Geloof taant in band armoede en terreur

Na de aanslagen op de VS werd 'de theorie van de voedingsbodem' geboren: armoede baart terreur. Even werd het hulpbeleid beïnvloed door deze opvatting. Nu lijkt dat weer over. 'Maar veiligheid ís ontwikkeling. Het verhaal begint pas'....

Van onze verslaggeefster Sheila Sitalsing

'Flauwekul', zegt Jan Willem Gunning, hoogleraar ontwikkelingseconomie aan de Vrije Universiteit. 'Flauwekul, die gedachte dat armoede terroristen baart.'

Toch was het juist deze 'theorie van de voedingsbodem', een theorie met marxistische trekjes - de vertrapten van de wereld keren zich tegen ons - die het discours over ontwikkelingshulp domineerde in de verwarde dagen na 11 september. Niet langer hoefde de Derde Wereld na de val van de Muur in het goede kamp gehouden te worden, zo wil de theorie. Daarom trok rijk de handen af van arm, en bleef Afghanistan verweesd achter, terwijl Afrika werd opgegeven. Gevolg: ressentiment tegen het Westen kon daar ongehinderd groeien.

Het is een aantrekkelijke theorie. Hij appelleert aan de opvattingen van anders-globalisten en geeft de hulpindustrie een steun in de rug. Daarom was het mooi meegenomen dat het debat ontbrandde aan de vooravond van drie voor arme landen cruciale topconferenties, over vrijhandel, armoedebestrijding en duurzame ontwikkelng.

Daarom, zeg Gunning, was oud-minister van Ontwikkelingssamenwerking Herfkens 'aangenaam verrast' door de voedingsbodemdiscussie. 'Ze vond het zelf ook een beetje een rare redenering, geloof ik, want arm Afrika staat niet klaar om New York aan te vallen. Niettemin was ze verheugd over de plotse steun voor armoedebestrijding.'

'Allemaal waar', zegt Jos van Gennip, lid van de Eerste Kamer voor het CDA en Nederlands president van de Society for International Development, een netwerk van instituties die zich met ontwikkelingsbeleid bezighouden. 'Maar ik geloof dat een wereldorde waar tweederde van de wereldbevolking geen belang bij heeft, geen stand kan houden. Dat heeft 11 september aangetoond.' Net zoals er 'een geweldige causaliteit' is tussen migratie en armoede, zonder dat alle migranten uit de armste gebieden komen, ziet Van Gennip dat bemiddelde terroristenleiders onderdak vinden in economisch achtergebleven gebieden. 'Een wereldmacht die wereldproblemen niet kan oplossen, kweekt haat.'

Het is de Max van den Berg-lijn. 'De aanslag had niets van doen met armoede', meent Van den Berg, oud-Novib-voorzitter en ontwikkelingsspecialist in de PvdA-fractie van het Europees Parlement. 'Wél zijn velen in de Arabische wereld door de kloof tussen rijk en arm ontvankelijker voor extreem conservatisme.'

De notie dat veiligheid gelijk is aan ontwikkeling zit er in het Westen nu wel in, denkt Van Gennip. Maar als dat waar is, heeft deze opvatting dan ergens toe geleid? Is het discours de discussiezaaltjes ontstegen en neergeslagen in een andere kijk op ontwikkelingssamenwerking en een ander hulpbeleid?

'Er is nul komma nul veranderd', meent Francine Mestrum, een Belgische sociologe die in haar boek Globalisering en armoede het armoedebeleid probeert te ontrafelen. Na de drie topconferenties in de schaduw van 11 september signaleert zij 'zelfs een negatieve trend'.

Van den Berg gelooft daarentegen dat de aanslagen wél het ontwikkelingsbeleid van de VS hebben beïnvloed. Neem de Wereldhandelstop in Doha. Van den Berg, die daar was, meent zelfs dat de Amerikaanse handelsgezant Zoellick toen akkoord is gegaan met een handelsagenda die hij voor 11 september zeker zou hebben verworpen. 'Hij stemde in met snijden in de landbouwprotectie!'

Toegegeven, nog geen halfjaar later doorkruiste president Bush de Doha-afspraken door in zijn farm bill de steun aan Amerikaanse boeren juist op te voeren. 'Klopt. Nu zijn de VS weer bezig de wissel terug te leggen. Maar in Doha zat de schrik er nog in.'

Ook belangrijk, volgens Van den Berg: er kwam schot in de discussie rond een verbod op de handel in diamanten waarmee strijdende partijen in Afrika hun oorlogen financieren. 'Amerika blokkeerde een akkoord', zegt Van den Berg. 'Totdat bleek dat Al Qa'ida zich met bloeddiamanten financierde.'

Groter was de verrassing een topconferentie later, toen in Mexico geld werd ingezameld voor de Millenniumdoelen, een ambitieus programma voor armoedebestrijding. Bush verraste door de Amerikaanse hulp te verhogen: van 10 miljard dollar per jaar naar 15 miljard.

'De VS gingen om in Monter rey', onderkent hoogleraar Gunning. 'Maar ik geloof niet dat dit te verklaren valt uit de voedingsbodemtheorie. Essentiëler is dat de VS voorafgaand aan Monterrey het debat over effectiviteit van de hulp hebben opgepakt. Daarin overtuigde de Wereldbank de Amerikaanse Treasury dat hulp heus wel kan helpen. Kijk, dat was spectaculair. Maar 11 september heeft daar naar mijn mening geen beslissende rol in gespeeld.'

Het werd minder. Bush kwam niet eens naar de derde grote ontwikkelingsconferentie, de duurzame ontwikkelingstop in Johannesburg. Ted van Hees, die namens het Europese netwerk van hulporganisaties Eurodad Johannesburg bezocht, is net 'teleurgesteld' teruggekeerd. 'We wilden zo graag dat de voedingsbodemtheorie zou aanslaan. Maar de VS zijn ervan genezen.' Van Hees voorspelt dat deze 'kortzichtigheid' als een boemerang zal terugkeren. 'Wanneer problemen rond armoede, milieudegradatie of migratie dár niet worden opgelost, krijgen we ze hier drie keer harder terug.'

Jos van Gennip houdt een minder somber perspectief voor ogen. 'Eigenlijk heeft 11 september een geweldige kans geschapen om na te denken over de wereldorde, en over de vraag in hoeverre veiligheid samenhangt met economische ontwikkeling voor allen. Het verhaal begint pas.'

Meer over