NieuwsFusie CaixaBank en Bankia

De coronacrisis dwingt twee Spaanse banken tot megafusie

De twee grote Spaanse banken CaixaBank en Bankia gaan fuseren, waardoor ze samen de grootste bank van Spanje worden. Dat hebben de bestuurders donderdag besloten. Ze hopen dat de nieuwe bank beter bestand is tegen de economische gevolgen van de coronapandemie.  

Kantoor van CaixaBank in Barcelona, Spanje. De fusiebank zou onder de naam CaixaBank verdergaan.Beeld AP

Nu de Spaanse economie in een diep dal zit vanwege de coronacrisis − het bbp maakte in het tweede semester een duikvlucht van 18,5 procent − hebben ook de banken het moeilijk. Hun inkomsten lopen terug en de verwachting is dat steeds meer klanten hun leningen niet kunnen terugbetalen. Voor de bank zit er niets anders op dan te bezuinigen, en dat is gemakkelijker met z’n tweeën: een deel van de kantoren kan worden gesloten, het personeel naar huis gestuurd.

De nieuwe bank zal CaixaBank heten, een alom gerespecteerde naam in Spanje. De van oorsprong Catalaanse bank, die onder invloed van de onafhankelijkheidsbeweging in 2017 haar officiële zetel evenwel verplaatste naar Valencia, staat bekend om haar sociale projecten en heeft zelfs eigen kunstmusea.

Van een dergelijk prestige is bij Bankia geen sprake. Deze bank ontstond in 2010, uit een fusie van zeven instabiele spaarbanken, waaruit regionale politici jarenlang naar behoeven hadden geput voor twijfelachtige (bouw)projecten. Aan de top van de nieuwe bank kwam de voormalige IMF-topman Rodrigo Rato te staan. Hij zit inmiddels in de gevangenis, omdat hij met een creditcard van de bank volop luxe-uitgaven deed, zonder daarover belasting te betalen. Ook wordt Rato vervolgd voor het geven van valse cijfers bij de beursgang van Bankia. Spanje moest de bank later redden, met steun vanuit Europa.

Duivels dilemma

Nog altijd is de Spaanse staat voor 62 procent eigenaar van Bankia. In de nieuwe bank zal het aandeel van de staat veel kleiner zijn, ongeveer 15 procent. Volgens analisten wordt het gemakkelijker om de nieuwe aandelen te verkopen op de markt, om zo het geïnvesteerde overheidsgeld (deels) terug te krijgen. Het stelt de linkse regering van Spanje wel voor een duivels dilemma: hoe meer ontslagen er vallen, hoe winstgevender de nieuwe bank zal zijn, en hoe beter ze haar aandeel kan verkopen.

Onmogelijk zal het niet zijn om kantoren te sluiten. Als je alle Europese landen op een rij zet, vind je alleen in Luxemburg meer banken per 100 duizend volwassen inwoners dan in Spanje. Enerzijds komt dat doordat het Spaanse binnenland dunbevolkt is. Anderzijds heeft het te maken met de rol die de bank in de samenleving speelt: iedere klant kent zijn bankemployé persoonlijk en andersom. Het is heel normaal om te worden benaderd met op maat gesneden financiële adviezen.

Het is de vraag of dit in de toekomst zo blijft. Van de 6.000 kantoren zouden er 1.500 dicht moeten. De bank komt daardoor onherroepelijk op grotere afstand van de klant te staan.

Meer over