De euro heeft hier nog nooit geleefd

Hoe hoog is de boete voor een kapotte fietslamp, of voor wildplassen? Een rond bedrag in guldens, blijkt bij omrekenen....

Nu de Griekse schuldencrisis overslaat op Portugal en Spanje en een Europese crisis dreigt, schudt de euro op zijn grondvesten. De euro kelderde naar 1,28 dollar, het laagste punt in 14 maanden. Onder economen en politici gaan steeds meer stemmen op om de euro af te schaffen. De gulden terug: daarmee zou de staat een hoop Nederlanders plezier doen.

Want de euro leeft niet en heeft nooit geleefd. Ten eerste hebben euro’s geen bijnaam. Je hoort wel eens pleuro, maar dat is geen koosnaam maar een scheldnaam. Piek, stuiver, knaak, dubbeltje, joetje, geeltje, meier, snip – de talrijke bijnamen uit het guldentijdperk kregen nooit een tegenhanger in de eurotijd. ‘Geef maar twee kwartjes’, hoorde ik laatst een oudere man op een boekenmarkt tegen een meisje van een jaar of twaalf zeggen. Ze keek de man verbouwereerd aan. Pas bij zijn ‘vijftig cent’ begreep ze hem.

Het ministerie van Financiën wilde bij de invoering van de tastbare euro op 1 januari 2002 graag dat euromunten en eurobiljetten net als de gulden koosnamen zouden krijgen. Financiën organiseerde zelfs een bijnamenwedstrijd. De jury benadrukte alleen ‘realistische inzendingen’ te hebben bekroond. 5 eurocent zou als koosnaam Handje krijgen, 10 eurocent Deuppie en 20 cent Dubbeldeuppie. Voor 50 cent won Halfom. 1 euro werd Gouwering, ‘naar het bicolore uiterlijk’. Daalder kreeg een nieuwe gedaante met de 2-euromunt, en Joet dankzij het 10-eurobriefje. Het 5 euro-biljet zou kleb, (KLeinste Euro Biljet) gaan heten. 20 euro werd Blauwtje, 50 euro Brammetje, 100 euro (groen) Hulk, 200 euro Dubbeldekker en 500 euro Eurotop. Heeft iemand deze bijnamen ooit gehoord? Ik ook niet.

Ten tweede blijkt steevast uit elk onderzoek naar de acceptatie van de euro dat de Nederlander de euro niet omarmt. 72 procent zegt nog wel eens prijzen om te rekenen, concludeerde onderzoeksbureau Synovate vorig jaar. Vier op de tien vrouwen rekenen de boodschappen meestal om. Slechts 43 procent van de vrouwen en 61 procent van de mannen is volledig gewend aan de euro.

Uit de GfK Euromonitor van eind 2008 bleek dat bijna de helft van de Nederlanders de gulden terug wil. Bijna alle Nederlanders (89 procent) vonden dat de prijzen zijn gestegen door de euro. Het Nederlandse ‘nee’ tegen de Europese Grondwet in het referendum van juni 2005 was in feite een ‘nee’ tegen de euro. De Eurobarometer, een enquête onder ruim 12 duizend Europeanen, wees in januari van dat jaar uit dat Nederlanders veel negatiever over de euro zijn dan burgers in andere eurolanden. En halverwege 2003, verkeerden 200 duizend gezinnen zelfs in problemen door de euro, alarmeerde het Nibud destijds. ‘De consument geeft meer uit omdat hij of zij het prijsgevoel is kwijtgeraakt.’

De econoom Caren Schelleman van de Universiteit Maastricht illustreerde dat verlies heel fraai in een stelling bij haar proefschrift in 2003. ‘Nederlandse eurogebruikers kunnen in grofweg twee categorieën worden ingedeeld: zij die de aankoop nog steeds omrekenen naar guldens en zij die achteraf constateren dat ze meer hebben betaald dan ze oorspronkelijk dachten.’

En nog steeds staan er elk jaar weer economen op die vinden dat de gulden met een omwisselkoers van 45 eurocent, te goedkoop is ingewisseld. Maar ook bij officiële instanties is de gulden in feite nooit weggeweest. Wie zelf zijn aangifte inkomstenbelasting over 2009 deed, kon lezen dat ouders hun kinderen belastingvrij 4.556 euro mogen schenken. Dat is omgerekend precies 10 duizend gulden. Het bedrag dat ouders hun kinderen tussen hun 18de en 25ste eenmalig belastingvrij mogen schenken, ademt datzelfde guldenheimwee: 22.760 euro, oftewel 50 mille rond in oude guldens. TNT Post verhoogde op 1 januari 2007 zijn belangrijkste tarief, de postzegel voor brieven tot 20 gram, van 39 naar 44 cent. Exact een gulden.

De guldennostalgie heerst. Bij zowat elk restaurant dat Mac van Dinther in Volkskrant Magazine recenseert doet het menu 45 euro. En wat kost een bekeuring tegenwoordig? Fietslamp kapot, wildplassen, graffiti aanbrengen: 90 euro. Ofwel 200 gulden. Bouwfonds Hypotheken veranderde in 2007 zijn naam in Florius. De naam verwijst uitdrukkelijk naar de gulden maar ook de f en l in het Florius-logo, die samen een onvervalst florijn- of guldenteken vormen. Zeker voor een hypotheekaanbieder ostentatieve guldenweemoed.

ING haalde de gulden terug voor de manchetknopen die de bank in zijn Rentepuntenwinkel verkoopt. Er zijn versies met centen en kwartjes. ‘Manchetknopen gemaakt van echte centen!’ staat er verlekkerd bij. Echte centen: de gulden is de ware munt.

Hoe goed de sponsor van Het Nederlands Elftal de stemming aanvoelt, bleek na 31 december 2006, toen de Nederlanders hun guldenmunten voor het laatst konden inwisselen. Er werd voor slechts 14,6 miljoen euro aan dubbeltjes, kwartjes en rijksdaalders ingeruild, van de 500 miljoen euro aan guldenmuntjes die nog in omloop was. Dit ondanks een grootschalige omwisselreclamecampagne in najaar 2006. Iedereen wilde zijn guldens houden.

En, hoe ironisch, op de bouwplaats van het vernieuwbouwde Stedelijk Museum in Amsterdam werd ineens fraai duizendguldenkruid aangetroffen. Op Terschelling keerde in 2006 het strandduizendguldenkruid terug, zoals Staatsbosbeheer triomfantelijk meldde. Duizendgulden! Daar kan geen 450 euro tegenop.

Meer over