De platte oester in het nauw

Precies op de grens van het oesterkweekperceel laat de Yerseke 96 zijn kor zakken. Het vangnet schraapt over de bodem en wordt even later opgehesen gevuld met grijze schelpen....

Mac van Dinther

Maar die opvatting wordt vooral door buitenlanders gedeeld. Driekwart van de Zeeuwse oesters gaat de grens over.Dat moet anders, vindt de productorganisatie die een campagne is begonnen om Nederland aan de oester te krijgen. Die begon vorige week met het ophalen van de nieuwe oogst die 'natuurlijk ' geweldig is.

Maar in hun ijver bezondigen de oesterkwekers zich aan volksverlakkerij. Want de schelpen die de YE 96 uit het water vist zijn niet de 'echte Zeeuwse' oesters, maar verZeeuwste exoten. De enige echte ' Zeeuwse' oesters liggen een stukje noordelijker in de Grevelingen. Dat is de platte oester, te herkennen aan zijn schelp die ronder en gladder is dan zijn grillig gevormde neefje uit de Oosterschelde. Yerseke is groot geworden met de platte oester. Maar de strenge winter van 1962-1963 en de ziekte Bonamiasis richtten een slachting aan onder de dieren.

Beroofd van hun broodwinning haalden de kwekers de Japanse oester binnen die het wonderwel doet in Zeeuws water. Zo goed, dat de creuse, zoals de Japanner op de menukaart heet, de platte heeft verdrongen. Jaarlijks worden 40 miljoen creuses opgevist, tegen 2,5 miljoen platte.

De creuse heeft de alleenheerschappij op de Oosterschelde en breidt zich ook uit in de Grevelingen, de enige plaats waar nog platte worden gekweekt. De platte oester zit in het nauw. Dat is jammer, want kenners en kwekers zijn het erover eens dat de platte veel beter smaakt dan de creuse.

Er zou een reddingsplan moeten komen voor het behoud van de platte oester als uniek Zeeuws culinair erfgoed. Maar op de kwekers hoeven we niet te rekenen. De platte is prachtig, zegt oesterkweker Aart Cornelisse, maar lastig te kweken. 'Mijn geld verdien ik met de creuse.De productorganisatie promoot liever de creuse als 'echte Zeeuwse oester'.

De redding moet van buiten komenn, denkt onderzoeker Aad Smaal van het instituut voor visserijonderzoek Rivo. 'Als we niks doen, sukkelt de platte achteruit'. Smaal ziet mogelijkheden. 'Maar de oplossing ligt niet voor het oprapen en zal niet goedkoop zijn'.

Oesterkweker Cornelisse heeft een pragmatische oplossing. Mosselen uit de Waddenzee worden in de Oosterschelde massaal omgekat tot Zeeuws Roem. Dat kan met de oester ook. 'Als de platte hier op zijn, halen we ze uit Denemarken, daar zijn er nog genoeg'. Oesters bestaan voor 90 procent uit water. Na een weekje in de Oosterschelde is dat gegarandeerd Zeeuws, aldus Cornelisse.

Meer over