Economisch terrorisme

IJsland is een jaar na het financiële debacle hopeloos verdeeld. Jong, de schuldenaren, staat lijnrecht tegenover oud, de spaarders en de Vikingen, zij hadden alle touwtjes in handen, liggen op de loer....

Door Pieter Klok

Elins Kjartansdottir was het ene moment een succesvol architect met 25 werknemers onder zich en een prachtig appartement in het oude centrum van Reykjavik. Het andere moment moest ze al haar 25 werknemers ontslaan en was ze persoonlijk failliet. ‘Dit gebeurde in wezen in een dag’, zegt ze.

Kjartansdottir heeft wallen onder haar ogen en trilt als ze haar verhaal vertelt. In 2006 kocht ze haar appartement voor 65 miljoen kronen (dat was toen 650 duizend euro). Ze sloot daarvoor een lening af van 40 miljoen kronen, de rest betaalde ze zelf. De bank adviseerde haar de lening in Japanse yens af te sluiten, dan zou de rente veel lager zijn. En de risico’s waren zeer beperkt, werd haar verteld. ‘Ze lieten een grafiek zien met de koers van de kroon over de afgelopen twintig jaar. Dalingen van meer dan 20 procent waren eigenlijk nooit voorgekomen.’

Tot de herfst van 2008, toen de koers van de kroon ineens halveerde. De schuld van Kjartansdottir schoot omhoog naar 90 miljoen. Haar huis is inmiddels veel minder waard dan de 65 miljoen waarvoor ze het kocht en dus is ze allang failliet. Haar maandlasten zijn ondraaglijk geworden. ‘De beste oplossing zou zijn het land maar gewoon te ontvluchten.’

De crisis op IJsland zou een wetenschappelijk experiment hebben kunnen zijn. Een proef om uit te zoeken hoe mensen reageren op een heftige economische crisis. Je zet 300 duizend mensen op een eiland. Die laat je eerst het welvarendste land ter wereld worden – door hun munt een veel te hoge waarde te geven. Vervolgens stuur je de zwaarst denkbare crisis op het eiland af, waardoor mensen van de ene op de andere dag berooid zijn. Hoe vangen ze dat op? Breekt er spontaan de revolutie uit? Of lopen de bruinhemden al snel door de straat te marcheren? En wat kunnen we ervan leren voor wat ons de komende jaren nog te wachten staat?

In de eerste plaats worden de sociale verhoudingen flink door elkaar geschud, zo blijkt. Kjartansdottir, die in de beste kringen van Reykjavik verkeerde, zit na de crisis ineens naast Thorvaldur Thorvaldsson een werkloos timmerman en echte revolutionair. Hij ging – toen nog met rode baard – voorop bij het bestormen van het parlement en de centrale bank, afgelopen winter.

Samen zitten ze in het bestuur van het Stakingscomité van de IJslandse Huiscoalitie. Beiden weigeren nog langer voor hun hypotheek te betalen en roepen anderen op hetzelfde te doen. De actie is een succes. 30 procent van de IJslanders doet mee – al weigeren banken dit getal te bevestigen uit angst voor kopieergedrag. 16 procent van de IJslanders is voorstander van een eeuwige staking: net zo lang niet betalen tot de schulden grotendeels zijn kwijtgescholden.

De vergadering vindt plaats in het inmiddels lege kantoor van Kjartansdottir. Wandvullend getuigt een flatscreen-tv van de gouden jaren die ze achter zich heeft liggen. Waar Kjartansdottir vooral aan haar eigen hypotheek denkt en hoopt dat ze ooit haar oude leven weer terugkrijgt, denkt Thorvaldsson veel verder. Hij ziet duidelijke parallellen tussen de strijd van de IJslandse huizenbezitters en de strijd van de vakbonden aan het eind van de 19de eeuw. ‘Zij vochten voor het recht op staking voor de arbeiders, wij vechten voor het recht op staking voor huizenbezitters. Zij zijn voor de rest van hun leven slaaf van hun hypotheek geworden.’

De manier waarop mensen met schulden worden uitgebuit verschilt niet van de manier waarop de kapitalisten vroeger hun arbeiders uitbuitten, vindt Thorvalddson. ‘In beide gevallen is er een klein clubje mensen dat enorm rijk wordt over de rug van velen, die financieel klem worden gezet.’ Het is tijd voor een nieuwe revolutie, vindt hij. ‘Dit is een vorm van diefstal. Het is oneerlijk dat mensen 20 procent van hun inkomen, dat ze in hun leven binnenhalen, verliezen, alleen maar omdat ze op het verkeerde moment een flat hebben gekocht. Er zit in een fout in het systeem.’

De crisis heeft de IJslandse samenleving in tweeën gedeeld: de schuldenaren - veelal jonge gezinnen - aan de ene kant en de spaarders - voor het merendeel ouderen - aan de andere kant. En beiden beginnen langzaamaan een hekel aan elkaar te ontwikkelen. Bij de IJslanders met hoge schulden groeit het besef dat hun hoge maandbetalingen via de bank terecht komen bij de IJslanders met een spaarrekening. Is dat rechtvaardig, beginnen ze zich af te vragen.

‘Het surrealistische aan de huidige situatie is dat we hier nog steeds veel rijke mensen hebben’, zegt de 35-jarige Gunnar Thordarson, lid van het Stakingscomité. ‘Hun kapitaal werd door de overheid direct na de crisis beschermd. Geen spaarder in IJsland heeft in de crisis geld verloren.’

De schuldenaren ervaren dit als onrechtvaardig. ‘Waarom zou je mensen die al veel geld hebben, nog extra beschermen en de schuldenaren juist verder naar de verdommenis laten gaan?’, zegt Thordason. ‘Je kunt natuurlijk zeggen dat de schuldenaren welbewust een groot risico namen, maar namen de spaarders ook geen risico door hun geld weg te zetten bij de bank om rente te incasseren? Waarom staat de overheid wel garant voor het ene risico en niet voor het andere?’

Het gebrek aan loyaliteit dat de kapitaalkrachtige IJslanders aan de dag leggen, is schrijnend, vindt Thordason. ‘De meesten denken alleen aan zichzelf. Ze weigeren bijvoorbeeld hun geld in IJslandse ondernemingen te steken. Zodra ze hun kronen weer mogen omwisselen, zullen ze dat massaal doen. Daardoor zal de kroon verder onderuit gaan en zullen onze schulden nog een keer over de kop gaan.’

Vilhjalmur Bjarnason, voorzitter van de IJslandse vereniging van aandeelhouders, behoort tot de ‘spaarzame’ IJslanders. Hij vindt dat de mensen met hoge schulden vooral naar zichzelf moeten kijken. ‘De grootste fout is geweest dat ze te veel voor hun huis hebben betaald, en dat ze vaak een veel te groot appartement hebben aangeschaft.’

Bjarnason vindt de discussie over de ondraaglijke schuldenlast dan ook niet interessant. ‘Ik heb daar geen last van.’ Hij ziet in de huidige crisis geen reden het kapitalistische systeem op de schop te nemen, welnee. IJsland is volgens hem slachtoffer geworden van een klein groepje ‘economisch terroristen’. Terroristen? ‘Ja natuurlijk. Wat is het verschil tussen het vernietigen van een financieel systeem of het vernietigen van huizen of infrastructuur?’

De terroristen waren dertig over het algemeen jonge mannen en drie vrouwen, die voor zichzelf een financieel perpetuum mobile gecreëerd hadden, vertelt Bjarnason. Deze ondernemers, die zichzelf Vikingen hadden gedoopt, hadden allemaal grote belangen in de IJslandse banken. Dat was handig, want zo konden ze hun prachtige overnames (ze kochten winkelketens in Londen en New York, een Britse voetbalclub, onderdelen van het Nederlandse Stork) makkelijke gefinancierd krijgen.

En er waren meer voordelen. De aandeelhouders in de banken – de ondernemers dus – kregen vaak leningen van de bank om nieuwe aandelen te kopen. Daardoor werden hun bestaande aandelen meer waard, zodat ze nog meer konden lenen en nog meer aandelen konden kopen. Dit ging goed, zolang de kroon zich staande hield. Toen die viel stortte het imperium van de Vikingen in een klap in.

De Vikingen zagen de val van de IJslandse economie natuurlijk ver van te voren aankomen en zetten hun geld bijtijds om in buitenlandse villa’s. De rest brachten ze naar het eiland Tortola – dat is geen naam uit Kuifje , maar een van de Britse Maagdeneilanden – waar het buiten het zicht van de autoriteiten zou blijven, dachten ze. De meeste Vikingen zijn vlak daarna het land ontvlucht.

Heel IJsland wacht nu in spanning af tot Eva Joly met haar onderzoeksresultaten komt. Joly is een Noors-Franse fraudeofficier, die door de IJslandse regering is binnengehaald om de financiële boeven te pakken. De IJslanders achten zichzelf hiertoe niet in staat. Het eiland heeft geen enkele ervaring met economische delicten. Bovendien kent iedereen iedereen, waardoor het voor een IJslandse fraudeofficier moeilijk is een onafhankelijk oordeel te vellen.

De IJslanders hopen vurig dat Joly de vele miljoenen uit Tortola terug weet te halen, maar Thorvaldsson en zijn medestakers vrezen dat er iets heel anders gaat gebeuren. ‘Straks als mensen hier massaal uit hun huizen worden gezet, zullen de huizenprijzen snel dalen. Ik ben bang dat de Vikingen dan terug zullen keren om al onze huizen op te kopen.’

De grootste angst bij veel IJslanders is dat hun eiland op den duur – al dan niet gedwongen door het Internationaal Monetair Fonds – geheel en al in de uitverkoop gaat om alle schulden af te kunnen lossen. In wezen is die uitverkoop al begonnen. De visrechten, waaraan het eiland veel van zijn economische voorspoed te danken heeft, dienden als onderpand voor leningen van de Deutsche Bank. Als die leningen niet kunnen worden afgelost – en die kans is groot – ,worden Duitsers eigenaar van de IJslandse vis.

De uitverkoop van de energiebedrijven is onlangs ook van start gegaan met de verkoop van het energiebedrijf HS Orka aan het Zweedse Magma. De angst bestaat dat IJsland uiteindelijk het recht op het eiland energie te winnen aan een buitenlandse macht zal verkopen – de Nederlands-Britse econoom Willem Buiter zag hierin vorig jaar al de enige uitweg voor IJsland. Wat zijn we nog voor een land, als al onze natuurlijke hulpbronnen verkocht zijn, vragen veel IJslanders zich af.

Maar ook hier groeit het verzet. Actievoerder Nathan probeert namens Saving Iceland te voorkomen dat zijn eiland straks wordt omgebouwd tot een grote energiecentrale. Tot nu toe waren het vreemd genoeg vooral buitenlanders die hiertegen protesteerden, vertelt hij. ‘IJslanders durfden niet. Met een beetje pech is de politieman die je oppakt een familielid. Als IJslanders al demonstreerden, wandelden ze rond met borden omhoog.’

Nathan – gezicht en oren vol piercings en zwarte kleding met daarop Fuck The Police – leerde als student in Denemarken dat hardere actie mogelijk is; wegen blokkeren en je vastketenen bijvoorbeeld. Hij merkt dat steeds meer IJslanders hem volgen. ‘Deze zomer waren de IJslanders voor het eerst in de meerderheid bij ons zomerkamp.’

Nathan is een van de weinigen die sinds de crisis fluitend door het leven gaat. Hij heeft dan ook geen huis of auto gekocht met geleend geld. Hij bleef huren. Sinds hij begin vorig jaar zijn baan bij een bakker verloor, geniet hij van een royale uitkering. ‘Als je geen gezin hebt, zoals ik, kun je daar prima van leven.’

Hij kijkt met licht leedvermaak naar de val die IJsland doormaakt. ‘Tot enkele jaren geleden dreef onze samenleving op tweedehandsproducten. Als je iets nieuws wilde kopen, moest je eerst sparen. Toen wilden we ineens per se bij de grote jongens horen. Het werd verboden spullen bij het grofvuil vandaan te halen en mensen gingen geloven dat schulden maken het beste was wat een mens kon doen.’

Meer over