Bultrug op het menu

In Japan wordt nog volop walvisvlees verhandeld. En niet alleen van soorten waar het land wetenschappelijk onderzoek naar doet...

BART DIRKS

VLEES VAN beschermde walvissen is op de markt in Tokyo gewoon te koop, beweert de Nieuw-Zeelandse onderzoeker Scott Baker. In Japan kocht hij vlees waarvan hij vermoedde dat het van walvissen afkomstig was.

Om zelf niet het internationale exportverbod op walvisvlees te schenden, dupliceerde Baker naar eigen zeggen ter plekke het DNA. De kopie nam hij mee naar zijn laboratorium in Auckland. Daar bleek dat het soorten betrof als de bultrug, de orka en de Bryde's walvis.

Baker maakte zijn bevindingen woensdag op een gepast moment wereldkundig. Momenteel vindt in Harare (Zimbabwe) de tiende Cites-conferentie plaats, over handel in bedreigde uitheemse dieren en producten. Japan pleit daar samen met Noorwegen voor opheffing van het verbod op commerciële walvisvangst. Ze stellen een gereguleerde vangst en handel voor op de bultrug, de Bryde's-walvis, de grijze walvis en de dwergvinvis.

Het vangstverbod geldt sinds 1986 en werd vastgesteld door de Internationale Walvisvaart Commissie (IWC). De Cites-conferentie nam dit besluit over. Noorwegen tekende destijds officieel protest aan bij de IWC en jaagt nog steeds om commerciële redenen op Noord-Atlantische dwergvinvisen. De Noorse koelhuizen raken overvol, want het vlees mag niet worden geëxporteerd.

'In Noorwegen zelf is nauwelijks een afzetmarkt voor walvisvlees. De walvisvaarders speculeren dus op een spoedig einde van het exportverbod, anders heeft verder jagen weinig nut', aldus beleidsmedewerker K. Lankester van Natuur en Milieu.

Japan legde zich in de jaren tachtig wel neer bij het verbod op commerciële walvisvangst, maar vangt jaarlijks 550 grijze walvissen en Bryde's walvissen voor wetenschappelijk onderzoek. 'In feite is dat onderzoek een dekmantel van de commercie', stelt Lankester. 'Het vlees van die 550 walvissen komt via een omweg gewoon in Japanse winkels en restaurants terecht. Daarmee verdient dat wetenschappelijk instituut jaarlijks ruim vijftig miljoen gulden, ofwel bijna honderdduizend gulden per walvis.'

In Japan is walvisvlees een delicatesse waar grof geld voor wordt neergeteld. Daarom doet Noorwegen er alles aan om het exportverbod op te heffen. Lankaster: 'Japan en Noorwegen willen tijdens de Cites-conferentie een aantal walvissen verplaatsen van bijlage 1, met dieren die totale bescherming genieten, naar bijlage 2. Dieren, opgesomd in die tweede lijst, mogen onder strikte voorwaarden worden bejaagd.' Voor dieren uit lijst 1 geldt een absoluut handelsverbod, ook voor de producten die ervan zijn gemaakt.

Het voorstel om de regels te versoepelen maakt in Harare weinig kans, vermoedt Lankester. Maar Japan en Noorwegen grijpen elke gelegenheid aan om het verbod op vangst en uitvoer te torpederen.

Het Wereld Natuur Fonds is bang dat de door Japan en Noorwegen beoogde hervatting van de legale handel in walvisvlees een grote bedreiging is voor de walvissoorten die op bijlage 1 blijven staan. 'Het zal heel moeilijk zijn om vlees van beschermde en niet-beschermde walvissen te onderscheiden. De controle die landen zoals Japan en Zuid-Korea uitvoeren op de plaatselijke handel is ontoereikend.'

Het Wereld Natuur Fonds hoopt dat de voorstellen van Japan en Noorwegen de komende week in Harare worden verworpen.

Bart Dirks

Meer over