China maakt avances om Indiaas wantrouwen weg te nemen

China flirt met India, maar de vraag is of de economische handreikingen voldoende zijn om het wantrouwen van India weg te nemen....

‘India is een geweldig land, en Indiërs zijn geweldige mensen.’ De Chinese president Hu Jintao begon zijn bezoek aan India dinsdag in New Delhi met een opvallend charme-offensief, dat duidelijk maakt dat Peking iets wil doen aan de sfeer van wantrouwen die nog steeds bestaat tussen de twee nieuwe wereldmachten.

Hu is de eerste Chinese president in tien jaar die India bezoekt. Met het vierdaagse bezoek wil Peking de banden met New Delhi aanhalen, met handelsbevordering als voornaamste instrument. De wederzijdse handel, nu goed voor zo’n vijftien miljard euro, moet in 2010 zijn verdubbeld.

De vraag is, of het perspectief van een hechtere economische relatie voldoende is om het wantrouwen van India weg te nemen over de Chinese opmars in de regio. China heeft nauwe militaire banden met India’s traditionele tegenstander Pakistan. Het is ook druk bezig de banden aan te halen met India’s buren Bangladesh, Sri Lanka en Birma.

De moeizame verhouding tussen India en China dateert van 1962, toen beide regionale grootmachten een grensoorlog voerden in het hooggebergte bij Tibet. China claimt nog steeds een deel van de noordoostelijke Indiase deelstaat Arunachal Pradesh, omdat het deel zou uitmaken van Tibet, de Chinese grensprovincie die na de Tweede Wereldoorlog gewapenderhand door Peking werd ingelijfd.

India op zijn beurt bestrijdt het recht van China op 38 duizend vierkante kilometer praktisch onbewoond gebergte aan de andere kant van het Tibetaans plateau. Dit deel van Kashmir werd 44 jaar geleden bezet door het Chinese leger. In diezelfde regio smeult het conflict tussen Pakistan en India over andere delen van Kashmir.

Hu bezoekt na India ook Pakistan, waar hij naar verwachting een overeenkomst zal sluiten over verdere samenwerking op het gebied van kernenergie. De Chinezen ontwikkelen samen met de Pakistaanse luchtmacht ook een moderne straaljager, die in licentie in Pakistan zal worden gebouwd.

Peking zette dinsdag een opvallende stap om de Indiërs in te palmen. Hu bood zijn gastheer premier Manmohan Singh aan te gaan samenwerken op nucleair gebied. Singh, die onlangs met Washington een samenwerkingspact op het gebied van kernenergie aanging, verwelkomde het gebaar.

Hu en Singh spraken op de eerste dag van het bezoek ook af dat het grensgeschil, waarover nu al 25 jaar vruchteloos wordt onderhandeld, spoedig tot een ‘fair, redelijk en voor beide partijen aanvaardbaar’ einde moet worden gebracht. De gesprekken tussen de speciale gezanten die beide landen eerder hebben benoemd, zullen daartoe worden geïntensiveerd.

De Chinese inzet om de banden met India aan te halen, lijkt mede bedoeld als tegenwicht tegen de groeiende Amerikaanse relatie met India. Washington ziet in India, de grootste democratie ter wereld, een vitale partner in Azië.

Volgens Indiase waarnemers volgt New Delhi met argusogen de vorderingen van China in de ‘achtertuin van India’. Zo hebben de Chinezen een haven aangelegd in Gwadar aan de Pakistaanse kust, die volgens Peking bedoeld is voor handelsdoeleinden, maar die ook gebruikt kan worden door de Chinese marine. In Birma, Bangladesh en Sri Lanka is China ook bezig met havenontwikkeling.

China heeft verder een nieuwe spoorweg aangelegd naar Tibet, een regio die historisch een gevoelig punt is voor India. Drie belangrijke Indiase rivieren, de Indus, de Sutley en de Brahmaputra, ontspringen in Tibet. Peking heeft onlangs ontkend dat het de Brahmaputra wil gebruiken om het droge noorden en westen van China van water te voorzien en energie op te wekken, maar India is er niet gerust op.

De handelsbetrekkingen tussen beide opkomende wereldmachten zitten de laatste tijd duidelijk in de lift. Elk jaar groeit het volume met meer dan 20 procent, waarbij China vooral industriële producten exporteert en India hightech diensten levert. Zo wil het Indiase softwareconcern Infosys de komende drie jaar sterk uitbreiden in China door de werving van duizenden software-ontwikkelaars, omdat in China de lonen in deze sector nog aanmerkelijk lager zijn.

‘China en India zijn beide belangrijke ontwikkelende landen, en onze verhouding is voor de hele wereld van belang’, zei Hu in New Delhi. Maar voordat de goede tijden van de jaren vijftig van de vorige eeuw terugkeren, toen beide landen ook eventjes nader tot elkaar kwamen, zullen eerst concrete stappen gezet moeten worden. Mooie voornemens en meer handel alleen, nemen het diep verankerde wantrouwen niet weg.

Meer over