ColumnFrank Kalshoven

De overheid faalt bij het bestrijden van uitbuiting en doet daar luchtigjes over

null Beeld

Daders vrijuit, slachtoffers niet geholpen. Dit is de titel van een onderzoek van de Algemene Rekenkamer dat deze week openbaar werd. Het gaat over het uitbuiten van mensen. In Nederland. Over dit onderzoek verscheen een keurig feitelijk bericht in de Volkskrant. We moeten er dieper op ingaan, want het is tegelijkertijd een hoopgevend als gekmakend onderzoek, dat zowel gaat over een lerende overheid als over een falende overheid.

Laten we positief beginnen: de lerende overheid. Uitbuiting is sinds 2005 met zoveel woorden verboden, maar de handhaving liet te wensen over. De Rekenkamer onderzoekt een poging tot verbetering die dateert uit 2017. De overheid startte toen een ‘programma arbeidsuitbuiting’. Wetten zijn aangepast, er kwam extra geld in de orde van grootte van enkele tientallen miljoenen per jaar, waarmee een stevige uitbreiding van de capaciteit van de Arbeidsinspectie kon worden betaald.

Het Rekenkameronderzoek neemt de doeltreffendheid van het beleid onder de loep. Dus: werkt de aanpak van de overheid uit 2017 tegen uitbuiting en ‘ernstige benadeling van werkenden’ (uitbuiting light)? Het antwoord is dus ondubbelzinnig: nee. Het aantal strafzaken tegen daders van uitbuiting daalde zelfs. De opgelegde boetes tegen uitbuiting light ‘zijn zo laag dat ze nauwelijks afschrikwekkende werking hebben’.

De volgende stap in het leerproces is dat de inspectie de conclusies voorlegt aan de verantwoordelijke minister (Wouter Koolmees van SZW), met een aantal aanbevelingen om de doeltreffendheid van het beleid te vergroten. De minister geeft vervolgens aan de Rekenkamer aan dat hij de aanbevelingen ‘van harte’ overneemt, en dat hij aanpassing van het beleid overlaat, moet overlaten, aan het nieuwe kabinet. Dit nieuwe beleid kan dan over een aantal jaren opnieuw op effectiviteit worden beoordeeld door de Rekenkamer.

Het is een keurige cyclus: doelen stellen, beleid maken, beleid uitvoeren, beleid beoordelen op effectiviteit (en efficiëntie, maar dat is hier nauwelijks aan de orde), beleid aanpassen, en zo voort en zo verder, met als doel een lerende overheid die steeds beter werkt. Tot zover de zonnige zijde.

Want terwijl de beleidscyclus zijn keurige rondjes draait, kun je in Nederland dus straffeloos mensen uitbuiten, naar believen volledig of ‘light’. De hele mallemolen aan arbeidswetten over werktijden, beloning, arbeidsomstandigheden, vakantiegeld en -dagen, goed werkgeverschap en zo voort en zo verder – je kunt je er als malafide werkgever geen mallemoer van aantrekken en de overheid draait nog een beleidsrondje. Om duizelig van te worden.

De Rekenkamer doet mee aan deze Haagse schijnwerkelijkheid. De aanbevelingen (die de minister dus van harte overneemt) gaan over zaken als ‘in beeld brengen van slachtoffers’, ‘informatie verbeteren’ en ‘verkennen’ hoe ‘instrumenten verbeterd kunnen worden’, uiteraard ‘in overleg met de minister van Veiligheid en Justitie’. Het zijn, voor malafide werkgevers, zeer geruststellende aanbevelingen. Zij kunnen de komende jaren hun goddelijke gang blijven gaan.

Voor de slachtoffers is het een schrale troost dat zij ‘beter in beeld zullen worden gebracht’, maar vast een opsteker als ze zullen lezen dat hun ‘positie wordt verbeterd’ bij uitbuiting light. Voor de goede werkgevers die met het uitbuitingstuig moeten concurreren is er geen hoop op een eerlijke concurrentiestrijd.

Een lerende overheid? Ja, graag. Maar die moet dan niet alleen beleidsrondjes draaien, maar ook de echte lessen trekken uit het gevoerde beleid. Te weten: de aanpak van uitbuiting is faliekant mislukt. Het beleid moet radicaal anders. Dat is urgent. Dat is belangrijk. Mensen worden straffeloos uitgebuit. In Nederland. Aan het werk!

Frank Kalshoven is directeur van De Argumentenfabriek. Reageren? Email: frank@argumentenfabriek.nl.

Meer over