Bondsman die wars is van actiepet

De nieuwe voorzitter van vakcentrale CNV lijkt weinig op sommige van zijn ‘activistische’ FNV-collega’s. Jaap Smit is meer de man van het heilzame gesprek....

Jaap Smit (53) is geen doetje. Dat wil hij graag gezegd hebben. Maar de houding van de nieuwe voorzitter van vakcentrale CNV staat wel in schril contrast met sommige van zijn ‘activistische’ FNV-collega’s. Hij gelooft eerder in de heilzame werking van een goed gesprek. Hij denkt niet dat je vakbondswerk moet zien als strijd tussen ‘het kapitaal en arbeid’. En de actiepet? Die zet hij pas op als het écht niet anders kan, zegt dochter Christine.

‘Toen hij net benoemd was als voorzitter van CNV, liep ik op het Centraal Station in Utrecht’, zegt de 24-jarige studente rechten. ‘Daar stond het vol trommelende, actievoerende schoonmakers. Dus ik sms’te hem: Pap, je gaat straks toch niet ook op een zeepkist staan?’

Wat Jaap Smit betreft hoeft ze zich geen zorgen te maken, want de zeepkist is niet iets waar hij het eerste aan denkt. ‘Mijn motto is: constructief waar het kan, strijdbaar waar het moet.’ Zijn achterban bestaat immers voor een groot deel niet uit leden die niet meteen de fluitjes, petjes en protestvlaggen van stal halen. ‘Mensen met een gevoel voor de realiteit’, noemt hij ze zelf. En daarmee voedt hij zijn overtuiging dat je je als vakbond niet moet concentreren op het behoud van verworven rechten, maar op het behoud van verworven waarden.

Hij wil best over de verhoging van de AOW-leeftijd praten, maar alleen als er concrete afspraken gemaakt kunnen worden over hoe ouderen op een gezonde manier hun pensioen kunnen halen. ‘In een veranderende wereld kan het dat verworven rechten aangepast worden, maar we moeten zorgen dat de verworven waarden wel overeind blijven.’

Deze gematigde houding vertaalde Smit maandag meteen in de looneis van CNV. Concurrent FNV eist 2 procent. CNV komt met een iets lagere eis van 1,5 procent meer loon, oftewel het verwachte inflatiepercentage.

Geen vakbondslid
Deze zomer trad Smit aan als voorzitter van de christelijke vakcentrale met 350 duizend leden. De keuze voor deze voormalige legerdominee was opvallend. Smit was tot mei 2010 niet eens lid van CNV, en de vakcentrale had in het verleden weinig succes geboekt met voorzitters van buiten de polder. Zo bleek het vakbondswerk voor zijn voorganger René Paas te taai. Hij bekende grote moeite te hebben om de tien autonome CNV-bonden bij elkaar te houden. Smit ziet dit probleem ook wel, maar heeft bij zijn aantreden de voorzitters van de bonden duidelijk gemaakt dat hij alleen zou komen als de afzonderlijke bonden zich net als hij willen inzetten voor een sterk CNV.

‘Hij heeft hier al ervaring mee opgedaan toen hij directeur van Slachtofferhulp Nederland was’, zegt Cobie de Vries, zijn voormalige secretaresse. Smit voegde afgelopen jaren de 25 provinciale stichtingen samen tot zeven regio’s, die begeleid worden vanuit één hoofdbureau. ‘Dit stuitte natuurlijk ook op veel weerstand, omdat mensen voortaan niet alles meer zelf konden bepalen. Maar hij is er heel goed in om alle neuzen dezelfde richting op te krijgen. En als er dan toch nog mensen tegenstribbelen, dan aarzelt hij niet een knoop door te hakken.’

Wat zijn vrouw Hilgen Smit-Boersma betreft is het niet meer dan logisch dat haar man na zeven jaar Slachtofferhulp thuiskwam met de mededeling dat hij interesse had in de baan bij CNV. Op zijn gevarieerde cv blijkt hij altijd na een paar jaar te wisselen van werkgever. ‘Hij wil graag zijn bijdrage leveren aan de maatschappij’, zegt zijn vrouw. ‘En dan niet op dorpsniveau.’

Smit wordt omschreven als een gedreven man, die goede analyses kan maken en durft te confronteren. ‘Hij heeft weinig geduld als mensen met een mooi verhaal, vol prachtige, maar holle zinnen aankomen’, zegt Gerard ten Brincke, directeur van Europeesche verzekeringen. Beiden kennen elkaar van de Letselschaderaad, een soort polderoverleg voor onder meer verzekeraars, advocaten en Slachtofferhulp Nederland. ‘Als er iemand met een zweverig verhaal kwam, dan kon hij heel fel worden.’

Smit werd geboren in ’t Harde, een klein dorp in Gelderland, op 8 maart 1957, als de oudste van een gezin van vijf. Het gezin wordt omschreven als ‘een sociaal nest, waarin zorg voor andere mensen voorop stond’. Zijn vader was beroepsmilitair en actief in de ARP (een van de voorgangers van het CDA). Zijn moeder zette zich in voor de kerk en de school. Daarnaast ging er veel aandacht uit naar het zwaar gehandicapte zusje. Hoewel Smit zorgen heeft over de kabinetsformatie en de perikelen in het CDA, is hij nog altijd lid. Hij is niet het type dat zich laat leiden door dagkoersen, aldus een oud-collega.

Eigenlijk wilde Smit dokter of dierenarts worden. Maar toen hij keer op keer werd uitgeloot, besloot hij vrede te hebben met zijn ‘parkeerstudie’ theologie. Tijdens zijn studie gaf hij godsdienstles op een middelbare school. Daarna was hij dertien jaar dominee, waarvan vier jaar in het leger. In 1994 stapt hij over naar het bedrijfsleven. Eerst ging hij aan de slag als managementconsultant bij KPMG. In 2001 stapte hij over naar het kleinere Anderson Elffers Felix, dat zich bezighoudt met meer maatschappelijke onderwerpen. In 2003 werd hij algemeen directeur bij Slachtofferhulp Nederland.

De zorg voor anderen is volgens vrienden en familie de rode draad in de carrière van Smit. Maar ook ambitie is hem niet vreemd. Dat is dan ook de reden dat hij zijn toga verruilde voor een pak. ‘Hij wil zich bezighouden met de vraag: hoe behoud je een maatschappij met waarden en normen?’, zegt vriendin Eliane Wiebenga. ‘In de leeglopende kerk kon hij hier te weinig vorm aan geven. Dus toen heeft hij wereldse banen opgezocht. Hij wil met twee benen in de maatschappij staan, en iets voor grote groepen mensen betekenen.’

Een van zijn sterkste eigenschappen, vindt Wiebenga, is dat hij altijd naar oplossingen zoekt. In een periode dat het wat minder ging met haar familie, stond Smit op de stoep. ‘Hij is er meteen voor je, en biedt een luisterend oor. Maar hij neemt geen genoegen met eindeloos in een hoekje zitten huilen. Het leven moet ook weer leuk worden. Dus toen vroeg hij mij of ik samen met hem muziek wilde maken.’

Jongeren aantrekken
Een van de doelen van Smit is om de vakbond te moderniseren. Want jongeren aantrekken is voor de vakbeweging een van de grootste problemen. Hoe hij dit precies zal doen? ‘We zullen in nieuwe taal duidelijk moeten maken wat het belang is van de vakbeweging in deze tijd en nieuwe vormen moeten zoeken om mensen aan ons te binden als leden’, vertelt hij. ‘Daar ga ik in de komende jaren naar op zoek.’

Meer over