winnaar en verliezer van de week

Een eerbetoon voor directeur pz van Rabobank, een blauwtje voor directeur voeding en ijsco’s van Unilever

Winnaar: Janine Vos

Topvrouw Rabo wil niet terug naar de kantoortuin

Janine Vos, Member Managing Board en CHRO Rabobank, verkozen tot Topvrouw van het Jaar 2021. Beeld ANP
Janine Vos, Member Managing Board en CHRO Rabobank, verkozen tot Topvrouw van het Jaar 2021.Beeld ANP

Het was een moeilijke keuze, maar de jury van de Topvrouw van het Jaar heeft voor 2021 haar oog laten vallen op ­Janine Vos (48). De directeur chief human resources officer – in gewone mensentaal: directeur personeelszaken – van de Rabobank ‘kan als geen ander de uitdagingen van dit moment verwoorden, durft zich kwetsbaar op te stellen en is een vechter die niet bang is de confrontatie aan te gaan en verantwoordelijkheid te nemen’.

Een van die uitdagingen is het werken op kantoor na de coronacrisis. In een vraaggesprek met NRC stelde Vos deze zomer dat we niet massaal op onze werkplek terugkeren. Waarom zou je in haar optiek terug willen in de file naar de kantoortuin om daar alles te doen wat je thuis ook kan? ‘Ik vraag me steeds vaker af: was dat oude normaal wel zo normaal?’

Videovergaderen vindt ze niet zo vervelend als anderen, vertelde ze MT/Sprout: ‘Binnen teams valt de hiërarchie weg, je ziet katten, honden en mensen met kinderen. Ik merkte ook dat het soms fijn is om moeilijke dingen met elkaar te bespreken in je eigen omgeving.’

Zoals het juryrapport ook signaleert: dit alles maakt van de Topvrouw van 2021 nog geen softie. Toen Vos in 2017 als CHRO aantrad kreeg ze een reorganisatie voor d’r kiezen waarbij 17 duizend banen sneuvelden. Begin dit jaar kwamen daar 5.000 ontslagen bij, ondanks een halfjaarwinst van 1 miljard euro. ‘Ik weet hoeveel impact het heeft op het leven van mensen, maar het is onvermijdelijk. Als je de bank gezond wilt houden, moet je keuzes maken.’

Verliezer: Hanneke Faber

Aan zendingsdrang Unilever-baas zitten grenzen

Hanneke Faber Beeld
Hanneke Faber

In interviews vorig jaar prees Hanneke Faber (52), directeur Foods & Refreshments van Unilever, het ijsmerk Ben & Jerry’s als de vaandeldrager van het levensmiddelenconcern. Unilever wil vooroplopen als het gaat om duurzaamheid en diversiteit, ‘maar je ziet binnen ons concern ook wel merken die er net iets harder aan trekken. Ben & Jerry’s is een voorbeeld voor ons allemaal.’

Hoe anders klinkt het deze week in Het Financieele Dagblad. ‘Ben & Jerry’s heeft besloten geen ijs meer te verkopen in de bezette Palestijnse gebieden. De rest van Unilever wil die beslissing niet nemen. 99% van onze idealen komen overeen, maar die ene procent kan afwijken. Over toekomstige buitenbeentjes zegt Faber: ‘Dus nee, dat gaan we niet meer doen.’

Faber wijt de strubbelingen met de ‘ingewikkelde besluitvorming’ bij Ben & Jerry’s, maar de reden voor het ongemak ligt veel simpeler. De houding van de ‘ijsco-hippies’ tegenover Israël leidt ertoe dat steeds meer Amerikaanse staten hun beleggingen in Unilever afstoten. Dat kan op den duur de aandelenkoers ondermijnen.

Faber staat bekend als merkactiviste, die vindt dat elk Unilever-merk een hoger doel in het leven moet zoeken. Kennelijk zitten er grenzen aan die corporate goedertierenheid. Faber zat in 2018 bij de Duitse chemiereus Bayer in de raad van commissarissen die instemde met de overname van de zaadveredelaar Monsanto, ook bekend van het kankerverwekkende onkruidverdelger Roundup. Faber bleef zitten, tot april dit jaar.

Meer over