De Waal wil vrije tijd

Johan Stekelenburg gaat, Lodewijk de Waal komt. 'Ik ben Johan niet.' De nieuwe voorzitter van de FNV heeft vier noten op zijn zang: het buitenland, loonstijging, vergrijzing en de reorganisatie van de FNV zelf....

Revolutie predikt Lodewijk de Waal (46) niet meer. De nieuwe FNV-voorzitter is zijn wilde haren kwijt. Twintig jaar geleden was hij een Rotterdamse linksradicaal die ternauwernood bij de dienstenbond Mercurius aan de slag mocht. De radicale gedachten werden gesmoord in de dagelijkse praktijk van het vakbondswerk.

Nu is De Waal de pragmaticus zelve. Hij is de hoofdauteur van het nieuwe beginselprogramma van de FNV, de Grondslag. Hierin komt arbeiderszelfbestuur, ooit een vanzelfsprekendheid voor De Waal, niet meer voor. De Grondslag wordt vandaag omarmd op het driejaarlijkse FNV-congres.

De Waal zal het pragmatische beleid voortzetten dat Johan Stekelenburg in 1988 introduceerde. 'Ik zit nu vijf jaar in het bestuur van de vakcentrale. Ik ben mede verantwoordelijk voor het beleid. Dan mag je van mij geen trendbreuk verwachten.'

Het verschil zal uit nuances blijken. 'Ik ben Johan niet. We zijn verschillende persoonlijkheden. De stijl zal anders zijn. Johan is gematigder, gelijkmatiger. Ik ben soms wat kort door de bocht. Ik moet me daarin matigen. Als voorzitter moet je de bindende figuur zijn.' De Waal verwijst naar zijn felle debatteerstijl, waarmee hij de opponent liefst eerst in de hoek zet en vervolgens de vloer met hem aanveegt.

Een ander nuanceverschil is de taakopvatting. 'Johan lééft voor dit werk, het is zogezegd zijn roeping. Hij is zeven dagen per week inzetbaar. Ik houd het beperkt. Mijn gezin staat voorop. De FNV is mijn werk, niet mijn leven.'

De Waal reserveerde altijd één dag per week voor zijn twee kinderen, nu nog maar een middag. 'Maar een 60-urige werkweek, daar zie ik niets in. Veertig uur, hooguit, moet volstaan.'

Jarenlang hield De Waal suggesties over een naderend voorzitterschap af met de volzin: 'Dat mag niet van mijn vriendin.' Nu kreeg hij tot zijn eigen verbazing gemakkelijk haar zegen. 'Ze zei: ''Ik zag je er naar toe glijden''.'

De Waal 'gleed' naar het voorzitterschap door de interne discussies. Oorspronkelijk zou Ella Vogelaar, tot vandaag vice-voorzitter, Stekelenburg opvolgen. 'Toen we najaar 1995 in abstracto de opvolging bespraken, was dat de bedoeling. Ik heb toen gezegd dat ik dan geen contractverlenging ambieerde. Als cao-coördinator moet je een nauwe band hebben met de voorzitter. Johan en ik hebben aan een half woord genoeg. Zo'n band hebben Ella en ik niet. Dat zou het ook niet worden. Dat zit in chemie, niet in zakelijke verschillen of het sekseverschil.'

De Waal zegt dat zijn vertrek een 'zakelijke aankondiging' was, met tegenzin gedaan omdat hij het werk 'leuker vond dan ik verwachtte'.

Een half jaar geleden werd alles anders. 'Ella kondigde plotseling aan géén voorzitter te willen worden. Uit persoonlijke overwegingen én omdat ik weg zou gaan. Het vertrek van Johan was toen reëler aan het worden. Toen heeft Johan een beroep op mij gedaan. Hij heeft de bonden gepolst en die waren tot mijn verrassing positief.'

Vervolgens kondigde Vogelaar ook haar vertrek als vice-voorzitter aan. De FNV zou vrouwonvriendelijk zijn, Lodewijk de Waal in het bijzonder. 'Het is onterecht dat de FNV als vrouwonvriendelijk bastion wordt neergezet. Dat vind ik akeliger voor de FNV dan voor mijzelf.'

Nu De Waal dan toch voorzitter wordt, wachten hem vier grote klussen. Milieu en het buitenland vragen meer aandacht. In het dagelijkse vakbondswerk vergen instandhouding van het 'poldermodel' met gematigde loonkostenstijgingen in cao's én de vergrijzing aandacht. Tenslotte vergt de reorganisatie van de FNV zelf de nodige energie.

Als De Waal zelf was opgestapt, dan had hij emplooi gezocht bij de milieubeweging of in de ontwikkelingshulp. Die thema's komen nu ook ruimschoots aan bod in de nieuwe Grondslag. Het zal ook een verschuiving worden in het FNV-beleid. 'Tot nu toe was het internationaal beleid versnipperd. Ik wil dat in hoofdlijnen zelf gaan doen.'

De Waal verlegt het werkterrein van de FNV-voorzitter niet over de grenzen omdat Nederland af is. 'Persoonlijke fascinatie speelt mee, maar het is ook noodzakelijk vakbondswerk. Internationale contacten worden steeds belangrijker door de globalisering van het bedrijfsleven. Contacten in de Derde Wereld maar ook in Brussel, in Europees verband.'

Uitleg over het Nederlandse 'poldermodel', de banenmachine die internationaal de aandacht trekt, is dan onvermijdelijk. Handhaving van het model zal de komende tijd ook de nodige aandacht van de FNV vergen.

Door de banengroei ontstaan tekorten op de arbeidsmarkt waardoor De Waals achterban roept om loonsverhoging.

De Waal, sinds 1992 coördinator van het cao-beleid van de FNV, moet daar niets van weten. 'De looneis zal omhoog gaan, maar gematigde kostenstijging staat centraal.' De Waal wijst erop dat de FNV 'een paar dure wensen' op het verlanglijstje heeft staan: intensief ouderenbeleid, scholingsrecht en loopbaanonderbreking. Arbeidsduurverkorting blijft prioriteit, al is '36 uur voorlopig de grens'. Maar, zegt De Waal, 'de trend naar korter werken is onmiskenbaar. Mensen geven de voorkeur aan vrije tijd boven geld. Zeker als ze zien dat vrije tijd goedkoop is. Langere werkweken leveren relatief weinig extra loon op: dat wordt grotendeels door de fiscus opgeëist.'

Sinds 1993 lopen de loonsverhogingen in cao's weer stapsgewijs op. De afgelopen jaren lag het gemiddelde onder de inflatie. In ruil voor arbeidsduurverkorting werd in veel cao's met weinig loonsverhoging genoegen genomen. Dit jaar komt het gemiddelde uit op inflatieniveau. Voor volgend jaar wordt koopkrachtverbetering voorzien.

Over een lange termijn terugkijkend worden jaarlijks oplopende loonstijgingen alleen doorbroken door een economische inzinking. Onder druk van reorganisaties en massa-ontslagen lopen de loonsverhogingen terug. Met het aantrekken van de economie begint de loonstijging weer op te lopen, tot aan de volgende economische dip en saneringsgolf.

De Waal overweegt een vernieuwing om dat ritueel te voorkomen. 'We sluiten steeds vaker tweejarige cao's af terwijl de looneis alleen voor het eerste jaar geldt. Voor het tweede jaar wordt gemakzuchtig dezelfde eis gesteld en vaak binnengehaald.'

Zo geeft KPN zowel dit jaar als in 1998 3 procent loonsverhoging. De inflatie daalt volgend jaar echter, zodat de koopkracht van KPN'ers sterker stijgt dan de bedoeling was. De KPN-cao heeft een 'voorbeeldwerking' voor andere cao's. Om te voorkomen dat zo een onbedoelde trend wordt neergezet, wil De Waal voortaan looneisen voor twee jaar formuleren. Bij de looneis voor het tweede jaar moet dan rekening gehouden worden met eventueel dalende inflatie.

'De loonsverhoging kan dan in het tweede jaar lager uitvallen dan in het eerste jaar. Dat is nu bij de rijksambtenaren ook het geval maar dat is toeval en geen uitkomst van beleid. Met de looneisen voor de komende twee jaar kan de oplopende lijn in loonsverhogingen worden omgebogen zonder dat daar een economische crisis of politieke heisa voor nodig is.'

Eerst wil De Waal echter met het Centraal Planbureau in discussie over de inflatievoorspellingen. Het CPB voorspelde voor dit jaar 2,5 procent inflatie. 'Nu is het twaalfmaandsgemiddelde 1,9 procent. Niemand ziet dat nog oplopen. Over het verschil moet duidelijkheid komen.'

De grote uitdaging voor de vakbeweging in de komende tien jaar is de verandering van de arbeidsmarkt. De beroepsbevolking van 15- tot 65-jarigen vergrijst én ontgroent. Nu zijn er nog evenveel 45-minners als 45-plussers. In 2010 is de verhouding één op twee. Als er dan net zo weinig 45-plussers werken als nu, dan wordt de sociale zekerheid onbetaalbaar.

Nu komen ouderen vaak niet meer aan het werk omdat hun kennis verouderd is. Daarom introduceerde de FNV vorig jaar 'continue scholing' als cao-eis. Werknemers moeten zo productief en aantrekkelijk blijven voor werkgevers. Werkgevers kiezen liever voor demotie, waarbij ouderen een stap terugdoen op de carrière- en inkomensladder.

De relatief hoge lonen voor ouderen zijn het gevolg van een beloningssysteem waarin 'senioriteit' een hoofdrol speelt. Jongeren worden 'onderbetaald' en halen de schade op latere leeftijd in. Maar door het teruglopende aantal jongeren dreigt nu een slag op de arbeidsmarkt om de jonge vakman, waardoor hun lonen oplopen. Dure, improductieve ouderen worden afgeschreven.

De Waal reageert geprikkeld op deze schets. 'Demotie is voor de FNV een gedwongen stap terug. Het kan me niet schelen of het woordenboek in het midden laat of het gedwongen of vrijwillig is. Demotie is altijd gedwongen en dus onbespreekbaar. Door scholing moet de kennis van alle werknemers op peil worden gehouden. Ik geloof er ook geen barst van dat productiviteit daalt als je ouder wordt. En als jongeren schaars worden, dan moeten hun lonen omhoog, en niet de lonen van ouderen omlaag.'

De gevoelige discussie over het ouderenbeleid wordt nog even uitgesteld. De Waal sloot hierover een concept-akkoord met werkgevers waarin de deur voor demotie werd opengehouden. Maar door de commotie die hierdoor ontstond, wordt het akkoord nu herschreven. 'Demotie mocht en kon er niet in gelezen worden.'

In de aanloop naar de 21ste eeuw ondergaat de vakbeweging zelf een metamorfose.

De FNV hervormt zich door een fusieproces tot een vakcentrale met twee megabonden, één voor de collectieve sector rond de Abvakabo en één voor de markt, Kwadraat geheten. Voorlopig blijven negen kleine tot middelgrote bonden op eigen benen staan.

Op termijn kan een ongedeelde FNV ontstaan, waarbij iedereen lid is van de centrale en contact heeft met een 'vakgroep' die het beroepsbelang behartigt.

De Waal wil zich hierover niet uitspreken. Daarvoor is het proces te gevoelig. 'Ik heb geen doel waar wij op lange termijn naar streven. Ik doe niet aan blauwdrukken. Alle plannen moeten wel voldoen aan twee eisen: het moet de herkenbaarheid van de FNV vergroten en het moet de doelmatigheid vergroten.'

Met deze opstelling wijkt De Waal geen millimeter van Stekelenburgs voorbeeld. De toon is alleen wat zakelijker.

Meer over