektrische auto’s. Alles bij elkaar zouden de Afghaanse bodemschatten 1.000 miljard dollar waard zijn.

De Taliban haalden al zo’n 460 miljoen dollar per jaar binnen met mijnbouw, bleek vorig jaar uit een geheim Navo-rapport. ‘Maar als de Taliban op grote schaal de grondstoffen van Afghanistan willen ontginnen, kunnen ze niet zonder buitenlandse multinationals’, zegt Ahmar. ‘China zal daarvan het meest profiteren. Door hun slimme en sluwe omgang met de Taliban hebben de Chinezen plots een voet tussen de deur naar de Afghaanse bodemschatten.’

Talibanleider Abdul Ghani Baradar had eind vorige maand in Tianjin een ontmoeting met de Chinese minister van Buitenlandse Zaken Wang Yi. Baradar sprak daar de hoop uit dat China een ‘grotere rol zal spelen in de economische ontwikkeling van Afghanistan’. Voor China is Afghanistan ook interessant om zijn strategische ligging langs de ‘Nieuwe Zijderoute’, China’s ontwikkelingsstrategie om met de aanleg van wegen en spoorlijnen in Centraal-Azië de eeuwenoude handelsroute tussen China en de Middellandse Zee nieuw leven in te blazen.

Opium

De Taliban hebben nog wel meer economische ijzers in het vuur dan de hulp van China. Zo is Afghanistan met afstand ’s werelds grootste opiumleverancier: het land is naar schatting goed voor 80 procent van de mondiale toevoer.

De Taliban deden het kweken van papaver in 2000 nog in de ban – opium zou ‘on-islamitisch’ zijn – maar dit veroorzaakte zoveel protest dat het exportproduct inmiddels weer in genade is gevallen. Nu is opium een van de belangrijkste geldbronnen van de Taliban, samen met mijnbouw, vastgoed en het belasten van voedsel, goederen en brandstoffen langs de wegen en grenzen.

In zekere zin heeft het Westen de Afghaanse rampspoed over zichzelf afgeroepen, vindt Ahmar. ‘Het is een blunder geweest van de Verenigde Staten en hun bondgenoten dat ze er in twintig jaar tijd niet in geslaagd zijn een robuuste Afghaanse middenklasse te helpen creëren. Een middenklasse is onmisbaar als buffer tegen de twee extremen van de Taliban enerzijds en de corruptie van de regeringen van Hamid Karzai en Ashraf Ghani anderzijds.’

‘Als de VS de industrialisering van Afghanistan hadden bevorderd, was misschien het begin van een bourgeoisie ontstaan met blauwe- en witteboordenwerkers, wat het geweld in het land had kunnen beteugelen. Maar twintig jaar later is Afghanistan nog bijna even rigide en primitief als voorheen. Er rijden niet eens treinen in Afghanistan – geen passagierstreinen althans. Begin deze eeuw was ik vol vertrouwen dat het in Afghanistan ten goede zou keren, maar nu zijn we terug bij af.’

Meer over