Boze reacties op sluiting van verkeersader in Jeruzalem op sabbat Rabbijnen winnen slag om de Bar Ilan-straat

Ultra-orthodoxe rabbijnen hebben een grote overwinning behaald in de onderhand 'heilige oorlog' om een vitale verkeersader in Jeruzalem. De Bar Ilan-straat, schakel in de verbinding tusen het noorden en westen van de stad, is vanaf nu tijdens gebedsuren op sabbat voor alle verkeer gesloten....

Van onze verslaggever

Ben Haveman

JERUZALEM

Het besluit van transportminister Yitzhak Levy (van de nationaal-religieuze partij Mafdal) heeft dit weekeinde in Israël grote woede gewekt, vooral bij niet-orthodoxe omwonenden. Zij voelen zich door de maatregel nog verder geïsoleerd dan al het geval was. Ze worden nu gedwongen hun auto's soms kilometers ver van hun huizen te parkeren.

Rond de extreem religieuze woonwijk Me'a She'arem kwam het op sabbat bijna elke week tot botsingen met passerende auto's. Ze werden bekogeld met vuilnis en stenen. Daarbij moest ook de politie het ontgelden; die probeerde de Bar Ilan-straat open te houden in opdracht van Justitie. Want op 13 april besloot het Hooggerechtshof dat (voorlopig) wel degelijk verkeer was toegestaan op de omstreden verbinding.

Voor een definitieve oplossing verwees de rechter de zaak door naar een onderzoekscommissie, geleid door de (religieuze) minister van Verkeer en Transport. De uitkomst van dat onderzoek stond op voorhand vast.

Hoewel de Bar Ilan-straat buiten gebedsuren wel mag worden bereden, komt de maatregel in praktijk neer op bijna continue sluiting. 'Zoveel tijd nemen de gebeden immers in beslag', aldus protesterende linkse politici van Meretz en de Arbeidspartij. Zij overwegen stappen bij het Hooggerechtshof. Ultra-orthodoxen zien hun overwinning als 'een juiste maatregel om spanningen in onze wijk eindelijk te verminderen'.

Op de Westelijke Jordaanoever is de spanning intussen toegenomen, nu het leger daar vijfhonderd illegaal gebouwde huizen van Palestijnen wil afbreken. Volgens de Israëlische radio is sloop onvermijdelijk en consequent, omdat het leger eerder drie illegale huizen van joodse kolonisten in de buurt van Nablus met de grond gelijk heeft gemaakt. Die huizen zijn overigens kort na de sloop weer door de kolonisten zelf herbouwd.

In een brief aan president Clinton heeft PLO-leider Yasser Arafat gevraagd om de sloop van Palestijnse huizen te verijdelen. Arafats minister van Informatie beschuldigde Israël van 'een racistische politiek tegen het Palestijnse volk'.

Bij Ramallah is dit weekeinde het lijk van een 46-jarige Palestijn gevonden. De man, die zou zijn vermoord wegens het verkopen van grond aan de Israëli's, was met een aantal kogels door het hoofd geschoten.

Familieleden van het slachtoffer ontkenden overigens dat de man bij grondtransacties betrokken zou zijn. Ze beschuldigen de Palestijnse Autoriteit ervan de hand te hebben gehad in de liquidatie. Diezelfde Palestijnse Autoriteit is al eerder beticht van moord op een 70-jarige Palestijn op 9 mei, die eveneens land aan Israëli's zou hebben verkocht.

Meer over