Gemaakt voor ogen die reizen met vaart Het kan geen toeval zijn dat onder kerkuilen de snelweg doodsoorzaak nummer één is

Theo Baart en Carry Markerink houden van non-foto's. Ze maakten een non-fotoboek over de snelweg. Daarin zetten ze een wereld stil die niet bedoeld is om stil te zetten....

ER IS EEN nieuw fotoboek over de snelweg. Het is een mooi boek, als je tenminste een boek vol mooie foto's van lelijke dingen een mooi boek kunt noemen.

De foto's zijn gemaakt door Theo Baart en Cary Markerink. Ik heb een gesprek gehad met die twee fotografen en hier is alvast een citaat: 'Wij zeggen niet: het is mooi of het is lelijk, wij zeggen: het is.'

Het is. Meer valt er over de snelweg niet te zeggen, behalve misschien: het is nodig. Op een dag zal de snelweg misschien niet meer nodig zijn. Dat is voor ons net zo onvoorstelbaar als voor kathedralenbouwers de onnodigheid van God. Maar als het zover is, dan zullen mensen op de lege A1 staan zoals nu in lege kathedralen, en zich verbazen.

Over kathedralen wordt door ons met bewondering geschreven: zovele handen hebben eraan gewerkt gedurende vele generaties, zoveel stenen zijn ervoor gebruikt, zoveel doden zijn erbij gevallen, deze God werd erin geëerd. Maar wij hebben zelf iets gebouwd dat even onvoorstelbaar en bewonderenswaardig is, de snelweg.

De snelweg is eigenlijk het tegenovergestelde van een kathedraal. In de kathedraal doe je je ogen dicht en bidt. Op de snelweg is het nodig dat je voortsnelt, met je ogen wijd open. Zo is dit boek van Theo Baart en Cary Markerink gemaakt: met opengesperde ogen als groothoeklenzen.

Sommige foto's zijn zo scherp en objectief dat de lijnen haast in het vlees van je oog snijden als een scheermes. Dat geldt voor de foto van het Hajé-restaurant getiteld A13, of de foto van het Shellstation getiteld A1 Shellstation. Zó is de weg 's morgens vroeg, als je er net op zit en nog helder bent en grote vrijheid voelt: En route! Mee in de vaart der volkeren! Eerst een kop koffie! Maar er zijn ook foto's zo vaag en vermoeid als de waarneming van iemand die al tien uur gereden heeft en denkt: ik wou dat ik al thuis was. Weer andere foto's, zoals de foto getiteld A6 Almere-Buiten, laten zoveel ruimte en lucht en wolken zien dat je er duizelig van wordt.

Bij vele foto's is er een gevoel van herkenning of een herinnering. Bij een van de foto's herinnerde ik mij het volgende. Mijn vader en ik, wij kwamen met de auto over snelwegen uit Italië. Mijn vader zat achter het stuur. Hij stuurde kalm langs vele ongelukken. Soms stopten wij om sigaretten te kopen voor hem.

De auto was een Wartburg uit het Oostblok. Om te stoppen riep mijn vader 'nu', en moest ik aan de handrem trekken. De gewone remmen deden het niet. Ook de derde versnelling deed het niet, en alledrie de achteruitkijkspiegels waren eraf gevallen. Mijn vader was geen roekeloze man, maar wij hadden geen tijd te verliezen, daarom zaten wij op de snelweg. Hij riep: 'En route! Mee in de vaart er volkeren' En daar gingen wij weer.

Wij reden in deze kapotte Wartburg met 120 kilometer per uur naast een vrachtwagen in de regen, precies als op de grote zwartwitfoto getiteld A27, een van de twee actiefoto's uit het boek. De radio stond aan, mijn vader floot een vrolijk deuntje. Wij waren de vrachtwagen al bijna gepasseerd toen dat gevaarte plotseling naar links ging.

Onze remmen werkten niet. De handrem was machteloos bij 120 kilometer per uur. Terug van de vier naar de twee kon evenmin, er zaten auto's achter ons. Mijn vader toeterde en knipperde met zijn lichten. Voor het eerst van mijn leven zag ik angst in zijn ogen. Toen deed ik mijn armen voor mijn ogen. Wij waren al bijna klemgereden tussen de vangrail en de vrachtwagen. Maar de vrachtwagen zag ons, of bedacht zich om een andere reden, en ging weer naar rechts. Het is het op een na ergste wat ik ooit heb meegemaakt op de snelweg.

In het boek staat maar één foto van een ongeluk, getiteld A15 Tiel. Meer foto's van ongelukken zijn er niet. Hier zijn nog vier citaten uit het gesprek met de twee fotografen: 'Wij zijn geen reality-tv.' 'De snelweg is saai.' 'De snelweg is bloed- en bloedmooi.' 'Mensen willen anekdotes en die krijgen ze niet van ons.'

Op A15 Tiel is het volgende te zien: een kaarsrecht slootje tot aan de horizon, weilanden tot aan de horizon, bomenrijen, hoge elektriciteitsmasten, de achterkant van snelwegborden, lieflijke witte bloemetjes in het gras, een prachtige blauwe hemel met schapenwolkjes, een snelweg. De fotograaf was zeker bezig een ansichtkaart te maken van een typisch Hollands landschap. En het was vast een prachtige ansichtkaart geworden, als er niet juist op dat moment op die plek een ongeluk gebeurde. De foto A15 Tiel ziet er uit als een ansichtkaart waarop, door puur toeval en tegen de zin van de fotograaf, een ongeluk staat afgebeeld, een ongeluk in een Hollands landschap, niks meer en niks minder. De brandweer staat erbij en kijkt ernaar.

In het fotoboek van Theo Baart en Cary Markerink is veel lelijkheid en saaiheid en eentonigheid te zien, maar ook veel pracht. Hier zijn nog zes citaten uit het gesprek dat ik had met die twee: 'Een foto moet laten zien hoe iets er uitziet.' 'De vrachtwagens van Zurel waren de mooiste vrachtwagens van het land.' 'Onze foto's hebben een hoog droogklotengehalte.' 'Onze foto's zijn niet saai.' 'Wij vinden autorijden op de snelweg allebei erg leuk.' 'Wij maken graag non-foto's.'

Ik weet niet wat een non-foto precies is. Maar als de foto's in dit boek non-foto's zijn, dan verkies ik die boven de meeste foto's die ik gezien heb in fotoboeken van allerlei slag.

Op een van de non-foto's in het boek, getiteld A28 Staphorst, is een dorpsplein, of eigenlijk meer een kruispunt te zien met een fietsenwinkel aan de ene kant van het plein en het huis van de eigenaar van de fietsenwinkel aan de overkant. Aan de gevel van de fietsenwinkel hangen een reclamebord van Union en een reclamebord van Gazelle. Op het raam van het huis van de eigenaar, die J. Meesters heet, zijn het voorwiel en het stuur van een fiets geschilderd. Hoog boven het kruispunt is een snelweg gebouwd op grote betonnen poten en met half transparante geluidsweringen aan de zijkant. Een richtingaanwijzer op het kruispunt geeft aan: A28 Zwolle. Meer niet.

De eerste keer dat ik die foto zag, begreep ik niet zo goed waarom die foto in het boek stond. Hetzelfde had ik bij de foto getiteld A2 Zeist-Vollenhoven, waarop een afschuwelijke betonnen geluidswal staat afgebeeld met een camera ervoor, en meer niet. Ik plaatste vraagtekens bij die foto's. Nu staan er uitroeptekens bij. Ik ga een non-camera kopen.

Laatst was ik in een kathedraal. Alles was er even schitterend en hemelwaarts gericht. Er waren dingen daarbinnen waaraan je kon zien dat een handwerksman er tien jaar aan gewerkt had, zo fijn en gedetailleerd waren ze. Je kon er een hele dag of een hele week of een heel jaar naar kijken, en nog was je niet uitgekeken. 'God zit in de details,' schreef eens een man. Maar op de snelweg is alles gemaakt voor ogen die reizen met grote vaart. Er zijn geen details. Niks is gemaakt om lang aandacht aan te geven.

Theo Baart en Cary Markerink laten dit zien. Op de foto getiteld A8 Opslagplaats zijn borden te zien die op de grond staan, klaar voor transport naar hun bestemming op een paal langs de weg. Links op de foto staan negen driehoekige borden met een rode rand en wit in het midden. Rechts op de foto staan zeven rechthoekige borden met een witte rand en zwarte en witte diagonalen. Zo uit hun omgeving gerukt, waar ze alleen maar tekens zijn en geen dingen, zien deze borden eruit als niks, als helemaal niks.

Theo Baart en Cary Markerink staan stil in een wereld die niet is bedoeld om in stil te staan. Zij zetten een wereld stil die niet is bedoeld om stil te zetten. Dat heeft een vreemd effect. Op een serie foto's zijn de A15, de A17, de A44, de A6, de A12 (2x), de A1 (2x), de A50, de A9 (2x) en de A20 te zien. Stukken snelweg met auto's erop. Een suggestie van snelheid is er niet, het lijkt alsof de fotograaf naar de automobilisten is gestapt en gevraagd heeft of ze even wilden stilstaan, voor de foto. En dat deden ze.

Stel je eens voor, je komt de snelweg op zoals gewoonlijk, en alle auto's blijken stil te staan. Het blijkt een soort snelheidsloze zondag te zijn. Dan ga je ook zelf maar stilstaan. Wat voor een vreemd gevoel zou dat geven?

Tracy Metz schrijft in de inleiding bij de foto's: 'In 1954 waren er in Nederland 219.000 auto's, veertig jaar later waren er bijna zes miljoen auto's.' Het zou mij niks verbazen als in diezelfde tijdspanne het aantal kerkbezoekers van zes miljoen naar 219.000 is gedaald. De snelweg is niet alleen het tegenovergestelde van de kathedraal, hij is misschien ook de opvolger van de kathedraal, als favoriete plaats om te zijn. Het kan geen toeval zijn, of het is een navrant toeval, dat uitgerekend onder kerkuilen de snelweg doodsoorzaak nummer één is, zoals Tracy Metz schrijft.

IN HET FOTOBOEK staat een mobilofoondialoog tussen twee vrachtwagenchauffeurs. Die gaat als volgt:

N: Hallo Veldhuizen.

V: Dag Nagel.

N: Weet jij hoelang de file richting Abcoude is?

V: Nee, ik stond zonet aan jouw kant vast maar ik krijg net te horen dat ik naar de Jaarbeurs moet dus ik ben gekeerd bij Maarssen. En nu sta ik weer in de file. Dit schiet niet op hè. Nou ja, hij ging nog voorbij Maarssen, daar moest ik af hè. Ik weet niet hoe lang hij duurt eigenlijk. Maar ja het moet. Joh, wat maakt het uit joh, het is bijna weekend voor jullie. Voor mij ook trouwens.

H: (ruis)

V: Maar je hebt een hoop spits en vakantiemensen.

N: (ruis)

V: Ja ja, nou goed, je bent in ieder geval even van de straat af hè.

N: In een truck zeker.

V: Nee, ja, dat weet ik. Je kan beter in de kroeg zitten zeker.

N: En is verder alles goed met Veldhuizen?

V: Ja. Lekker hè jaja. Als je me de volgende keer tegenkomt dan rij ik niet meer op deze hoor, maar dan rij ik als het goed is op een FH.

N: Je gaat me nu toch niet vertellen dat jullie die globetrotters ingeruild hebben?

V: Dat is toch veel beter toch. Maar dan weet je het in ieder geval. Ik knipper wel een keertje.

N: (ruis) Dag hoor

V: Ja prettig weekend alvast en voor je maatje ook en de groetjes van deze kant.

N: (ruis)

Zo wordt er gesproken in de horizontale kathedraal. Het is niks. Het is veel. Het is.

Snelweg, foto's van Theo Baart en Cary Markerink in de Kunsthal, Rotterdam, t/m 5 januari.

Theo Baart, Cary Markerink (foto's) en Tracy Metz (tekst): Snelweg, Highways in the Netherlands. Architectura en Natura Amsterdam, ¿ 69,50

Meer over