Bulldozers op de zeebodem dreigen bijzondere natuur om te ploegen

Goud en andere metalen zijn te winnen in zee. Critici vrezen ecologische schade...

Het is een goudmijn, de zee, met meer dan goud alleen. Ook zilver, zink, ijzer, koper en lood liggen er voor het oprapen, denken mijnbouwbedrijven die op het punt staan de oceaanbodem te ontginnen. Alleen jammer dat de voorraden net rond ondergrondse geisers liggen, omringd door een schat aan unieke diersoorten.

Komende weken doet een schip van het Engelse bedrijf Seacore voor de kusten van Nieuw-Zeeland en Papoea-Nieuw-Guinea de eerste commerciële proefboringen in de oceaanbodem. Op twee kilometer diepte hopen de Engelsen metaalafzettingen te vinden die groot genoeg zijn om met winst te kunnen afgraven. De boorders hopen op een pakket van vijftien meter dik en enkele honderden meters in diameter.

Eerdere seismische en magnetische metingen hebben aangetoond dat de metaalertsen zich bevinden rond zogeheten 'zwarte smokers', metershoge pijpen op de oceaanbodem die dikke zwarte rook uitspuwen. Deze hydrothermische schoorstenen zijn pas in 1977 ontdekt, toen expedities een kijkje gingen nemen bij de midoceanische rug waar de bodem van de Atlantische Oceaan splijt en opborrelend magma de spleet opvult. Later zijn ze ook ontdekt aan de randen van de oceanische platen. Ook daar borrelt gesmolten magma naar boven, wat kan leiden tot uitbarstingen van (onderzeese) vulkanen.

Op andere plekken mengt het magma zich eerst met zeewater, dat via spleten de aardkorst in sijpelt. De temperatuur van het water loopt op tot enkele honderden graden (vanwege de hoge druk op kilometers diepte gaat het niet koken), zwaveldampen uit het magma verzuren het water. In die warme, zure vloeistof lossen vervolgens mineralen uit de aardkorst op, waaronder goud, zilver, ijzer, koper, zink en lood.

Via andere spleten spuit het ziedende water weer uit de aardkorst omhoog tot het in contact komt met het ijskoude water boven de zeebodem. Daardoor slaan de opgeloste mineralen neer.

Wat resulteert, is een een brosse schoorsteen rond de hete waterfontein, en daarboven een wolk van roetig water. De pijp groeit steeds verder omhoog, tot hij omvalt. Dat proces herhaalt zich zo vaak, dat rond de geiser een koepelvormige laag afzettingsgesteenten groeit. Het is die laag waar het om te doen is.

Veelbelovend

Want de ertsconcentraties zijn veelbelovend. Zo meldden Japanse onderzoekers in 1999 in Science dat de Sunrise Deposit voor de kust van Japan 20 procent zink bevat en 5 procent koper. De hoeveelheden goud en zilver bleken 18 en 1200 gram per duizend kilogram, twee tot drie keer zo veel als in rijke bovengrondse mijnen.

Probleem is dat de schoorstenen ook aan het begin staan van een unieke onderzeese voedselketen, die merkwaardig genoeg in het aardedonker kan functioneren.

Het water dat uit de pijpen komt, bevat namelijk ook ingrediënten die een alternatief vormen voor zonlicht. Op het land en in de bovenste regionen van de oceanen gebruiken planten zonlicht om uit kooldioxide en water voedsel te bereiden. In de pikzwarte diepzee doen bacteriën het met de zogeheten chemosynthese: ze zetten het waterstofsulfide dat uit de hete fonteinen komt, met kooldioxide en zuurstof om in water, zwavel en koolhydraten. Daar kunnen andere organismen op gedijen, zoals meterslange reuzenwormen.

Die biotoop, zeggen milieubeschermers, is te bijzonder om door grote onderzeese graafwerkzaamheden te laten vernietigen.

Dat de oceaanbodem bescherming behoeft, is sinds 1982 officieel. Toen werd het Verdrag van de Verenigde Naties inzake het Recht van de Zee van kracht, dat inmiddels is ondertekend door alle belangrijke landen, inclusief Nieuw Zeeland en Papoea-Nieuw-Guinea, exclusief de Verenigde Staten. Moraal van het verdrag: de zee is een gemeenschappelijke erfenis van de mensheid.

Maar over metaalwinning bij hydrothermische spleten zijn nog geen concrete reglementen opgesteld. De secretaris-generaal van de daartoe opgerichte Internationale Zeebodem Autoriteit (ISA), klaagde in zijn laatste rapportage (eind vorige maand) over 'gebrek aan medewerking' van de lidstaten. Terwijl er volgens hem extra maatregelen nodig zijn wegens het grote risico van milieuschade.

Zo zou het afgraven met grote bulldozer-achtige machines de schoorstenen vernielen en veel stof opwerpen, wat de kieuwen van de vissen kan verstoppen.

Ook blijft er veel omgeploegde en vergiftigde rotzooi achter: volgens de Canadese mijnbouwonderzoeker Steven Scott wordt eenvijfde van het gesteente (met grote stofzuigers) omhoog gezogen en blijft de rest achter. 'Maar eventuele giftige stoffen kunnen geen bezwaar zijn', zei Scott op een presentatie voor de ISA. 'De omgeving is van nature al giftig.'

Er is wel gedacht om de metaalrijke rookpluimen rechtstreeks uit de schoorstenen af te zuigen, maar dat lijkt onhaalbaar: dan zouden de metalen al onderweg naar boven in de afvoerbuis neerslaan.

Om de schoorsteenhabitat toch te ontzien, zeggen de mijnbouwers alleen gebieden rond niet-actieve spleten te ontginnen. Maar volgens zeebodembeschermers staan actieve en niet-actieve schoorstenen vaak door elkaar heen.

Voorlopig kunnen de boorbedrijven hun gang gaan: de beoogde ertsvelden liggen niet in internationale wateren, maar zijn eigendom van Nieuw-Zeeland en Papoea-Nieuw-Guinea. En die hebben de exploitatierechten gewoon verkocht.

Meer over