de ondernemingboerschappen

Boerschappen wil met maaltijdboxen direct van de boer de voedingsindustrie opschonen

Directe verkoop door boeren neemt toe. Bijvoorbeeld via Boerschappen, dat voedselboxen samenstelt met producten van boeren in de omgeving. ‘Moet je voelen, die is nog nat. Vanmorgen opgehaald bij de boer, vanmiddag ligt deze bij iemand thuis.’

CEO Stijn Markusse van Boerschappen.  Beeld Sabine van Wechem
CEO Stijn Markusse van Boerschappen.Beeld Sabine van Wechem

Stijn Markusse voelde weinig voor een bijdrage aan deze rubriek. Waarom zijn jaaromzet noemen in een landelijke krant als nu al wekelijks investeerders aan de lijn hangen die een graantje willen meepikken van zijn snelgroeiende onderneming Boerschappen. Een nietszeggend, eendimensionaal getal vindt Markusse het ook, omzet.

Bedrijf: Boerschappen

Waar: Breda

Sinds: 2014

Aantal werknemers: 50

Jaaromzet: 6 miljoen euro

‘Wij willen met onze maaltijdboxen op een heel andere manier waarde toevoegen’, zegt hij. ‘Door duurzame relaties aan te gaan met boeren uit de directe omgeving. Laten zien dat het gemakkelijk is een keten die deugt ook vrolijk, mooi en sexy te maken. Dit is allemaal niet in één getal te vangen.’

Doe toch niet zo moeilijk over het noemen van de omzet, reageerde zijn vriendin Stéphanie Vellekoop. Ze heeft met de andere 50 procent van de aandelen in Boerschappen wat in de melk te brokkelen. Feitelijk heeft de 35-jarige Markusse Boerschappen aan zijn vriendin te danken.

Dat ging zo. Om medische redenen mocht Vellekoop in 2013 vijf maanden geen suiker eten. Dat lukte dus niet met supermarktvoedsel. ‘Zelfs in vlees stoppen ze suiker.’ Markusse begon bij boeren in de buurt zelf onbewerkte producten op te halen. Om die ritjes met vlees, groente, fruit en zuivel wat rendabeler te maken, kocht hij ook in voor een groep vrienden. Al snel toonden vrienden van vrienden ook interesse in de voedselboxen die hij vanuit zijn huis in Breda was gaan samenstellen. Na een stuk in de lokale krant kwamen daar ineens zeventig onbekenden bij. In april 2014 stond hij ingeschreven bij de Kamer van Koophandel.

Inmiddels gaan bij Boerschappen wekelijks zo’n 5.000 maaltijdboxen de deur uit. Het zwaartepunt van de organisatie ligt niet meer alleen rond Breda, maar wordt sinds de overname dit jaar van het vergelijkbare Support Your Locals - een Amsterdams initiatief uit coronatijd - ook de Randstedelijke klant voorzien van voedsel uit de buurt.

Leden zijn niet verplicht iedere week af te nemen bij Boerschappen. Als ze vijf dagen van te voren laten weten wat ze willen, heeft Boerschappen genoeg tijd om precies genoeg in te kopen en verspilling te voorkomen.

In de koelcel pakt Markusse tussen de dozen en kratten een paksoi en wrijft over de snijplek aan de onderkant van de Chinese kool. ‘Moet je voelen, die is nog nat’, zegt hij. ‘Vanmorgen opgehaald bij de boer, vanmiddag ligt deze bij iemand thuis. Zo gaat het iedere dag.’

null Beeld Sabine van Wechem
Beeld Sabine van Wechem

Niet alleen Boerschappen profiteert van de groeiende aandacht voor de boer in de omgeving. Directe verkoop zit zachtjes aan in de lift, bleek deze maand uit CBS-cijfers. Vorig jaar leverde bijna 14 procent van de boerenbedrijven rechtstreeks aan de klant of via maximaal een tussenschakel. In totaal gaat in ‘korte ketens’ nu 1,5 miljard euro om.

Bijna 6 miljoen daarvan kwamen vorig jaar op het conto van Boerschappen. Dit omzetgetal mag Markusse dan weinig zeggen, als hij het de groeispurt van hun organisatie beschrijft refereert hij er wel aan. Voor 2021 stevenen Markusse en Vellekoop af op een verdubbeling van hun omzet. Voor 2023 mikken ze op een omzet richting 30 miljoen euro.

Voedsel leveren uit de nabije omgeving is voor Markusse geen doel op zich. De korte keten is naar eigen zeggen vooral een middel om een vertrouwensband aan te kunnen gaan met boeren. Wat nu eenmaal gemakkelijker gaat als ze vlakbij wonen. Die relatie is nodig om samen met de boer te werken aan eten dat beter is voor mens en aarde. En waar alle betrokkenen ook nog een eerlijk inkomen aan overhouden.

Stilzitten doet Markusse niet aan. Niet op zijn stoel, als hij tijdens het gesprek voortdurend kijkt waarom zijn telefoon nu weer oplicht. Ook in zijn hoofd gaat het alsmaar door. ‘Wat we vandaag doen is altijd saai, want dat hebben we tijden geleden al uitgedacht’, zegt de ondernemer die zijn werkende leven begon in de reclamewereld. ‘Alles staat hier altijd ter discussie. Elke dag willen we slimmer worden.’

Zo ontwikkelen ze naast zijn bestaande boxen, met alleen verse basisingrediënten tot complete maaltijdpakketten inclusief recept, ook een medische variant. Waarmee mensen na een zware operatie bijvoorbeeld snel veel eiwitten en antioxidanten kunnen binnenkrijgen. Ook werken ze zelf aan software, om bijvoorbeeld de boer direct na levering te betalen. Wellicht in de toekomst op basis van voedingswaarde in plaats van kilo’s.

Maar vooral denken ze na over het krijgen van landelijke dekking voor Boerschappen. Want hoe schaal je een initiatief op dat juist gericht is op een kleine regio?

Vrij simpel, denkt Markusse. Gewoon hetzelfde doen op meerdere plekken. Bouw centrale distributiepunten en zoek eromheen boeren. Precies zoals hij en Vellekoop hebben gedaan in Breda en Support Your Locals rond Amsterdam. Voor nieuwe locaties kijken ze nu eerst naar het Groene Hart, de Utrechtse Heuvelrug en regio-Zwolle.

‘Elke van deze hubs moet ongeveer dezelfde omvang krijgen’, zegt Markusse. ‘Heel herkenbaar, met de lichtknop overal op dezelfde plek. Iedere keer als zo’n hub dan te groot dreigt te worden, met zeg een omzet richting de 10 miljoen, dan openen we een nieuwe locatie in diezelfde omgeving. De bestaande hub krijgt dan weer wat lucht, doordat klanten die dichter bij de nieuwe locatie wonen meeverhuizen.’

Op deze manier denkt Markusse eindeloos door te kunnen met kleinschalige boeren. ‘Want als bijvoorbeeld een lokale aardappelteler de vraag toch niet meer aan kan’, zegt hij, ‘dan stappen we niet over naar een grotere, maar zoeken we er gewoon nog een bij.’

Het is een andere manier van denken dan de grote inkoopcombinaties (Albert Heijn, Jumbo, Superunie), die met zijn drieën zo’n 90 procent van de markt verhandelen. Markusse wordt er wel eens moedeloos van hoe zij alleen maar groter worden. Als hij hoort dat Albert Heijn, Vomar en Dekamarkt de Deen Supermarkten onderling verdelen.

De ironie wil dat het kleine distributiecentrum van Boerschappen in Breda uitkijkt op een joekel van de Jumbo. ‘Daar werken ze op de pof van boeren, bodem, lucht en water’, zegt Markusse. Schade die ze bij het kleine Boerschappen, in ruil voor een hogere prijs, zoveel mogelijk proberen te voorkomen.

Markusse mag hun underdogpositie graag vergelijken met de opkomst van Tesla. ‘Slechts een paar jaar geleden sjoemelde Volkswagen nog met diesel en had Tesla nog geen procent marktaandeel’, zegt hij met een lach. ‘Maar Tesla wist met een mooie auto het offer voor de consument, om het goede te doen, zo ver te verlagen, dat het zelfs Volkswagen in transitie kreeg. Dat is wat wij ook willen bereiken.’

. Beeld .
.Beeld .
Meer over